Wat voor werk doe je?
Wat voor werk doe je?

Wat voor werk doe je?

Che lavoro fai?


Sai quali sono i lavori tra i più pagati in Italia?
Weet je welke beroepen tot de best betaalde in Italië behoren?

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Bekijk de video en beantwoord de bijbehorende vragen.

Woord Vertaling
Il lavoro Het werk
La paga Het loon
Il settore De sector
Gli stipendi De salarissen
L'ingegnere De ingenieur
Il commercialista De accountant
Il medico De arts
L'avvocato De advocaat
Una delle prime domande quando si riceve un'offerta di lavoro è: quanto guadagno? (Een van de eerste vragen wanneer je een jobaanbieding krijgt is: hoeveel verdien ik?)
Quali sono i lavori meglio pagati in Italia e qual è la paga nel settore? (Wat zijn de best betaalde banen in Italië en wat is het loon in de sector?)
Indeed risponde a questa domanda e divide i lavori in due gruppi. (Indeed beantwoordt deze vraag en deelt de banen in twee groepen.)
Vediamo le quattro professioni tradizionali che pagano di più. (Laten we de vier traditionele beroepen bekijken die het meest betalen.)
L'ingegnere guadagna tra trentasettemila e cinquantunomila euro lordi all'anno. (De ingenieur verdient tussen zevenendertigduizend en eenenvijftigduizend euro bruto per jaar.)
Il commercialista guadagna da ventisettamila fino a ottantacinquemila euro lordi all'anno. (De accountant verdient van zevenentwintigduizend tot vijfentachtigduizend euro bruto per jaar.)
Il medico guadagna settantacinquemila euro lordi all'anno. (De arts verdient vijfenzeventigduizend euro bruto per jaar.)
L'avvocato guadagna tra ventiseimila e centocinquantamila euro lordi all'anno. (De advocaat verdient tussen zesentwintigduizend en honderdvijftigduizend euro bruto per jaar.)
Nel mondo digitale ci sono lavori come e-commerce manager, web developer e user experience designer. (In de digitale wereld zijn er banen zoals e-commerce manager, web developer en user experience designer.)
Esempi aggiuntivi sono affiliate marketing manager, SEO specialist, growth hacker, web analytics manager e, infine, il programmatore Java. (Extra voorbeelden zijn affiliate marketing manager, SEO specialist, growth hacker, web analytics manager en tot slot de Java-programmeur.)

1. Qual è una delle prime domande quando si riceve un'offerta di lavoro?

(Wat is een van de eerste vragen wanneer je een jobaanbieding krijgt?)

2. Quante professioni tradizionali che pagano di più vengono presentate?

(Hoeveel traditionele beroepen die het meest betalen worden gepresenteerd?)

3. Chi guadagna tra trentasettemila e cinquantunomila euro lordi all'anno?

(Wie verdient tussen zevenendertigduizend en eenenvijftigduizend euro bruto per jaar?)

4. Quale lavoro è nominato come esempio nel mondo digitale?

(Welke baan wordt genoemd als voorbeeld in de digitale wereld?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

Matteo e Giorgia parlano del loro lavoro e degli studi

Matteo en Giorgia praten over hun werk en hun studies
1. Matteo: Che lavoro fai? (Wat voor werk doe je?)
2. Giorgia: Faccio la commercialista da due anni. (Ik werk al twee jaar als accountant.)
3. Matteo: Interessante! Che cosa hai studiato? (Interessant! Wat heb je gestudeerd?)
4. Giorgia: Ho studiato economia all'università. E tu, che lavoro fai? (Ik heb economie gestudeerd aan de universiteit. En jij, wat voor werk doe jij?)
5. Matteo: Io sono avvocato. Lo faccio da dieci anni. (Ik ben advocaat. Ik doe dat al tien jaar.)
6. Giorgia: Davvero? E dove hai studiato? (Echt? En waar heb je gestudeerd?)
7. Matteo: Ho studiato legge a Roma, all'università La Sapienza. Tu in quale università hai studiato? (Ik heb rechten gestudeerd in Rome, aan de universiteit La Sapienza. Aan welke universiteit heb jij gestudeerd?)
8. Giorgia: Io ho studiato all'università di Padova. Ti piace il tuo lavoro? (Ik heb aan de universiteit van Padua gestudeerd. Vind je je werk leuk?)
9. Matteo: Sì, molto, anche se è impegnativo. A te piace fare la commercialista? (Ja, heel erg, ook al is het veeleisend. Vind jij het leuk om accountant te zijn?)
10. Giorgia: Sì, è il lavoro dei miei sogni! (Ja, het is de baan van mijn dromen!)

1. Che lavoro fa Matteo?

(Wat voor werk doet Matteo?)

2. Dove ha studiato Giorgia?

(Waar heeft Giorgia gestudeerd?)