A1.38 - Dagelijkse diensten - Spreken
Haal je boekEsercizio: Klaslokaaloefening
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
- Cosa ha fatto Eva oggi? Dove è passata? (Wat heeft Eva vandaag gedaan? Waar is ze langsgekomen?)
- Dove sei stato oggi? (Waar ben je vandaag geweest?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Oefening:
Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf 4 of 5 zinnen om te beschrijven waar de belangrijkste diensten (bijvoorbeeld bank, apotheek, ziekenhuis) in jouw buurt zich bevinden en wanneer ze open zijn.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Nuttige uitdrukkingen:
Nel mio quartiere c’è … / Si trova in …, vicino a … / È aperto da … a … / La domenica è aperto / non è aperto.