Oefening 1: Een woord matchen
Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.
Oefening 2: Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
Email dall'ufficio: chiusura per le feste
Vul de lege plekken in: decoriamo, Natale, calendario, buon anno nuovo, Capodanno, calendario, vacanza
(E-mail van kantoor: sluiting voor de feestdagen)
Gentili colleghi,
vi ricordiamo il delle prossime festività. L'ufficio è chiuso il 24 e il 25 dicembre per e riapre il 27 dicembre. Il 31 dicembre lavoriamo solo la mattina; il 1° gennaio l'ufficio è chiuso per . Il 6 gennaio siamo aperti normalmente. Per chi vuole, il 20 dicembre l'ufficio dopo le 17.
Vi chiediamo di controllare le vostre ferie sul aziendale e di scrivere una email a Risorse Umane se volete fare una più lunga. Vi auguriamo buone feste e un !Beste collega’s,
Wij herinneren jullie aan de kalender van de komende feestdagen. Het kantoor is gesloten op 24 en 25 december voor Kerstmis en gaat weer open op 27 december. Op 31 december werken we alleen ’s ochtends; op 1 januari is het kantoor gesloten voor Nieuwjaar. Op 6 januari zijn we normaal geopend. Voor wie wil: op 20 december versieren we het kantoor na 17.00 uur.
We vragen jullie om jullie verlof in de bedrijfsagenda te controleren en een e-mail te sturen naar HR als jullie een langere vakantie willen. We wensen jullie fijne feestdagen en een gelukkig nieuwjaar!
Oefening 3: Luister en beantwoord de vragen
Instructie: Luister naar de audiofragmenten en kies het juiste antwoord op de vragen.
Quando comincia la vacanza della speaker?
Per quale festività l’ufficio resta chiuso?
Oefening 4: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. A Capodanno la mia famiglia ___ sempre il salotto con le luci.
(Met Nieuwjaar ___ mijn familie altijd de woonkamer met lichtjes.)2. Per Natale noi ___ l'ufficio il 15 dicembre.
(Met Kerst ___ wij het kantoor op 15 december.)3. Il 1º gennaio io ___ il balcone con una piccola bandiera per il nuovo anno.
(Op 1 januari ___ ik het balkon met een kleine vlag voor het nieuwe jaar.)Oefening 5: Gesprekskaarten
Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 6: Reageer op de situatie
Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.
1. Sei in ufficio in Italia. Vuoi chiedere al tuo capo le ferie per la settimana di Natale. Fai una domanda semplice su "il Natale" e le tue vacanze. (Usa: il Natale, la vacanza, posso...)
(Je bent op kantoor in Italië. Je wilt je baas vragen om verlof voor de kerstweek. Stel een eenvoudige vraag over "Kerstmis" en jouw vakantie. (Gebruik: Kerstmis, vakantie, kan ik...))Per il Natale vorrei
(Voor Kerstmis zou ik ...)Voorbeeld:
Per il Natale vorrei prendere una vacanza di una settimana.
(Voor Kerstmis zou ik graag een vakantie van een week nemen.)2. Scrivi un breve messaggio a un collega italiano il 31 dicembre. Fai un augurio per l'anno nuovo. (Usa: Capodanno, Buon anno nuovo!, ciao)
(Schrijf op 31 december een kort bericht aan een Italiaanse collega. Wens hem/haar een gelukkig nieuwjaar. (Gebruik: Oud en Nieuw, Gelukkig nieuwjaar!, hallo))Per Capodanno dico
(Met Oud en Nieuw zeg ik ...)Voorbeeld:
Per Capodanno dico: Buon anno nuovo! Buona serata, ciao.
(Met Oud en Nieuw zeg ik: Gelukkig nieuwjaar! Fijne avond, hallo.)Oefening 7: Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf 4 of 5 zinnen om te zeggen wanneer jouw kantoor sluit voor de feestdagen en wat jij met Kerstmis of met Nieuwjaar doet.
Nuttige uitdrukkingen:
Il mio ufficio è chiuso il... / Vado in vacanza dal... al... / A Natale di solito... / A Capodanno festeggio con...