A1.5 - Familie
Haal je boekStel jezelf voor en vertel over je familie.
Vraag iemand naar zijn of haar familie. (grootte, structuur, ... )
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.
Een oom praat met zijn nichtje dat hij lange tijd niet heeft gezien; ze praten over de familie.
Het zijn bijvoeglijke naamwoorden die aangeven van wie iets is.
Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.
Italiaans leren voor beginners - een gestructureerde A1 cursus met audio
ISBN 979-13-88253-08-9
Deze app ondersteunt dit boek.