Perché chiamare se puoi anche inviare un messaggio?
Perché chiamare se puoi anche inviare un messaggio?

Perché chiamare se puoi anche inviare un messaggio?

Waarom bellen als je ook een bericht kunt sturen?


In de video wordt getoond hoe de houding van mensen ten opzichte van mobiele telefoons in Nederland is veranderd van 1998 tot nu. Waar mensen vroeger zeiden dat ze geen mobiele telefoon nodig hadden, is het nu ondenkbaar om zonder te leven.
Nel video viene mostrato come l'atteggiamento delle persone nei confronti dei telefoni cellulari nei Paesi Bassi sia cambiato dal 1998 a oggi. Mentre in passato la gente diceva di non averne bisogno, ora è impensabile vivere senza.

Esercizio 1: Immersione linguistica

Istruzione: Guarda il video e rispondi alle domande correlate.

Parola Traduzione
De telefoongebruiker L’utente del telefono
De mobiele telefoon Il telefono cellulare
De sms L’sms
Thuis ben ik altijd bereikbaar A casa sono sempre reperibile
Ik heb een gesprek gemist Ho perso una chiamata
Terugbellen Richiamare
Tegenwoordig hebben vijf miljard mensen een mobiele telefoon. (Oggi cinque miliardi di persone hanno un telefono cellulare.)
In negentienhonderdachtennegentig dachten mensen heel anders over de mobiele telefoon. (Nel millenovecentonovantotto la gente pensava molto diversamente del telefono cellulare.)
Nu word ik wel gebeld, maar ik hoor mijn telefoon vaak te laat. (Ora mi chiamano, ma spesso sento il mio telefono troppo tardi.)
Dan krijg ik berichtjes, sms'jes of appjes van mensen die vragen waar ik ben. (Allora ricevo messaggi, sms o messaggi delle app da persone che chiedono dove sono.)
'Ik heb een gewone telefoon en een antwoordapparaat, waarom moet ik een mobiel hebben?' («Ho un telefono normale e una segreteria telefonica, perché dovrei avere un cellulare?»)
'Thuis ben ik bereikbaar, dus onderweg bellen vind ik niet nodig.' («A casa sono reperibile, quindi non trovo necessario chiamare mentre sono in giro.»)
'Heeft u nu uw telefoon bij u?' 'Ja natuurlijk, ik zou niet meer zonder kunnen.' («Ha con sé il telefono adesso?» «Sì, naturalmente, non potrei più farne a meno.»)
Ik merk dat ik probeer mijn telefoon wat minder te gebruiken. (Mi accorgo che cerco di usare un po’ meno il mio telefono.)
Nu heb ik een mooie Apple en zie ik dat ik een gesprek gemist heb. (Ora ho un bel Apple e vedo che ho perso una chiamata.)
'Wilt u dan gelijk terugbellen?' 'Ja, dat doe ik zeker.' («Vuole richiamare subito?» «Sì, lo farò certamente.»)

1. Waarom vonden sommige mensen vroeger een mobiele telefoon niet nodig?

(Perché in passato alcune persone non ritenevano necessario un telefono cellulare?)

2. Wat gebeurt er als iemand zijn telefoon vaak te laat hoort?

(Che cosa succede se qualcuno sente spesso il telefono troppo tardi?)

3. Wat doet iemand vaak als hij ziet dat hij een gesprek gemist heeft?

(Che cosa fa spesso qualcuno quando vede che ha perso una chiamata?)