Jeszcze nie ma nauczyciela
Poproś nauczyciela
B1.26 - Zdanie egzaminu
B1.26 - Zdanie egzaminu

B1.26 - Zdanie egzaminu - Słownictwo

Een examen halen


Słownictwo (22)

De beoordeling Pokaż

Ocena Pokaż

De onvoldoende Pokaż

Ocena niedostateczna Pokaż

De herkansing Pokaż

Poprawka Pokaż

De toets Pokaż

Test Pokaż

De resultaten Pokaż

Wyniki Pokaż

De voorbereiding Pokaż

Przygotowanie Pokaż

De studieplanning Pokaż

Plan nauki Pokaż

Beginnen aan Pokaż

Zabrać się za Pokaż

Doorgaan met Pokaż

Kontynuować Pokaż

Focussen op Pokaż

Skupić się na Pokaż

In staat zijn om/tot Pokaż

Być w stanie Pokaż

Opzien tegen Pokaż

Obawiać się Pokaż

Ontbreken aan Pokaż

Brakować Pokaż

Raden naar Pokaż

Zgadywać Pokaż

Slagen in Pokaż

Osiągnąć sukces w Pokaż

Slagen voor Pokaż

Zdać (egzamin) Pokaż

Volharden in Pokaż

Wytrwać w Pokaż

Zich concentreren op Pokaż

Skoncentrować się na Pokaż

Zich voorbereiden op Pokaż

Przygotowywać się do Pokaż

Zich storten op Pokaż

Rzucić się na Pokaż

Behalen (een diploma) Pokaż

Uzyskać (dyplom) Pokaż

De herkansing Pokaż

Poprawa Pokaż

Hebben (mieć)

Conditionele Verleden Tijd (CVT)


(ik) zou gehad hebben
(jij/je) zou gehad hebben
(hij/zij/ze/het) zou gehad hebben
(wij/we) zouden gehad hebben
(jullie) zouden gehad hebben
(zij/ze) zouden gehad hebben

Behalen (być)

Conditionele Verleden Tijd (CVT)


(ik) zou behaald hebben
(jij/je) zou behaald hebben
(hij/zij/ze/het) zou behaald hebben
(wij/we) zouden behaald hebben
(jullie) zouden behaald hebben
(zij/ze) zouden behaald hebben

Focussen op (skupić się)

Conditionele Verleden Tijd (CVT)


(ik) zou gefocust hebben op
(jij/je) zou gefocust hebben op
(hij/zij/ze/het) zou gefocust hebben op
(wij/we) zouden gefocust hebben op
(jullie) zouden gefocust hebben op
(zij/ze) zouden gefocust hebben op