Esercizio: Gespreksoefening
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
- Descrivi le immagini: i panorami, le attività e l'abbigliamento. (Beschrijf de afbeeldingen: de uitzichten, de activiteiten en de kleding.)
- In quale paese vuoi andare a fare escursioni? (In welk land wil je gaan wandelen?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Oefening: Schrijfopdracht (AI+)
Instructie: Schrijf een kort bericht (60–80 woorden) aan een collega of een familielid om hem of haar uit te nodigen voor de wandeling op zondag. Vermeld plaats, tijd, moeilijkheidsgraad van de route en wat mee te nemen. (AI+)
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Nuttige uitdrukkingen:
Ti va di venire a…? / Il percorso è facile o un po' difficile. / Porta acqua e scarponi da trekking. / Che bello! / Che peccato!