Leer de belangrijkste tijdsaanduidingen met de imperfetto in het Italiaans, zoals "ogni giorno" (elke dag), "sempre" (altijd) en "mentre" (terwijl), om gewoonten en gelijktijdige acties in het verleden te beschrijven.
  1. Deze uitdrukkingen geven handelingen aan die herhaaldelijk of voortduren in het verleden plaatsvonden.
  2. "Ogni", "di solito", "sempre" geven een gewoonlijke handeling aan.
  3. "Mentre" geeft aan dat twee handelingen tegelijk plaatsvinden.
EspressioneEsempioSignificato
Ogni giornoIo studiavo l'italiano ogni giorno.Abitudine quotidiana
SempreBevevo sempre sempre un caffè all'università.Abitudine
Tutte le settimaneLei andava in biblioteca tutte le settimane.Ripetizione settimanale
Di solitoDi solito superavamo gli esami senza problemi.Abitudine generale
SpessoSpesso sviluppavo nuovi progetti all'università.Frequenza alta
MentreMentre mi laureavo, lavoravo anche part-time.Azioni contemporanee

Oefening 1: Le espressioni temporali dell'imperfetto

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

Mentre, ogni giorno, Spesso, Di solito, preparavo, sempre

1. Frequenza alta:
... leggevo libri sull'educazione e l'università.
(Vaak las ik boeken over opvoeding en universiteit.)
2. Azioni contemporanee:
... scrivevo, ascoltavo musica classica.
(Terwijl ik schreef, luisterde ik naar klassieke muziek.)
3. Azioni contemporanee:
... mi laureavo, lavoravo per pagare le spese.
(Terwijl ik afstudeerde, werkte ik om de kosten te betalen.)
4. Frequenza alta:
... sviluppavo nuovi progetti durante l'università.
(Ik ontwikkelde vaak nieuwe projecten tijdens mijn studie.)
5. Abitudine quotidiana:
Io studiavo italiano ... per migliorare.
(Ik studeerde elke dag Italiaans om te verbeteren.)
6. Abitudine:
Superavamo ... gli esami senza grandi difficoltà.
(We haalden de examens altijd zonder grote moeilijkheden.)
7.
Tutte le settimane ... lezioni con cura.
(Elke week maakte ik zorgvuldig lessen klaar.)
8. Ripetizione settimanale:
... frequentavo corsi di italiano avanzato.
(Ik volgde meestal cursussen gevorderd Italiaans.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de correcte zin die de tijdsaanduidingen met de onvoltooid verleden tijd volgens de gegeven regels correct gebruikt.

1.
"Gewoonlijk" vereist de onvoltooid verleden tijd om een gewoonte in het verleden uit te drukken, niet de voltooid tegenwoordige tijd.
Het werkwoord ontbreekt in de onvoltooid verleden tijd; "studeren" is in de infinitief, wat in deze context fout is.
2.
Er ontbreekt een werkwoord in de onvoltooid verleden tijd bij de tweede handeling; "luisteren" is in de infinitief en daarom fout.
Het gebruik van de voltooid tegenwoordige tijd in een van de twee handelingen bij "terwijl" met de onvoltooid verleden tijd zorgt voor een temporele inconsistentie.
3.
De voltooid tegenwoordige tijd wordt niet gebruikt met uitdrukkingen van een gewoonte uit het verleden zoals "elke dag", wat de onvoltooid verleden tijd vereist.
"Elke dag" met een werkwoord in de tegenwoordige tijd verwijst niet naar het verleden en voldoet dus niet aan de context van de onvoltooid verleden tijd.
4.
Het werkwoord ontbreekt in de onvoltooid verleden tijd; "nemen" is in de infinitief en dus fout.
"Vaak" vereist de onvoltooid verleden tijd om gewoontes of herhalingen in het verleden aan te geven, niet de voltooid tegenwoordige tijd.

Le espressioni temporali dell'imperfetto

In deze les leer je hoe je in het Italiaans bepaalde tijdsaanduidingen gebruikt die horen bij de imperfectumvorm. De imperfectum wordt gebruikt om acties te beschrijven die herhaaldelijk of langdurig in het verleden plaatsvonden.

Belangrijke tijdsbepalingen met de imperfectum

  • Ogni giorno – elke dag, bijvoorbeeld: Io studiavo l'italiano ogni giorno. Dit duidt een dagelijkse gewoonte aan.
  • Sempre – altijd, zoals in Bevevo sempre un caffè all'università. Ook een uitdrukking van gewoonte.
  • Tutte le settimane – elke week, bijvoorbeeld: Lei andava in biblioteca tutte le settimane. Geeft een wekelijkse herhaling aan.
  • Di solito – gewoonlijk, als in Di solito superavamo gli esami senza problemi. Duidt een algemene gewoonte aan.
  • Spesso – vaak, bijvoorbeeld: Spesso sviluppavo nuovi progetti all'università. Dit geeft een hoge frequentie aan.
  • Mentre – terwijl, zoals in Mentre mi laureavo, lavoravo anche part-time. Dit wordt gebruikt om gelijktijdige acties te beschrijven.

Gebruik en betekenis

Deze uitdrukkingen helpen je om in het Italiaans gewoonten, herhalingen en gelijktijdige gebeurtenissen in het verleden te beschrijven. De imperfectum met deze tijdsaanduidingen maakt duidelijk dat de handeling regelmatig, langlopend of gelijktijdig was.

Verschillen en tips ten opzichte van het Nederlands

In het Nederlands gebruiken we vaak de onvoltooid verleden tijd om gewoonten in het verleden aan te geven, vergelijkbaar met de Italiaanse imperfectum. Bijvoorbeeld: "Ik studeerde elke dag" versus het Italiaanse Io studiavo ogni giorno. De Nederlandse uitdrukking "meestal" komt overeen met het Italiaanse "di solito" en wordt ook met de imperfectum gecombineerd om frequenties of gewoonten te uiten.

Let op de uitdrukking mentre, die gebruikt wordt om twee gelijktijdige acties te verbinden, wat in het Nederlands vaak met "terwijl" gebeurt en waarbij beide werkwoorden in de verleden tijd staan: bijvoorbeeld, Mentre lavoravo, ascoltavo la musica ("Terwijl ik werkte, luisterde ik naar muziek").

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Fabio Pirioni

Bachelor in de geesteswetenschappen

University of Udine

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

donderdag, 28/08/2025 10:59