Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

una democrazia — una dittatura (een democratie — een dictatuur)
il cittadino vota — il cittadino non vota (de burger stemt — de burger stemt niet)
c'era la guerra — c'era la pace (er was oorlog — er was vrede)
il sindaco governava bene — il sindaco governava male (de burgemeester bestuurde goed — de burgemeester bestuurde slecht)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Come funziona il Comune durante le elezioni

Vul de lege plekken in: cittadini, leggi, impiegati, partito, Parlamento, Comune, sindaco, governo, Stato, elezioni, democrazia, voto

(Hoe de gemeente werkt tijdens de verkiezingen)

Durante le ultime comunali molti sono andati al per rinnovare la tessera elettorale. L’ufficio era aperto anche di sabato, perché il voleva facilitare la partecipazione al . Alcuni hanno spiegato ai nuovi residenti come funzionano lo italiano e le elezioni locali.

Nel Comune il sindaco rappresenta il locale e lavora con il Consiglio comunale per fare le del territorio. In Italia il fa le leggi nazionali, ma il Comune gestisce i servizi della città. Votare è un diritto importante in una : ogni cittadino sceglie il politico o il candidato che preferisce, e così partecipa alla vita politica del Paese.
Tijdens de laatste gemeenteraadsverkiezingen zijn veel inwoners naar het gemeentehuis gegaan om hun stempas te vernieuwen. Het loket was ook op zaterdag open, omdat de burgemeester de deelname aan het stemmen wilde vergemakkelijken. Enkele ambtenaren legden aan de nieuwe inwoners uit hoe de Italiaanse staat en de lokale verkiezingen werken.

In de gemeente vertegenwoordigt de burgemeester het lokale bestuur en werkt hij samen met de gemeenteraad om regels voor het gebied vast te stellen. In Italië stelt het Parlement de nationale wetten vast, maar de gemeente beheert de stadsdiensten. Stemmen is een belangrijk recht in een democratie: iedere burger kiest de politieke partij of de kandidaat die hij of zij verkiest en neemt zo deel aan het politieke leven van het land.

  1. Perché l’ufficio del Comune era aperto anche di sabato durante le elezioni comunali?

    (Waarom was het gemeentehuis ook op zaterdag open tijdens de gemeenteraadsverkiezingen?)

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

Domani nel mio comune ci sono le elezioni e voglio votare prima di andare al lavoro. Sono cittadino italiano e porterò la carta d'identità. Ho letto qualcosa di politica, ma non seguo tutti i partiti. So che il sindaco lavora per l'amministrazione della città e che il Governo guida lo Stato. Il Parlamento approva le leggi. Dopo il voto torno in ufficio e la sera guardo i risultati in TV.
(Morgen zijn er in mijn gemeente verkiezingen en ik wil stemmen voordat ik naar mijn werk ga. Ik ben Italiaans staatsburger en ik neem mijn identiteitskaart mee. Ik heb wel iets over politiek gelezen, maar ik volg niet alle partijen. Ik weet dat de burgemeester voor het stadsbestuur werkt en dat de regering de staat leidt. Het parlement keurt de wetten goed. Na het stemmen ga ik terug naar kantoor en ’s avonds kijk ik de uitslagen op tv.)
Waar Onwaar

(De persoon wil ’s ochtends stemmen, voordat hij naar zijn werk gaat.)

(Volgens de persoon maakt het parlement geen wetten.)

(De persoon volgt niet alle politieke partijen.)

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Da giovane io ___ sempre per lo stesso partito politico.

(Toen ik jong was, ___ ik altijd op dezelfde politieke partij.)

2. Quando vivevamo a Roma, tu ___ spesso alle elezioni comunali.

(Toen we in Rome woonden, jij ___ vaak bij de gemeenteraadsverkiezingen.)

3. Negli anni scorsi noi ___ con più calma e parlavamo sempre con il sindaco dopo il voto.

(Vroeger ___ wij rustiger en spraken we altijd met de burgemeester na het stemmen.)

Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

Nel mio paese il governo... / Per me è importante votare perché... / Se potessi parlare con il sindaco, direi che...

  1. Nel suo paese, chi è il capo del governo? Può spiegare in poche parole cosa fa questa persona?
    In uw land: wie is de regeringsleider? Kunt u in een paar woorden uitleggen wat deze persoon doet?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Ha mai votato nel suo paese? Se sì, quando è stata l’ultima volta e per che tipo di elezione? Se no, perché non ha votato?
    Heeft u ooit in uw land gestemd? Zo ja: wanneer was dat voor het laatst en voor wat voor soort verkiezing? Zo nee: waarom hebt u niet gestemd?

    __________________________________________________________________________________________________________

  3. Secondo lei, perché è importante (o non è importante) votare per il sindaco o per il consiglio regionale nel luogo dove vive?
    Waarom is het volgens u wel of niet belangrijk om te stemmen voor de burgemeester of voor de regionale raad in de plaats waar u woont?

    __________________________________________________________________________________________________________

  4. Se potesse parlare con il sindaco della città in cui vive adesso, cosa gli chiederebbe o quale problema della città vorrebbe segnalare?
    Als u met de burgemeester van de stad waar u nu woont zou kunnen praten, wat zou u hem of haar vragen of welk stadsprobleem zou u willen melden?

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie


Oggetto: Promemoria per le elezioni regionali

Gentile cittadino,

la informiamo che domenica 28 e lunedì 29 si vota per il Presidente e il Consiglio regionale della nostra Regione.

Per votare deve andare al seggio con un documento d’identità e la tessera elettorale. Risulta che la sua tessera è quasi piena: se vuole, può richiedere una nuova tessera al Comune prima del giorno del voto.

Cordiali saluti,
Ufficio elettorale del Comune di Bologna


Onderwerp: Herinnering voor de regionale verkiezingen

Geachte inwoner,

Wij informeren u dat er op zondag 28 en maandag 29 gestemd wordt voor de voorzitter en de regionale raad van onze regio.

Om te stemmen moet u naar het stembureau gaan met een identiteitsbewijs en de stempas. Uit onze gegevens blijkt dat uw stempas bijna vol is: als u wilt, kunt u vóór de dag van de stemming een nieuwe stempas aanvragen bij de gemeente.

Met vriendelijke groet,
Verkiezingsdienst van de gemeente Bologna


Nuttige zinnen:

  1. La ringrazio per le informazioni e vorrei chiedere…

    (Dank u voor de informatie, ik zou graag willen vragen…)

  2. Le scrivo perché…

    (Ik schrijf u omdat…)

  3. In passato ho votato…

    (In het verleden heb ik gestemd…)

Gentile Ufficio elettorale,

grazie per l’email e per le informazioni sulle elezioni regionali. Vorrei chiedere se devo prendere un appuntamento per avere una nuova tessera elettorale o se posso venire senza appuntamento.

In passato ho votato già due volte in Italia e vorrei votare anche questa volta. Lavoro fino alle 18, quindi posso venire allo sportello solo dopo le 18 o il sabato mattina.

Cordiali saluti,
Alex Rossi

Geachte Verkiezingsdienst,

Dank voor de e-mail en de informatie over de regionale verkiezingen. Ik wil graag vragen of ik een afspraak moet maken om een nieuwe stempas te krijgen of dat ik zonder afspraak kan komen.

In het verleden heb ik al twee keer in Italië gestemd en ik wil ook deze keer graag stemmen. Ik werk tot 18:00, dus ik kan alleen na 18:00 bij het loket komen of op zaterdagochtend.

Met vriendelijke groet,
Alex Rossi