L'imperfetto si usa per azioni accadute e terminate nel passato.
(De onvoltooid verleden tijd (imperfetto) gebruik je voor handelingen die in het verleden plaatsvonden en zijn afgelopen.)
- De onvoltooid verleden tijd (imperfetto) gebruik je om het verleden te beschrijven, over een levensperiode te praten of om gewoontes en herhaalde handelingen in het verleden uit te drukken.
| 1a coniugazione: Verbo informare (1e vervoeging: werkwoord informeren) | 2a coniugazione: (2e vervoeging:)Verbo avere | 3a coniugazione: Verbo reagire (3e vervoeging: werkwoord reageren) |
|---|---|---|
| Io informavo | Io avevo | Io reagivo |
| Tu informavi | Tu avevi | Tu reagivi |
| Lui / lei informava | Lui / lei aveva | Lui / lei reagiva |
| Noi informavamo | Noi avevamo | Noi reagivamo |
| Voi informavate | Voi avevate | Voi reagivate |
| Loro informavano | Loro avevano | Loro reagivano |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Quando lavoravo a Milano, ogni mattina ______ i colleghi sulle notizie economiche che sentivo alla radio.
Toen ik in Milaan werkte, iedere ochtend ______ ik de collega’s over het economische nieuws dat ik op de radio hoorde.)2. Ieri al telegiornale dicevano che la situazione del traffico era grave e tutti ______ con molta calma.
Gisteren zeiden ze op het journaal dat de verkeerssituatie ernstig was en iedereen ______ met veel kalmte.)3. Quando lavoravo in quella redazione, ______ sempre il computer acceso e guardavo i report online ogni ora.
Toen ik op die redactie werkte, ______ mijn computer altijd aan en keek ik elk uur de online rapporten na.)4. Quando c'era uno sciopero dei mezzi, noi ______ sempre i clienti con una mail e loro di solito reagivano con comprensione.
Wanneer er een staking van het openbaar vervoer was, wij ______ altijd de klanten met een e-mail en zij reageerden meestal begripvol.)Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de correcte zin die de imperfetto op de juiste manier gebruikt om handelingen in het verleden te beschrijven die gewoonlijk voorkwamen of een beschrijving geven.
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen met de onvoltooide verleden tijd (imperfetto) om gewoontehandelingen te beschrijven of om over het verleden te spreken (voorbeeld: Io informo → Io informavo).
-
Ogni mattina io informo i clienti sulle novità del contratto.⇒ _______________________________________________ ExampleOgni mattina io informavo i clienti sulle novità del contratto.(Elke ochtend informeerde ik de klanten over de wijzigingen in het contract.)
-
Da giovane tu hai sempre molte responsabilità in ufficio.⇒ _______________________________________________ ExampleDa giovane tu avevi sempre molte responsabilità in ufficio.(Toen je jong was, had je altijd veel verantwoordelijkheden op kantoor.)
-
Quando il direttore arriva in ritardo, lui reagisce male alle critiche.⇒ _______________________________________________ ExampleQuando il direttore arrivava in ritardo, lui reagiva male alle critiche.(Als de directeur te laat kwam, reageerde hij slecht op kritiek.)
-
Nel vecchio lavoro noi abbiamo spesso poche informazioni sui progetti.⇒ _______________________________________________ ExampleNel vecchio lavoro noi avevamo spesso poche informazioni sui progetti.(In het vorige werk hadden we vaak weinig informatie over de projecten.)
Oefening 4: Grammatica in actie
Instructie: Koppelgewijs, vertel hoe jullie vroeger het nieuws ontvingen en hoe jullie reageerden.
- Quando eri più giovane, come ti informavi quotidianamente sulle notizie? (Toen je jonger was, hoe kreeg je dagelijks nieuws?)
- Quali programmi o giornali guardavi o leggevi e come reagivi alle cattive notizie? (Welke programma’s of kranten keek of las je en hoe reageerde je op slecht nieuws?)
- Guardavo il telegiornale delle otto. (Ik keek naar het achtuurjournaal.)
- Mi informavo navigando su Internet. (Ik informeerde me door op internet te zoeken.)
- Informavo i colleghi quando c’era una notizia importante. (Ik bracht de collega’s op de hoogte als er belangrijk nieuws was.)
- Io informavo / mi informavo… (Ik kreeg nieuws / ik informeerde me…)
- Io avevo… (Ik had…)
- Io reagivo… (Ik reageerde…)