L'imperfetto si usa per azioni accadute e terminate nel passato.

(De onvoltooid verleden tijd (imperfetto) gebruik je voor handelingen die in het verleden plaatsvonden en zijn afgelopen.)

Wanneer gebruik je de imperfetto?

  • Gewoontes in het verleden
    Ogni mattina prendevo il treno. – Elke ochtend nam ik de trein.
  • Situaties / beschrijvingen in het verleden
    Marco era molto stressato. – Marco was erg gestrest.
  • Twee dingen tegelijk in het verleden
    Mentre parlavo al telefono, ascoltavo le notizie.
    – Terwijl ik telefoneerde, luisterde ik naar het nieuws.
  • Achtergrond bij een andere (korte) actie
    Pioveva e all’improvviso il direttore è arrivato.
    – Het regende en plotseling kwam de directeur aan.

Niet gebruiken voor een eenmalige, afgeronde actie: dan komt meestal de passato prossimo.

Vorm: hoe maak je de imperfetto?

Stap 1: neem de wij-vorm (noi) van de tegenwoordige tijd.

  • informare → noi informiamo
  • avere → noi abbiamo
  • reagire → noi reagiamo

Stap 2: haal -iamo weg. Dit is de stam.

  • inform-
  • abb-
  • reag-

Stap 3: plak de uitgangen van de imperfetto erachter.

Persoon Uitgang voorbeeld informare
io-avoinformavo
tu-aviinformavi
lui / lei-avainformava
noi-avamoinformavamo
voi-avateinformavate
loro-avanoinformavano

Voor -ere en -ire werkwoorden zijn de uitgangen hetzelfde:

Persoon -ere (avere) -ire (reagire)
ioavevoreagivo
tuavevireagivi
lui / leiavevareagiva
noiavevamoreagivamo
voiavevatereagivate
loroavevanoreagivano

Signaalwoorden: wanneer denk je aan de imperfetto?

Zie je dit soort woorden, dan is de kans groot dat je de imperfetto nodig hebt:

  • herhaling / gewoonte: ogni mattina (elke ochtend), ogni lunedì, di solito (meestal), sempre (altijd)
  • periode: in quel periodo, quando ero giovane, prima della crisi
  • achtergrond: mentre (terwijl), quando (toen) + beschrijving

Specifieke, éénmalige tijdstippen (ieri sera, alle otto) passen vaak beter bij de passato prossimo, behalve als het duidelijk om routine gaat.

Imperfetto of passato prossimo?

Een veelgestelde vraag: wanneer welke tijd?

  • Imperfetto = filmachtergrond
    situatie, duur, herhaling, beschrijving.
  • Passato prossimo = fotomoment
    één concrete, afgeronde actie.
Situatie Goed Let op
Gewoonte Ogni mattina informavo i clienti. Ogni mattina ho informato i clienti. (klinkt als één keer)
Eén concreet feit Ieri ho informato i clienti. Ieri informavo i clienti. (alleen oké als je nadruk op ‘bezig zijn’ legt)
Achtergrond + plotselinge actie Reagivo male quando il capo è arrivato in ritardo. Reagii male quando il capo arrivava in ritardo.

Typische combinaties met informare, avere, reagire

  • informare (informeren)
    Vaak een gewoonte op het werk.
    Ogni lunedì informavamo i colleghi sui risultati.
    – Elke maandag informeerden we de collega’s over de resultaten.
  • avere (hebben) voor toestand: gevoelens, bezit, omstandigheden.
    In quel periodo avevo molte riunioni.
    – In die periode had ik veel vergaderingen.
  • reagire (reageren) bij typisch gedrag.
    Prima della crisi reagivano sempre con calma.
    – Voor de crisis reageerden ze altijd rustig.

Veelgemaakte fouten (en hoe je ze voorkomt)

  • 1. Imperfetto met een té precies tijdstip
    L’anno scorso aveva un programma radiofonico ieri sera.
    Beter:
    L’anno scorso aveva un programma radiofonico tutte le sere.
    Ieri sera ha avuto una puntata speciale.
  • 2. Tijden door elkaar halen
    L’anno scorso ho aveva un programma radiofonico.
    In één zin: kies of imperfetto óf passato prossimo, tenzij je bewust een contrast maakt.
    Correct:
    L’anno scorso avevo un programma radiofonico.
  • 3. Imperfetto voor de toekomst
    Io giocavo domani con i miei amici.
    Gebruik de toekomende tijd of een toekomstconstructie:
    Domani giocherò con i miei amici.
  • 4. Onnodige tijdsbepalingen
    Mentre parlavo al telefono, ascoltavo la notizia in televisione ieri.
    Mentre parlavo al telefono, ascoltavo la notizia in televisione. is genoeg: de imperfetto maakt al duidelijk dat het verleden is.

Snelle zelfcheck: kies ik de juiste tijd?

  1. Is het een gewoonte of typisch gedrag in het verleden?
    → Ja? Gebruik imperfetto.
    Ogni mattina informavo i colleghi.
  2. Is het een situatie / beschrijving (geen actie die “af” is)?
    → Ja? Gebruik imperfetto.
    In ufficio avevo sempre molto lavoro.
  3. Gaat het om één concreet feit, met een duidelijk moment?
    → Ja? Meestal passato prossimo.
    Ieri ho informato il direttore.
  4. Zijn er twee dingen tegelijk bezig? (vaak met mentre)
    → Gebruik voor allebei imperfetto.
    Mentre lavoravo, ascoltavo le notizie.

Wat moet je nu kunnen?

  • Je herkent situaties waar de imperfetto nodig is: gewoontes, beschrijvingen, achtergrond.
  • Je kunt de vorm van de imperfetto maken van een werkwoord op -are, -ere, -ire.
  • Je kunt in een zin bewust kiezen tussen imperfetto en passato prossimo.
  • Je weet welke signaalwoorden je aan de imperfetto doen denken (ogni…, di solito, in quel periodo…).

Als je deze punten met eigen voorbeelden kunt invullen (bijvoorbeeld over je vorige baan of je studietijd), dan heb je de imperfetto op A2-niveau onder controle.

  1. De onvoltooid verleden tijd (imperfetto) gebruik je om het verleden te beschrijven, over een levensperiode te praten of om gewoontes en herhaalde handelingen in het verleden uit te drukken.
1a coniugazione: Verbo informare (1e vervoeging: werkwoord informeren)2a coniugazione: (2e vervoeging:)Verbo avere3a coniugazione: Verbo reagire (3e vervoeging: werkwoord reageren)
Io informavoIo avevoIo reagivo
Tu informaviTu aveviTu reagivi
Lui / lei informavaLui / lei avevaLui / lei reagiva
Noi informavamoNoi avevamoNoi reagivamo
Voi informavateVoi avevateVoi reagivate
Loro informavanoLoro avevanoLoro reagivano

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. Quando lavoravo a Milano, ogni mattina ______ i colleghi sulle notizie economiche che sentivo alla radio.

Toen ik in Milaan werkte, iedere ochtend ______ ik de collega’s over het economische nieuws dat ik op de radio hoorde.)

2. Ieri al telegiornale dicevano che la situazione del traffico era grave e tutti ______ con molta calma.

Gisteren zeiden ze op het journaal dat de verkeerssituatie ernstig was en iedereen ______ met veel kalmte.)

3. Quando lavoravo in quella redazione, ______ sempre il computer acceso e guardavo i report online ogni ora.

Toen ik op die redactie werkte, ______ mijn computer altijd aan en keek ik elk uur de online rapporten na.)

4. Quando c'era uno sciopero dei mezzi, noi ______ sempre i clienti con una mail e loro di solito reagivano con comprensione.

Wanneer er een staking van het openbaar vervoer was, wij ______ altijd de klanten met een e-mail en zij reageerden meestal begripvol.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de correcte zin die de imperfetto op de juiste manier gebruikt om handelingen in het verleden te beschrijven die gewoonlijk voorkwamen of een beschrijving geven.

1.
De handeling 'gisteren speelde ik' is alleen correct als de actie aan de gang was; meestal wordt de passato prossimo gebruikt voor afgesloten acties. Hier is er onduidelijkheid over de gebruikte tijden.
De imperfetto wordt niet gebruikt om over toekomstige handelingen te spreken; 'morgen' vereist een toekomende tijd.
2.
Het gebruik van de passato remoto 'luisterde' samen met 'terwijl ik aan de telefoon was' creëert een ongepast tijdscontrast.
Het bijwoord 'gisteren' veroorzaakt redundantie met de imperfetto; het is beter dit in deze zin te vermijden.

Oefening 3: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen met de onvoltooide verleden tijd (imperfetto) om gewoontehandelingen te beschrijven of om over het verleden te spreken (voorbeeld: Io informo → Io informavo).

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. Ogni mattina io informo i clienti sulle novità del contratto.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Ogni mattina io informavo i clienti sulle novità del contratto.
    (Elke ochtend informeerde ik de klanten over de wijzigingen in het contract.)
  2. Da giovane tu hai sempre molte responsabilità in ufficio.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Da giovane tu avevi sempre molte responsabilità in ufficio.
    (Toen je jong was, had je altijd veel verantwoordelijkheden op kantoor.)
  3. Quando il direttore arriva in ritardo, lui reagisce male alle critiche.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Quando il direttore arrivava in ritardo, lui reagiva male alle critiche.
    (Als de directeur te laat kwam, reageerde hij slecht op kritiek.)
  4. Nel vecchio lavoro noi abbiamo spesso poche informazioni sui progetti.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Nel vecchio lavoro noi avevamo spesso poche informazioni sui progetti.
    (In het vorige werk hadden we vaak weinig informatie over de projecten.)

Oefening 4: Grammatica in actie

Instructie: Koppelgewijs, vertel hoe jullie vroeger het nieuws ontvingen en hoe jullie reageerden.

Vertaling tonen/verbergen
Situatie
In pausa caffè, due colleghi parlano di una notizia vista ieri al telegiornale.
(Tijdens de koffiepauze praten twee collega’s over een bericht dat ze gisteren op het journaal hebben gezien.)

Bespreek
  • Quando eri più giovane, come ti informavi quotidianamente sulle notizie? (Toen je jonger was, hoe kreeg je dagelijks nieuws?)
  • Quali programmi o giornali guardavi o leggevi e come reagivi alle cattive notizie? (Welke programma’s of kranten keek of las je en hoe reageerde je op slecht nieuws?)

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • Guardavo il telegiornale delle otto. (Ik keek naar het achtuurjournaal.)
  • Mi informavo navigando su Internet. (Ik informeerde me door op internet te zoeken.)
  • Informavo i colleghi quando c’era una notizia importante. (Ik bracht de collega’s op de hoogte als er belangrijk nieuws was.)

Gebruik in gesprek
  • Io informavo / mi informavo… (Ik kreeg nieuws / ik informeerde me…)
  • Io avevo… (Ik had…)
  • Io reagivo… (Ik reageerde…)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Fabio Pirioni

Bachelor in de geesteswetenschappen

University of Udine

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

donderdag, 05/03/2026 05:57