Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

Fare un viaggio — Partire per lavoro (Fare un viaggio — Op reis gaan)
Portare con sé — Mettere in valigia (Portare con sé — Inpakken)
Prepararsi — Organizzare le proprie cose (Prepararsi — Je klaarmaken / Voorbereiden)
Dimenticare — Non mettere in valigia (Dimenticare — Niet inpakken / Vergeten)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Email della compagnia aerea: regole per il bagaglio

Vul de lege plekken in: valigia, borsa, telefono, nome, asciugamano, pigiama, caricatore, bagagli, cuffiette

(E-mail van de luchtvaartmaatschappij: regels voor bagage)

Gentile passeggero,
per il suo prossimo viaggio di lavoro a Milano può portare una valigia piccola come bagaglio a mano e un computer portatile in . Nel bagaglio a mano non può mettere bottiglie grandi di liquidi: crema solare, profumi o shampoo devono stare in contenitori da 100 ml. Può portare nel bagaglio a mano il del telefono e le , ma non grandi forbici o coltelli.

Nel bagaglio da stiva può invece mettere vestiti, , e prodotti per il corpo. Le ricordiamo di chiudere bene la e di mettere una etichetta con il e il numero di . Arrivi in aeroporto almeno due ore prima: di solito ci si mette tempo per controllare i .
Geachte passagier,
voor uw volgende zakenreis naar Milaan mag u één kleine koffer als handbagage meenemen en een laptop in een tas . In de handbagage mag u geen grote flessen met vloeistoffen hebben: zonnebrandcrème, parfums of shampoo moeten in verpakkingen van 100 ml zitten. U mag in de handbagage de oplader van uw telefoon en de oordopjes meenemen, maar geen grote scharen of messen.

In de ruimbagage kunt u daarentegen kleding, pyjama , handdoek en verzorgingsproducten meenemen. Wij herinneren u eraan de koffer goed af te sluiten en er een etiket met uw naam en uw telefoonnummer aan te bevestigen. Kom minstens twee uur van tevoren naar de luchthaven: het kan namelijk tijd kosten om de bagage te controleren.

  1. Che cosa può portare il passeggero come bagaglio a mano per il viaggio a Milano?

    (Wat mag de passagier meenemen als handbagage voor de reis naar Milaan?)

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

Domani mattina parto per un viaggio di lavoro a Milano e sto preparando i bagagli. Porto una valigia piccola e uno zaino. Nella valigia metto il pigiama, una borsa con i documenti e il caricatore. Nello zaino tengo le cuffiette e la fotocamera. Vorrei portare anche il costume da bagno, ma non credo di avere tempo per la piscina. Devo ricordarmi gli occhiali da sole e un cappellino, perché arrivo a mezzogiorno.
(Morgen vertrek ik ’s ochtends voor een zakenreis naar Milaan en ik ben mijn bagage aan het inpakken. Ik neem een kleine koffer en een rugzak mee. In de koffer stop ik mijn pyjama, een etui met documenten en de oplader. In de rugzak heb ik de oordopjes en de camera. Ik zou ook graag mijn zwemkleding meenemen, maar ik denk niet dat ik tijd voor het zwembad zal hebben. Ik moet mijn zonnebril en een petje niet vergeten, want ik kom rond het middaguur aan.)
Waar Onwaar

(Ze vertrekt morgen voor een zakenreis en neemt zowel een koffer als een rugzak mee.)

(Ze heeft de camera in de koffer gedaan samen met de pyjama.)

(Ze verwacht geen tijd voor het zwembad te hebben, dus zal ze waarschijnlijk de zwemkleding niet meenemen.)

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Quando preparo la valigia per un viaggio di lavoro, di solito ___ mezz’ora.

(Als ik de koffer pak voor een zakenreis, ___ ik daar meestal een halfuur mee bezig.)

2. La mattina della partenza tu ___ in fretta e ___ solo dieci minuti per controllare i bagagli.

(Op de ochtend van vertrek ___ jij je snel klaar en ___ je er maar tien minuten over om de bagage te controleren.)

3. Mia collega spesso ___ il caricatore e ___ poi molto tempo a cercarne uno in aeroporto.

(Mijn collega vergeet vaak ___ de oplader en ___ er vervolgens veel tijd over om er op de luchthaven een te zoeken.)

Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

Di solito, nella valigia metto… / Prima di partire controllo sempre che non manchi… / Per questo viaggio porto con me…

  1. Devi partire domani per un breve viaggio di lavoro in Italia: che tipo di valigia o borsa porti e cosa metti dentro?
    Je vertrekt morgen op een korte zakenreis naar Italië: wat voor koffer of tas neem je mee en wat stop je erin?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Racconta come ti prepari la sera prima di un viaggio: quanto tempo impieghi a fare la valigia e cosa controlli sempre di non dimenticare?
    Vertel hoe je je de avond vóór een reis klaarmaakt: hoeveel tijd heb je nodig om te pakken en wat controleer je altijd om niet te vergeten?

    __________________________________________________________________________________________________________

  3. Sei all'aeroporto e l'impiegato ti dice che il bagaglio a mano è troppo grande: cosa rispondi o cosa chiedi in questa situazione?
    Je bent op de luchthaven en de medewerker zegt dat je handbagage te groot is: wat antwoord je of wat vraag je in die situatie?

    __________________________________________________________________________________________________________

  4. Vai al mare per il weekend con colleghi o amici: quali sono tre cose importanti che porti e perché?
    Je gaat in het weekend naar het strand met collega’s of vrienden: welke drie belangrijke dingen neem je mee en waarom?

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie


Gentile Signore/a,

la aspettiamo a Milano per il suo viaggio di lavoro dal 15 al 17 maggio.

Le ricordiamo che nel bagaglio a mano può portare solo liquidi in contenitori da 100 ml dentro una busta trasparente. Non può portare coltelli o liquidi grandi.

Nel nostro hotel forniamo asciugamani e prodotti per la doccia, quindi non è necessario metterli in valigia.

Cordiali saluti,
Reception Hotel Duomo
Chiara Bianchi


Geachte heer/mevrouw,

wij verwachten u in Milaan voor uw zakenreis van 15 tot 17 mei.

Wij herinneren u eraan dat u in de handbagage alleen vloeistoffen in verpakkingen van 100 ml mag meenemen en dat deze in een doorzichtige zak moeten zitten. U mag geen messen of grote hoeveelheden vloeistoffen meenemen.

In ons hotel voorzien wij handdoeken en doucheproducten, dus het is niet nodig deze in uw koffer te stoppen.

Met vriendelijke groet,
Receptie Hotel Duomo
Chiara Bianchi


Nuttige zinnen:

  1. La ringrazio per le informazioni sul bagaglio a mano.

    (Dank u voor de informatie over de handbagage.)

  2. Nel mio bagaglio a mano vorrei portare…

    (In mijn handbagage wil ik graag meenemen…)

  3. Vorrei sapere se è possibile…

    (Ik zou graag willen weten of…)

Gentile Chiara,

la ringrazio per le informazioni sul bagaglio a mano. Nel mio bagaglio a mano voglio portare il computer, un piccolo beauty con crema viso da 100 ml, gli occhiali da sole e il pigiama. Non porto asciugamani, perché li fornite voi.

Vorrei sapere se in camera c’è anche un asciugacapelli. Inoltre, a che ora posso fare il check-in il 15 maggio?

Cordiali saluti,

[Il tuo nome]

Geachte Chiara,

dank u voor de informatie over de handbagage. In mijn handbagage neem ik mijn laptop mee, een kleine toilettas met gezichtscrème van 100 ml, een zonnebril en mijn pyjama. Ik neem geen handdoeken mee, omdat u die verstrekt.

Ik zou graag willen weten of er ook een föhn in de kamer aanwezig is. Daarnaast: hoe laat kan ik op 15 mei inchecken?

Met vriendelijke groet,

[Uw naam]