Che cosa un project manager? Nel video viene intervistata una giovane project manager sulla sua professione.
Wat is een projectmanager? In de video wordt een jonge projectmanager geïnterviewd over haar beroep.

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Bekijk de video en beantwoord de bijbehorende vragen.

Woord Vertaling
Gestire il team Het team aansturen
Il progetto Het project
Portare a termine Afronden
Gestire Beheren
Dirigere Leiden
Il ruolo De rol
Il project manager gestisce il team in tutte le sue parti. (De projectmanager stuurt het team in al zijn onderdelen aan.)
Il suo compito è far terminare il progetto nei tempi previsti e secondo le richieste del cliente. (Zijn taak is het project binnen de gestelde termijn en volgens de wensen van de klant af te ronden.)
Per farlo raccoglie i dati e le richieste dell'utente. (Om dit te doen verzamelt hij de gegevens en de verzoeken van de gebruiker.)
Poi porta queste richieste ai membri del team per creare un progetto soddisfacente. (Vervolgens brengt hij deze verzoeken naar de teamleden zodat ze een tevredenstellend project kunnen opleveren.)
Sono diventata project manager per passione: mi piace gestire un progetto dall'inizio alla fine. (Ik ben projectmanager geworden uit passie: ik vind het leuk een project van begin tot eind te begeleiden.)
Mi sono laureata in ingegneria informatica e durante la magistrale ho studiato questa tematica. (Ik ben afgestudeerd in computertechniek en tijdens mijn master heb ik me met dit onderwerp beziggehouden.)
Ho capito che in un team serve una persona che diriga e porti il progetto fino alla fine. (Ik begreep dat een team iemand nodig heeft die het leiding geeft en het project tot het einde brengt.)
Mi piace vedere un progetto nascere, crescere, svilupparsi e poi essere consegnato ai clienti. (Ik vind het mooi om te zien hoe een project ontstaat, groeit, zich ontwikkelt en daarna aan de klanten wordt opgeleverd.)
Lavorare con colleghi diversi mi ha aiutato a capire il mio ruolo nel gruppo. (Het samenwerken met verschillende collega’s heeft me geholpen mijn rol binnen het team te begrijpen.)
Il project manager aiuta persone diverse a lavorare insieme e a collaborare; deve avere pazienza, saper comunicare, mediare i conflitti e possedere capacità tecniche e relazionali. (De projectmanager helpt verschillende mensen samen te laten werken en te laten samenwerken; hij moet geduld hebben, goed kunnen communiceren, conflicten kunnen bemiddelen en zowel technische als sociale vaardigheden bezitten.)

1. Qual è il compito principale del project manager?

(Wat is de belangrijkste taak van de projectmanager?)

2. Perché la speaker è diventata project manager?

(Waarom is de spreker projectmanager geworden?)

3. Che cosa fa il project manager con le richieste dell'utente?

(Wat doet de projectmanager met de verzoeken van de gebruiker?)

4. Quali qualità personali sono importanti per un project manager?

(Welke persoonlijke eigenschappen zijn belangrijk voor een projectmanager?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

Organizzazione e delegazione

Organisatie en delegeren
1. Marco: Che piacere rivederti, Beatrice. Come va il lavoro? (Wat fijn je weer te zien, Beatrice. Hoe gaat het op het werk?)
2. Beatrice: Sono contenta di rivederti, Marco. Bene, grazie: sono diventata project manager! (Ik ben blij je weer te zien, Marco. Goed, dank je — ik ben projectmanager geworden!)
3. Marco: Davvero? Interessante! Ma che cosa fa esattamente una project manager? (Echt? Interessant! Maar wat doet een projectmanager precies?)
4. Beatrice: Mi occupo dell’organizzazione dei progetti e della gestione del tempo del team. (Ik houd me bezig met de organisatie van projecten en met het tijdbeheer van het team.)
5. Marco: Sembra complicato, allora hai molta responsabilità. (Klinkt ingewikkeld; je hebt dus veel verantwoordelijkheid.)
6. Beatrice: Sì, è vero. Infatti una delle mie priorità è delegare i compiti alle persone giuste. (Ja, dat klopt. Een van mijn prioriteiten is taken delegeren aan de juiste mensen.)
7. Marco: Capisco. Come mai hai deciso di diventare proprio project manager? (Ik begrijp het. Waarom heb je ervoor gekozen projectmanager te worden?)
8. Beatrice: Perché ho sempre amato seguire un progetto dall’inizio alla fine. Ti ricordi quando facevamo i progetti a scuola? (Omdat ik altijd al graag een project van begin tot eind volg. Weet je nog dat we op school projecten deden?)
9. Marco: Certo che mi ricordo! Eri molto brava a organizzare il lavoro del gruppo e la gestione del tempo. (Natuurlijk! Je was heel goed in het organiseren van het groepswerk en het beheren van de tijd.)
10. Beatrice: Esatto. Adesso, sul lavoro, controllo anche che tutto sia completato nei tempi previsti. (Precies. Nu controleer ik op mijn werk ook dat alles binnen de geplande termijnen wordt afgerond.)
11. Marco: Wow, serve molta autonomia per fare bene questo lavoro. (Wauw, je hebt veel zelfstandigheid nodig om dit werk goed te doen.)
12. Beatrice: Sì, ma anche una buona comunicazione è fondamentale, soprattutto con il team e con i responsabili dei progetti. (Ja, maar goede communicatie is ook essentieel, vooral met het team en de projectverantwoordelijken.)

1. Leggi il dialogo. Che lavoro fa adesso Beatrice?

(Lees de dialoog. Wat voor werk doet Beatrice nu?)

2. Di che cosa si occupa Beatrice nel suo lavoro?

(Waar houdt Beatrice zich mee bezig in haar werk?)