Leer hoe je belangrijke documenten aanvraagt zoals het permesso di soggiorno, registreert bij INPS en je afdrukken afgeeft. Kernwoorden zijn onder andere 'domanda' (aanvraag), 'documenti' (documenten) en 'appuntamento' (afspraak).
Woordenschat (16) Delen Gekopieerd!
Oefeningen Delen Gekopieerd!
Deze oefeningen kunnen tijdens conversatielessen samen gedaan worden of als huiswerk.
Oefening 1: Vertaal en gebruik in een zin
Instructie: Kies een woord, vertaal het en gebruik het woord in een zin of dialoog.
1
L'autorità
De autoriteit
2
Obbligatorio
Verplicht
3
Il funzionario pubblico
De ambtenaar
4
Il permesso di lavoro
De werkvergunning
5
Il certificato
Het certificaat
Oefening 2: Gesprekskaarten
Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. Ho ______ domanda per il permesso di lavoro la settimana scorsa.
(Ik heb ______ werkvergunning aangevraagd.)2. Hai ______ il codice fiscale correttamente?
(Heb je het burgerservicenummer correct ______?)3. Abbiamo ______ che il municipio è aperto fino alle 17:00.
(We hebben ______ dat het gemeentehuis open is tot 17:00 uur.)4. Il funzionario pubblico è ______ molto disponibile durante il mio appuntamento.
(De ambtenaar is ______ zeer behulpzaam tijdens mijn afspraak.)Oefening 4: Naar het gemeentehuis voor de werkvergunning
Instructie:
Werkwoordschema's
Prendere - Prendere
Passato Prossimo
- io ho preso
- tu hai preso
- lui/lei ha preso
- noi abbiamo preso
- voi avete preso
- loro hanno preso
Arrivare - Arrivare
Passato Prossimo
- io sono arrivato/a
- tu sei arrivato/a
- lui/lei è arrivato/a
- noi siamo arrivati/e
- voi siete arrivati/e
- loro sono arrivati/e
Essere - Essere
Passato Prossimo
- io sono stato/a
- tu sei stato/a
- lui/lei è stato/a
- noi siamo stati/e
- voi siete stati/e
- loro sono stati/e
Scrivere - Scrivere
Passato Prossimo
- io ho scritto
- tu hai scritto
- lui/lei ha scritto
- noi abbiamo scritto
- voi avete scritto
- loro hanno scritto
Vedere - Vedere
Passato Prossimo
- io ho visto
- tu hai visto
- lui/lei ha visto
- noi abbiamo visto
- voi avete visto
- loro hanno visto
Oefening 5: Il passato prossimo con participi irregolari
Instructie: Vul het juiste woord in.
Grammatica: De voltooid tegenwoordige tijd met onregelmatige voltooid deelwoorden
Toon vertaling Toon antwoordenhai preso, avete visto, abbiamo detto, hanno scritto, è stato, sei stato, ho preso, ho visto
Grammatica Delen Gekopieerd!
We geven toe dat het niet het meest opwindende is, maar het is absoluut essentieel (en we beloven dat het zich zal terugbetalen)!
A2.9.1 Grammatica
Il passato prossimo con participi irregolari
De voltooid tegenwoordige tijd met onregelmatige voltooid deelwoorden
Werkwoordsvervoegingstabellen voor deze les Delen Gekopieerd!
Presentare indienen Delen Gekopieerd!
Passato prossimo
Italiaans | Nederlands |
---|---|
(io) ho presentato | ik heb ingediend |
(tu) hai presentato | jij hebt ingediend |
(lui/lei) ha presentato | hij/zij heeft ingediend |
(noi) abbiamo presentato | wij hebben ingediend |
(voi) avete presentato | jullie hebben ingediend |
(loro) hanno presentato | zij hebben ingediend |
Zie je geen vooruitgang als je alleen studeert? Bestudeer dit materiaal met een gecertificeerde docent!
Wil je vandaag Italiaans oefenen? Dat is mogelijk! Neem gewoon vandaag nog contact op met een van onze docenten.
Les: Papierwerk en bureaucratie in het Italiaans
Deze les richt zich op het leren van de belangrijkste woorden, uitdrukkingen en dialogen die je nodig hebt om je weg te vinden in administratieve procedures in Italië. Het niveau is A2, passend voor beginnende taalgebruikers die al een basiskennis van het Italiaans hebben en nu praktisch willen leren communiceren over officiële en dagelijkse bureaucratische zaken.
Overzicht van de lesinhoud
Je leert hoe je gesprek voert bij instanties zoals het patronato, het INPS, en het gemeentehuis, bijvoorbeeld voor het aanvragen van een verblijfsvergunning, registreren bij de sociale zekerheidsinstantie en het afgeven van vingerafdrukken.
Belangrijke thema's en woordenschat
- Documenten noemen: passaporto (paspoort), codice fiscale (fiscaal nummer), contratto di lavoro (arbeidsovereenkomst), modulo di richiesta (aanvraagformulier).
- Vragen naar procedures: hoe een aanvraag indienen, welke documenten meenemen, wanneer een afspraak maken.
- Veelgebruikte werkwoorden: fissare (afspreken), compilare (invullen), presentare (indienen), spiegare (uitleggen), fare domanda (een aanvraag doen).
- Tijdsaanduidingen en termijnverwachtingen: bijvoorbeeld da uno a tre mesi (één tot drie maanden), entro la scadenza (voor de deadline).
Structuur van de les
Je oefent met realistische dialogen die situaties nabootsen zoals gesprek bij het patronato voor een verblijfsvergunning en registratie bij het INPS. Daarnaast oefen je werkwoordvervoegingen in de passato prossimo, een veelgebruikte verleden tijd in het dagelijks Italiaans, aan de hand van een korte verhaaltekst met invulwoorden. De combinatie van luister-, spreek- en schrijfvaardigheden maakt de les effectief.
Specifieke taalverschillen tussen Nederlands en Italiaans
In het Italiaans is de passato prossimo de meest gebruikte tijd om over recente gebeurtenissen in het verleden te praten, terwijl in het Nederlands vaak de voltooid tegenwoordige tijd met hebben of zijn wordt gebruikt. Bijvoorbeeld: ho fissato un appuntamento vertaalt naar het Nederlands als "ik heb een afspraak gemaakt".
Ook is het gebruik van reflexieve werkwoorden, zoals fare domanda (letterlijk "vraag doen", zou in het Nederlands "een aanvraag indienen" zijn), belangrijk om te leren. Daarnaast zijn formele aanspreekvormen en correct gebruik van beleefdheidsuitdrukkingen in administratieve contexten essentieel.
Handige uitdrukkingen en woorden met Nederlandse equivalenten
- fare domanda per – een aanvraag indienen voor
- compilare il modulo – het formulier invullen
- presentare i documenti – documenten indienen
- prendere un appuntamento – een afspraak maken
- scadenza – deadline/expiratiedatum
- modulo – formulier
Deze les helpt je om zelfverzekerd te communiceren in bureaucratische situaties die van belang zijn voor werk, verblijfsvergunningen en sociale zekerheid in Italië.