L'imperativo è un tempo verbale usato per dare comandi e ordini.

(De imperativo is een werkwoordstijd die wordt gebruikt om bevelen en opdrachten te geven.)

Wanneer gebruik je het imperativo?

Het imperativo is de gebiedende wijs: je geeft een instructie, advies of verzoek.

  • Tu = tegen één persoon (jij).
  • Noi = “laten we …” (wij samen).
  • Voi = tegen meerdere personen (jullie / u in formele situaties in meervoud).

Snel stappenplan: zo maak je de vorm

  1. Kies de persoon: tu, noi of voi.
  2. Kijk naar de infinitief: -are, -ere of -ire.
  3. Gebruik de juiste regel hieronder (let vooral op tu).

De “valkuil” bij tu: -are werkt anders

Bij tu zijn er twee patronen:

Werkwoordtype Tu-imperativo Waar lijkt het op?
-are (1e) 3e persoon ev. presens lui/lei: parla
-ere (2e) 2e persoon ev. presens tu: scrivi
-ire (3e) 2e persoon ev. presens tu: apri
  • parlare → (tu) parla
  • scrivere → (tu) scrivi
  • aprire → (tu) apri

Zelfcheck: Zie je -are? Dan is het bij tu meestal zoals lui/lei.

Noi en voi: gewoon de tegenwoordige tijd

Voor noi en voi is het makkelijk: neem de normale presensvorm.

  • (noi) parliamo, scriviamo, apriamo = “laten we …”
  • (voi) parlate, scrivete, aprite = “jullie …”

Onregelmatige vormen die je echt nodig hebt

Deze komen vaak voor in instructies (werk, afspraken, e-mails).

Infinitief tu noi voi
essere (zijn) sii siamo siate
avere (hebben) abbi abbiamo abbiate
dire (zeggen) di' diciamo dite

Veelgemaakte fouten (en hoe je ze voorkomt)

  • Niet de persoonsvormen mengen in één zin.

    Apri il portale e cercate offerte.Apri il portale e cerca offerte.

  • Geen presens gebruiken als je een bevel bedoelt.

    Sei puntuale.Sii puntuale.

  • Let op -are bij tu: niet *parli*.

    Parli più piano.Parla più piano.

Mini-checklist: klopt mijn imperativo?

  1. Is het duidelijk voor wie? tu / noi / voi
  2. Is het een -are-werkwoord met tu? Dan: 3e persoon ev.
  3. Is het noi/voi? Dan: gewone presens
  4. Gaat het om essere/avere/dire? Dan: onregelmatige vorm checken

Wat leer je hiermee zeggen (praktisch, op het werk)?

  • Parla più lentamente, per favore. (Spreek langzamer.)
  • Scriviamo un’email e poi apriamo il file. (Laten we een mail schrijven en dan het bestand openen.)
  • Siate puntuali e portate i documenti. (Wees op tijd en neem de documenten mee.)
  1. Voor "tu" gebruik je de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd voor werkwoorden van de eerste vervoeging.
  2. Voor "tu" bij werkwoorden van de tweede en derde vervoeging gebruik je de tweede persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd.
  3. Voor "noi", "voi" gebruik je de overeenkomstige vervoeging in de tegenwoordige tijd.
Persona (Persoon)1a coniugazione: Parlare (1e vervoeging: parlare)2a coniugazione: Scrivere (2e vervoeging: scrivere)3a coniugazione: Aprire (3e vervoeging: aprire)
Tu (jij)Parla (praat)Scrivi (schrijf)Apri (open)
Noi (wij)Parliamo (laten we praten)Scriviamo (laten we schrijven)Apriamo (laten we openen)
Voi (jullie)Parlate (praat)Scrivete (schrijf)Aprite (open)

Uitzonderingen!

  1. Onregelmatige werkwoorden: essere (sii, siamo, siate); avere (abbi, abbiamo, abbiate); dire (di', diciamo, dite).

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. _____ in modo chiaro delle tue competenze durante il colloquio.

_____ tijdens het sollicitatiegesprek duidelijk over je vaardigheden.

2. _____ un curriculum semplice e completo, indicando la tua esperienza lavorativa più recente.

_____ een eenvoudig en volledig cv en vermeld je meest recente werkervaring.

3. _____ il portale del lavoro e cerchiamo un'offerta adatta al tuo profilo.

_____ het jobportaal en zoeken naar een aanbod dat bij jouw profiel past.

4. _____ puntuale e porta una copia del curriculum al colloquio.

_____ op tijd en neem een kopie van het cv mee naar het sollicitatiegesprek.

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de correcte zin in de gebiedende wijs.

1.
Fout in persoon: "cercate" is de imperatief voor "voi", inconsequent met "apri" dat tot "tu" is gericht.
Typische fout: "apre" is 3e persoon enkelvoud; voor de imperatief met "tu" gebruik je "apri".
2.
Fout in persoon: "scrivete" is voor "voi", terwijl "mandalo" en "tuo" de tweede persoon enkelvoud aangeven.
Veelgemaakte fout: het correcte lijdend-voorwerpspronomen "mandalo" ontbreekt; bovendien klinkt "manda oggi" onvolledig vergeleken met "mandalo oggi".

Oefening 3: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen door het onderwerp (jij/wij/jullie) om te zetten in een gebiedende wijs. Voorbeeld: “Jij moet zachter praten.” → “Praat zachter.”

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. Hint Hint (Tu) Tu devi parlare più piano in ufficio.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Parla più piano in ufficio.
    (Praat zachter op kantoor.)
  2. Hint Hint (Noi) Noi dobbiamo aprire la finestra perché fa caldo.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Apriamo la finestra, fa caldo.
    (Laten we het raam openmaken, het is warm.)
  3. Hint Hint (Voi) Voi dovete scrivere il vostro nome e cognome sul modulo.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Scrivete il vostro nome e cognome sul modulo.
    (Vul jullie voor- en achternaam op het formulier in.)
  4. Hint Hint (Tu) Tu devi avere pazienza: il medico è in ritardo.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Abbi pazienza: il medico è in ritardo.
    (Heb geduld: de dokter is te laat.)

Oefening 4: Grammatica in actie

Instructie: Doe aan rollenspel: de werkgever geeft instructies, de kandidaat antwoordt en vraagt om bevestiging.

Vertaling tonen/verbergen
Situatie
Sei al colloquio di lavoro: il datore di lavoro spiega le prime attività.
(Je bent bij een sollicitatiegesprek: de werkgever legt de eerste activiteiten uit.)

Bespreek
  • Quali compiti dà il datore al dipendente per il primo giorno? (Welke taken geeft de werkgever aan de werknemer voor de eerste dag?)
  • Cosa deve scrivere il candidato nel curriculum e perché? (Wat moet de kandidaat in het cv schrijven en waarom?)

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • Parla della tua esperienza lavorativa e della motivazione. (Praat over je werkervaring en je motivatie.)
  • Scrivi nel curriculum le competenze: puntuale, organizzato, motivato. (Schrijf in het cv de vaardigheden: punctueel, georganiseerd, gemotiveerd.)
  • Apri l'offerta di lavoro e leggi salario, responsabilità e requisiti. (Open de vacature en lees salaris, verantwoordelijkheden en vereisten.)

Gebruik in gesprek
  • Imperativo tu (Parla, Scrivi, Apri) (Gebiedende wijs jij (Praat, Schrijf, Open))
  • Imperativo noi (Parliamo, Scriviamo, Apriamo) (Gebiedende wijs wij (Laten we praten, Laten we schrijven, Laten we openen))

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Fabio Pirioni

Bachelor in de geesteswetenschappen

University of Udine

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

woensdag, 15/04/2026 20:25