Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

la moda — lo stile (mode — stijl)
un accessorio — un oggetto in più (een accessoire — een extra voorwerp)
elegante — raffinato (elegant — verfijnd)
davanti allo specchio — di fronte allo specchio (voor de spiegel — voor het spiegelbeeld)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Dress code e consigli per la cena aziendale

Vul de lege plekken in: vestito, spezzato, nell’armadio, calze, elegante, cravatta, cambiarti, accanto, consiglia

(Dresscode en tips voor het bedrijfsdiner)

Promemoria HR – Cena aziendaleLa cena si svolge al ristorante “La Terrazza”. Il dress code è smart casual: niente jeans strappati o scarpe da ginnastica. Va bene uno oppure un semplice. Gli accessori devono essere discreti (sciarpa, ). Se porti una giacca, assicurati che sia pulita e in ordine.

Per evitare stress, prepara i capi la sera prima: metti la camicia e le nel cassetto, alla biancheria. Se non sei sicuro, chiedi a un collega: di solito un look più per chi parla durante la serata. Se arrivi dall’ufficio, puoi anche in bagno, davanti allo specchio.
HR-herinnering – Bedrijfsdiner (vrijdag, 20.00 uur)
Het diner vindt plaats in restaurant “La Terrazza”. De dresscode is smart casual: geen gescheurde jeans of sportschoenen. Een colbert met pantalon of een eenvoudige jurk is prima. Accessoires dienen subtiel te zijn (sjaal, stropdas). Als je een jas meeneemt, zorg dat deze schoon en netjes is.

Om stress te voorkomen: bereid de kleding de avond ervoor voor—hang het overhemd in de kast en leg de sokken in de lade, naast het ondergoed. Als je twijfelt, vraag een collega; die raadt meestal een nettere look aan voor wie tijdens de avond spreekt. Als je van kantoor komt, kun je je ook in het toilet omkleden, voor de spiegel.

  1. Che tipo di dress code è richiesto e quali capi non sono adeguati?

    (Welk type dresscode wordt gevraagd en welke kledingstukken zijn niet geschikt?)

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

Domani ho una riunione importante in ufficio e non so cosa mettere. Di solito vesto in modo informale, ma questa volta voglio essere più elegante. Ho un completo blu e posso aggiungere una sciarpa come accessorio. Una collega mi ha suggerito la cravatta, ma per me è troppo formale. Se farà freddo, metterò calze più spesse. Stasera mi cambierò e proverò tutto davanti allo specchio.
(Morgen heb ik een belangrijke vergadering op kantoor en ik weet niet wat ik moet aantrekken. Meestal kleed ik me informeel, maar deze keer wil ik wat netter zijn. Ik heb een blauw pak en ik kan een sjaal als accessoire toevoegen. Een collega stelde de stropdas voor, maar voor mij is dat te formeel. Als het koud wordt, trek ik dikkere kousen aan. Vanavond kleed ik me om en probeer ik alles voor de spiegel.)
Waar Onwaar

(De persoon praat over een werkafspraak en wil zich formeler kleden dan normaal.)

(Ze besluit de stropdas te dragen omdat de collega zegt dat het momenteel in de mode is.)

(Ze verwacht dikkere kousen te kiezen als de temperatuur daalt.)

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Alla fine, ieri ___ ___ davanti allo specchio perché il completo non mi stava bene.

(Uiteindelijk ___ ___ gisteren voor de spiegel omdat het pak me niet goed stond.)

2. In negozio, la commessa ___ ___ una sciarpa elegante da abbinare al cappotto.

(In de winkel ___ ___ mij een elegante sjaal aanbevolen om bij de jas te dragen.)

3. Quando sono arrivato a casa, ___ ___ e avevo messo le calze nel cassetto.

(Toen ik thuis aankwam, ___ ___ en had de sokken in de lade gelegd.)

Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

Di solito mi vesto in modo elegante/informale. / Oggi indosso… e porto… / Ho la sciarpa sopra il cappotto e le calze nelle scarpe.

  1. Hai un evento di lavoro in Italia (riunione o cena). Cosa indossi e perché?
    Je hebt een zakelijke afspraak in Italië (vergadering of diner). Wat draag je en waarom?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Descrivi il tuo outfit di oggi: quali vestiti e accessori hai e dove li porti (per esempio la sciarpa, la cravatta o le calze)?
    Beschrijf je outfit van vandaag: welke kleren en accessoires draag je en hoe draag je ze (bijvoorbeeld de sjaal, de stropdas of de sokken)?

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie


Ciao! Domani dopo il lavoro alcuni colleghi vanno a fare un aperitivo in centro. Non so cosa mettere: di solito vado sempre molto informale.

Tu come ti vesti di solito per queste occasioni? Secondo te è meglio una camicia con una giacca oppure va bene un look più semplice? Se hai un consiglio, dimmelo 😊

— Marco


Hoi! Morgen gaan een paar collega’s na het werk naar het centrum voor een borrel. Ik weet niet wat ik moet aantrekken: meestal kleed ik me altijd heel informeel.

Hoe kleed jij je gewoonlijk voor zulke gelegenheden? Vind jij dat een overhemd met een jasje beter is of is een simpelere outfit prima? Als je een advies hebt, zeg het me 😊

— Marco


Nuttige zinnen:

  1. Di solito per un aperitivo metto…

    (Meestal draag ik voor een borrel…)

  2. Secondo me è meglio… perché…

    (Volgens mij is het beter om… omdat…)

  3. Se vuoi, puoi portare la cravatta nella borsa / la sciarpa sopra la giacca.

    (Als je wilt, kun je de stropdas in je tas meenemen / de sjaal over het jasje dragen.)

Ciao Marco! Per un aperitivo io scelgo un look semplice ma curato. Di solito metto jeans scuri e una camicia, e se fa fresco una giacca leggera. Secondo me così sei elegante senza essere troppo formale. Se vuoi, porta la cravatta nella borsa e decidi dopo. Io metterò un vestito nero con una sciarpa. A domani!

Hoi Marco! Voor een borrel kies ik een eenvoudige maar verzorgde look. Meestal draag ik donkere jeans en een overhemd, en als het fris is een licht jasje. Volgens mij ben je op die manier elegant zonder te formeel te zijn. Als je wilt, neem de stropdas in je tas en beslis later. Ik draag een zwarte jurk met een sjaal. Tot morgen!