Esercizio: Gespreksoefening

Istruzione:

  1. Spiega cosa succede in ogni scena. (Leg uit wat er in elke scène gebeurt.)
  2. Simula un dialogo tra l'ospite, che segnala un problema, e il personale che lo aiuta. (Simuleer een dialoog tussen de gast, die een probleem meldt, en het personeel dat hem helpt.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten