Il video spiega come fare interventi costruttivi in una riunione di lavoro.
De video legt uit hoe je constructieve bijdragen kunt leveren tijdens een werkvergadering.

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Herken de aangegeven woordenschat in de video.

Woord Vertaling
Gli interventi efficaci Effectieve bijdragen
Le riunioni Vergaderingen
Ascoltare attentamente Aandachtig luisteren
Essere presenti Aanwezig zijn
Essere qui e ora Hier en nu zijn
Ansia di parlare Spreekangst
Esprimersi in modo chiaro Zich duidelijk uitdrukken
Esprimersi in modo semplice Zich eenvoudig uitdrukken
Essere chiari Duidelijk zijn
Esempi Voorbeelden
Metafore Metaforen
Storie Verhalen
Essere concisi Bondig zijn
In poche parole In enkele woorden
Un atteggiamento costruttivo Een constructieve houding
Dialogo Dialoog
Giudizio Oordeel
Comportamento distruttivo Destructief gedrag
Come fare interventi efficaci nelle riunioni? In questo testo trovi tre consigli semplici. (Hoe lever je effectieve bijdragen tijdens vergaderingen? In deze tekst vind je drie eenvoudige tips.)
Primo consiglio: ascoltare attentamente durante la riunione ed essere presenti qui e ora. (Eerste tip: tijdens de vergadering aandachtig luisteren en hier en nu aanwezig zijn.)
Non bisogna pensare ad altro e non bisogna concentrarsi sull’ansia di parlare. (Je moet niet aan iets anders denken en je niet richten op de angst om te spreken.)
Secondo consiglio: esprimersi in modo chiaro e semplice, con frasi brevi. (Tweede tip: jezelf op een duidelijke en eenvoudige manier uitdrukken, met korte zinnen.)
Essere chiari significa usare esempi, metafore o piccole storie per farsi capire. (Duidelijk zijn betekent voorbeelden, metaforen of korte verhaaltjes gebruiken om begrepen te worden.)
È importante anche essere concisi e dire le cose in poche parole. (Het is ook belangrijk bondig te zijn en dingen in enkele woorden te zeggen.)
Terzo consiglio: avere un atteggiamento costruttivo con i colleghi in riunione. (Derde tip: een constructieve houding hebben ten opzichte van collega’s tijdens de vergadering.)
Un atteggiamento costruttivo cerca il dialogo e non il giudizio sulle persone. (Een constructieve houding zoekt de dialoog en niet het oordeel over personen.)
Questo atteggiamento è l’opposto di un comportamento distruttivo e aggressivo. (Deze houding is het tegenovergestelde van destructief en agressief gedrag.)
Così le riunioni sono più utili e tutti possono partecipare meglio al lavoro. (Zo zijn vergaderingen nuttiger en kan iedereen beter deelnemen aan het werk.)

Begripsvragen:

  1. Qual è il primo consiglio per fare interventi efficaci durante una riunione?

    (Wat is de eerste tip om effectieve bijdragen te leveren tijdens een vergadering?)

  2. In che modo si può essere chiari quando si parla in riunione? Fai un esempio.

    (Op welke manier kun je duidelijk zijn wanneer je in een vergadering spreekt? Geef een voorbeeld.)

  3. Che cosa significa avere un atteggiamento costruttivo in riunione, e cosa è il suo opposto?

    (Wat betekent het om in een vergadering een constructieve houding te hebben, en wat is het tegenovergestelde daarvan?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

Riunione lunga in ufficio

Lange vergadering op kantoor
1. Davide: La riunione è stata lunga, ma alla fine abbiamo preso una decisione importante. (De vergadering was lang, maar uiteindelijk hebben we een belangrijke beslissing genomen.)
2. Debora: Sì, però io non sono completamente d’accordo su alcune cose che sono state dette. (Ja, maar ik ben het niet helemaal eens met sommige dingen die gezegd zijn.)
3. Davide: Quali punti non ti sono piaciuti? Io credo che la proposta di rinviare il progetto sia giusta. (Welke punten bevielen je niet? Ik vind dat het voorstel om het project uit te stellen juist is.)
4. Debora: Non sono sicura. Rinviare significa perdere tempo e la produttività potrebbe calare. (Ik weet het niet zeker. Uitstellen betekent tijdsverlies en de productiviteit kan dalen.)
5. Davide: Capisco, ma se non siamo tutti pronti non possiamo iniziare. A volte ci vuole più tempo. (Ik begrijp het, maar als we niet allemaal klaar zijn, kunnen we niet beginnen. Soms kost het gewoon meer tijd.)
6. Debora: Sì, ma non mi piace che le riunioni siano così lunghe. Gli interventi dovrebbero essere più brevi. (Ja, maar ik vind het vervelend dat vergaderingen zo lang duren. De bijdragen zouden korter moeten zijn.)
7. Davide: Sono d’accordo, alcuni interventi sono davvero noiosi e troppo lunghi. (Daar ben ik het mee eens; sommige bijdragen zijn echt saai en te lang.)
8. Debora: Dovrebbero organizzare un corso per fare interventi più efficaci. (Ze zouden een cursus moeten organiseren om effectiever te leren presenteren.)
9. Davide: Forse è anche per questo che le riunioni durano così tanto. (Misschien is dat ook de reden dat vergaderingen zo lang duren.)
10. Debora: Sì, e anche perché la sala riunioni è molto buia, mi viene sonno! (Ja, en ook omdat de vergaderruimte erg donker is; ik word er slaperig van!)
11. Davide: Ahah, allora la prossima volta facciamo la riunione al bar. (Haha, dan houden we de volgende keer de vergadering in het café.)

1. Perché la riunione è stata importante, secondo Davide?

(Waarom was de vergadering volgens Davide belangrijk?)

2. Su quale proposta Davide e Debora non sono completamente d’accordo?

(Over welk voorstel zijn Davide en Debora het niet helemaal eens?)

Oefening 3: Openingsvragen voor gesprekken

Instructie: Beantwoord de vragen en corrigeer ze met je leraar.

  1. Nel tuo lavoro, quando non sei d'accordo con una decisione in riunione, cosa dici o cosa fai di solito?
    Op je werk: wat zeg je of wat doe je meestal als je het niet eens bent met een beslissing tijdens een vergadering?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Secondo te, cosa è importante per rendere una riunione breve ma efficace? Indica una o due cose.
    Wat vind jij belangrijk om een vergadering kort maar effectief te houden? Noem één of twee dingen.

    __________________________________________________________________________________________________________

  3. Racconta una riunione recente: qual era l'argomento principale e sei stato d'accordo con la decisione finale?
    Vertel over een recente vergadering: wat was het belangrijkste onderwerp en was je het eens met de uiteindelijke beslissing?

    __________________________________________________________________________________________________________

  4. Se la sala riunioni è scomoda (per esempio troppo buia o rumorosa), cosa proponi ai colleghi o al capo?
    Als de vergaderruimte oncomfortabel is (bijvoorbeeld te donker of te lawaaierig), wat stel je dan voor aan collega’s of aan je leidinggevende?

    __________________________________________________________________________________________________________