A2.5 - Huur uw vervoer
Haal je boekNoleggia un'auto, una bicicletta o un motorino.
Gestisci la tua assicurazione auto e il deposito.
Ritira e restituisci il tuo mezzo di trasporto.
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.
Marco is op zakenreis in Rome en gaat een autoverhuurbedrijf binnen om een auto te huren.
De lijdendevoornaamwoorden vervangen reeds genoemde zelfstandige naamwoorden.
Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.