Si usa per riportare qualcosa avvenuta del passato.
(Je gebruikt dit om iets te vertellen dat in het verleden is gebeurd.)
- De formule is: werkwoord + "che" + passato prossimo.
| Azione passata (Actie in het verleden) | Frase indiretta (Indirecte zin) |
|---|---|
| Marco: "Sono stato al mercato." (Marco: "Ik ben naar de markt geweest.") | Marco dice che è stato al mercato. (Marco zegt dat hij naar de markt is geweest.) |
| Giulia: "Ha convinto tutti." (Giulia: "Hij/zij heeft iedereen overtuigd.") | Giulia pensa che hai convinto tutti. (Giulia denkt dat jij iedereen hebt overtuigd.) |
| Fabio: "Ho rifiutato l'offerta." (Fabio: "Ik heb het aanbod geweigerd.") | Fabio dice che ha rifiutato l'offerta. (Fabio zegt dat hij het aanbod heeft geweigerd.) |
| Paolo e Maria: "Abbiamo fatto un compromesso." (Paolo en Maria: "We hebben een compromis gesloten.") | Paolo e Maria dicono che hanno fatto un compromesso. (Paolo en Maria zeggen dat ze een compromis hebben gesloten.) |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Il responsabile dice che ____ un compromesso con il cliente.
De verantwoordelijke zegt dat ze ____ een compromis met de klant hebben gesloten.2. Giulia dice che ____ l'offerta perché non era conveniente.
Giulia zegt dat ze ____ het aanbod omdat het niet voordelig was.3. Marco pensa che ____ molto convincente nella discussione.
Marco denkt dat ____ erg overtuigend in de discussie.4. Paolo scrive che ____ il fornitore con una controfferta.
Paolo schrijft dat ze ____ de leverancier met een tegenaanbod.Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de correcte zin in indirecte rede met de voltooid tegenwoordige tijd.
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Zet de zinnen om in indirecte rede: gebruik het werkwoord (zeggen / denken / uitleggen) + dat + voltooid tegenwoordige tijd. Voorbeeld: "Ik ben klaar" → Hij zegt dat hij klaar is.
-
Laura: "Ho inviato l'email al cliente."⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldLaura dice che ha inviato l'email al cliente.(Laura zegt dat ze de e-mail naar de klant heeft gestuurd.)
-
Il responsabile: "Abbiamo cambiato l'orario della riunione."⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIl responsabile dice che hanno cambiato l'orario della riunione.(De verantwoordelijke zegt dat ze het tijdstip van de vergadering hebben veranderd.)
-
Noi: "Siamo arrivati in ritardo al colloquio."⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldNoi diciamo che siamo arrivati in ritardo al colloquio.(Wij zeggen dat we te laat op het sollicitatiegesprek zijn aangekomen.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldLei pensa che tu abbia firmato il contratto ieri.(Zij denkt dat jij het contract gisteren hebt ondertekend.)
Oefening 4: Grammatica in actie
Instructie: In tweetallen hebben ze het gesprek gereconstrueerd door de indirecte rede in de voltooid tegenwoordige tijd te gebruiken.
- Qual è stata l'offerta e qual è stata la controfferta? (Wat was het aanbod en wat was het tegenaanbod?)
- Chi ha rifiutato qualcosa e perché? Qual è stato il risultato? Come? (Wie heeft iets geweigerd en waarom? Wat was het resultaat? Hoe?)
- durante la discussione, dicono che hanno fatto una controfferta (tijdens de discussie zeggen ze dat ze een tegenaanbod hebben gedaan)
- credo che il compromesso sia stato utile (ik denk dat het compromis nuttig is geweest)
- lei dice che ha rifiutato l'offerta (zij zegt dat ze het aanbod heeft geweigerd)
- X dice che ha rifiutato l'offerta. (X zegt dat hij het aanbod heeft geweigerd.)
- Y pensa che abbiamo fatto un compromesso. (Y denkt dat we een compromis hebben gesloten.)