Il video dà alcuni consigli semplici per prepararsi a un colloquio di lavoro e fare una buona prima impressione.
De video geeft enkele eenvoudige tips om je voor te bereiden op een sollicitatiegesprek en een goede eerste indruk te maken.

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Bekijk de video en beantwoord de bijbehorende vragen.

Woord Vertaling
Colloquio di lavoro Sollicitatiegesprek
Prima impressione Eerste indruk
Datore di lavoro Werkgever
Competenze Vaardigheden
Domande più comuni Meest voorkomende vragen
Mi parli di lei Vertel iets over uzelf
Recruiter Recruiter
Esperienze lavorative Werkervaring
Punti di forza Sterke punten
Prepararsi bene a un colloquio di lavoro è importante per ottenere il lavoro desiderato. (Goed voorbereid zijn op een sollicitatiegesprek is belangrijk om de gewenste baan te krijgen.)
La prima impressione aiuta a dare un’immagine positiva al datore di lavoro e al recruiter. (De eerste indruk helpt om een positief beeld achter te laten bij de werkgever en de recruiter.)
Il primo incontro può essere in presenza o in videochiamata ed è molto importante. (De eerste ontmoeting kan fysiek of via een videogesprek plaatsvinden en is erg belangrijk.)
Puoi mettere in risalto le tue capacità e competenze con professionalità e preparazione. (Je kunt je capaciteiten en vaardigheden benadrukken met professionaliteit en een goede voorbereiding.)
Prima del colloquio è utile informarsi sull’azienda tramite il sito web e i social. (Voor het gesprek is het nuttig om informatie over het bedrijf te verzamelen via de website en sociale media.)
È importante rileggere bene l’annuncio di lavoro per cui ci si è candidati. (Het is belangrijk de vacaturetekst goed door te nemen waarop je hebt gesolliciteerd.)
È bene preparare le risposte alle domande più comuni e alcune domande da fare al recruiter. (Het is verstandig om antwoorden voor te bereiden op de meest voorkomende vragen en ook enkele vragen klaar te hebben voor de recruiter.)
Il giorno del colloquio bisogna arrivare puntuali, salutare con educazione e vestirsi in modo ordinato. (Op de dag van het gesprek moet je op tijd komen, beleefd groeten en jezelf netjes kleden.)
Durante il colloquio è importante controllare il linguaggio del corpo e la postura. (Tijdens het gesprek is het belangrijk op je lichaamstaal en houding te letten.)
Alla domanda “Mi parli di lei” conviene dire chi si è, le qualifiche e le competenze, mettendo in risalto i propri punti di forza. (Op de vraag "Vertel iets over uzelf" kun je het beste vertellen wie je bent, je kwalificaties en vaardigheden en je sterke punten benadrukken.)

1. Perché è importante prepararsi bene a un colloquio di lavoro?

(Waarom is het belangrijk je goed voor te bereiden op een sollicitatiegesprek?)

2. Cosa è utile fare prima del colloquio riguardo all’azienda?

(Wat is nuttig om te doen over het bedrijf vóór het gesprek?)

3. Cosa bisogna fare il giorno del colloquio?

(Wat moet je doen op de dag van het gesprek?)

4. Come è meglio rispondere alla domanda “Mi parli di lei”?

(Hoe kun je het beste reageren op de vraag "Vertel iets over uzelf"?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

Colloquio di lavoro

Sollicitatiegesprek
1. Tommaso: Permesso, buongiorno! (Mag ik binnen? Goedemorgen!)
2. Intervistatrice: Buongiorno, prego, si accomodi. Mi parli un po' di lei. (Goedemorgen. Alstublieft, gaat u zitten. Vertel eens iets over uzelf.)
3. Tommaso: Sono Tommaso, ho trent’anni e lavoro come project manager. (Ik ben Tommaso, ik ben dertig jaar oud en ik werk als projectmanager.)
4. Intervistatrice: Molto bene. Quanta esperienza ha come project manager? (Prima. Hoeveel ervaring heeft u als projectmanager?)
5. Tommaso: Lo faccio da due anni, ma in questo periodo ho avuto modo di gestire molti progetti. (Ik doe dit al twee jaar, maar in die tijd heb ik veel projecten geleid.)
6. Intervistatrice: Perché dovremmo assumerla come direttore della gestione dei progetti? (Waarom zouden wij u moeten aannemen als directeur projectmanagement?)
7. Tommaso: Perché ho esperienza nella gestione dei progetti, anche diversi contemporaneamente. (Omdat ik ervaring heb met het managen van projecten, ook meerdere tegelijk.)
8. Intervistatrice: Va bene. Quali sono i suoi punti di forza? (Goed. Wat zijn uw sterke punten?)
9. Tommaso: Sono molto organizzato, competente, puntuale e responsabile. (Ik ben erg georganiseerd, bekwaam, punctueel en verantwoordelijk.)
10. Intervistatrice: Ottimo. Parlerò con il capo e con le risorse umane per fissare un secondo colloquio. (Uitstekend. Ik zal met de leidinggevende en HR overleggen om een tweede gesprek in te plannen.)
11. Tommaso: Certamente. Nel secondo colloquio discuteremo del periodo di prova e del salario? (Zeker. Zullen we tijdens het tweede gesprek de proefperiode en het salaris bespreken?)
12. Intervistatrice: Sì, sarà un colloquio più specifico. (Ja, het wordt een specifieker gesprek.)
13. Tommaso: Perfetto, grazie per questa opportunità! (Perfect, bedankt voor deze kans!)

1. Dove si trovano Tommaso e l’intervistatrice?

(Waar bevinden Tommaso en de interviewster zich?)

2. Che lavoro fa attualmente Tommaso?

(Wat doet Tommaso momenteel voor werk?)