Alcuni participi passati sono irregolari e si usano per parlare di azioni recenti.
(Sommige voltooid deelwoorden zijn onregelmatig en je gebruikt ze om over recente acties te praten.)
| Verbo (Werkwoord) | Participio irregolare (Onregelmatig voltooid deelwoord) | Esempio (Voorbeeld) |
|---|---|---|
| Essere (Zijn) | Stato (geweest) | Il funzionario è stato molto gentile. (De ambtenaar is geweest heel vriendelijk.) |
| Dire (Zeggen) | Detto (gezegd) | Ho detto che ho un appuntamento oggi. (Ik heb gezegd dat ik vandaag een afspraak heb.) |
| Fare (Doen) | Fatto (gedaan) | Ho fatto domanda per il permesso di lavoro. (Ik heb een aanvraag ingediend voor de werkvergunning.) |
| Scrivere (Schrijven) | Scritto (geschreven) | Hai scritto il codice fiscale? (Heb je het fiscaal nummer opgeschreven?) |
| Vedere (Zien) | Visto (gezien) | Avete visto dov'è il municipio? (Hebben jullie gezien waar het gemeentehuis is?) |
| Prendere (Nemen) | Preso (genomen) | Non hanno preso appuntamento per oggi. (Ze hebben geen afspraak gemaakt voor vandaag.) |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Buongiorno, è già ___ qui per il rinnovo del documento?
Goedemorgen, bent u al ___ hier geweest voor de verlenging van het document?2. Ho ___ al funzionario che ho un appuntamento alle dieci.
Ik heb tegen de ambtenaar ___ dat ik om tien uur een afspraak heb.3. Hai ___ il codice fiscale nel modulo per il permesso di lavoro?
Heb je het burgerservicenummer op het formulier voor de werkvergunning ___?4. Avete ___ un appuntamento online o siete venuti senza prenotazione?
Hebben jullie online een afspraak ___ of zijn jullie zonder afspraak gekomen?Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste zin met de passato prossimo en een onregelmatig voltooid deelwoord.
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen in de passato prossimo waarbij je het juiste onregelmatige voltooid deelwoord gebruikt (stato, detto, fatto, scritto, visto, preso).
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIl funzionario è stato molto gentile oggi.(De ambtenaar is vandaag erg vriendelijk geweest.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldHo detto che ho un appuntamento domani.(Ik heb gezegd dat ik morgen een afspraak heb.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldAbbiamo fatto domanda per il permesso di lavoro.(Wij hebben een werkvergunning aangevraagd.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldHai scritto il tuo codice fiscale sul modulo?(Heb jij je fiscaal nummer op het formulier geschreven?)
Oefening 4: Grammatica in actie
Instructie: Vertel in tweetallen wat jullie vandaag hebben gedaan en wat ze tegen jullie gezegd hebben.
- Quali documenti avete presentato e cosa mancava? (Welke documenten hebben jullie ingediend en wat ontbrak er?)
- Com'è stato il funzionario pubblico e cosa vi ha detto sulla scadenza? (Usate il passato prossimo) (Hoe was de ambtenaar en wat heeft hij/zij jullie over de deadline verteld? (Gebruik de passato prossimo))
- Ho fatto domanda per il permesso di lavoro. (Ik heb een aanvraag ingediend voor de werkvergunning.)
- Il funzionario pubblico è stato gentile, ma la scadenza è vicina. (De ambtenaar was vriendelijk, maar de deadline is dichtbij.)
- Hai scritto il codice fiscale sul documento? (Heb je het fiscaal nummer op het document geschreven?)
- passato prossimo con participi irregolari (ho fatto, ho detto, sono stato) (passato prossimo met onregelmatige voltooid deelwoorden (ho fatto, ho detto, sono stato))
- domande al passato: Hai visto...? Hai scritto...? (vragen in de verleden tijd: Hai visto...? Hai scritto...?)
- descrivere l'esperienza: è stato + aggettivo (de ervaring beschrijven: è stato + bijvoeglijk naamwoord)