De gerundio, de drie vervoegingen

Il gerundio, le tre coniugazioni


Il gerundio è un tempo verbale che esprime un'azione in corso.

(De gerundio is een werkwoordsvorm die een handeling in uitvoering uitdrukt.)

Wanneer gebruik je stare + gerundio?

Gebruik stare + gerundio voor een actie die nu bezig is (of rond deze periode) en nog niet “af” is.

  • Adesso / in questo momento: echt op dit moment.
  • In questi giorni / in questo periodo: tijdelijk, “deze dagen/periode”.
Betekenis Italiaans Nederlands
nu, op dit moment Sto lavorando. Ik ben (nu) aan het werken.
tijdelijk, deze periode Stiamo vivendo insieme da poco. We wonen sinds kort samen (in deze periode).

De bouw: 2 blokken die altijd samenkomen

  1. stare (vervoegd): sto, stai, sta, stiamo, state, stanno
  2. gerundio (werkwoordsvorm op -ando of -endo)

Structuur: (persoon) + stare + gerundio

  • Io sto lavorando
  • Noi stiamo vivendo
  • Loro stanno facendo

Let op: na sto/stai/sta… komt nooit het infinitief.

  • Sto fareSto facendo
  • Stiamo vivereStiamo vivendo

Gerundio vormen: snel kiezen tussen -ando en -endo

Kijk naar de uitgang van het hele werkwoord:

Infinitief Gerundio Voorbeeld
werkwoord op -are stam + -ando creare → creando
werkwoord op -ere/-ire stam + -endo vivere → vivendo

Belangrijke onregelmatige vormen (die je gewoon moet herkennen)

Deze komen vaak voor; leer ze als “vaste blokken”:

Infinitief Gerundio In een zin
dire dicendo Ti sto dicendo la verità.
fare facendo Stiamo facendo un lavoro importante.
bere bevendo Sta bevendo un bicchiere d’acqua.
morire morendo L’animale sta morendo.

Typische valkuil: dicando, facando bestaan niet.

Wederkerende werkwoorden: waar zet je het voornaamwoord?

Bij een wederkerend werkwoord (zoals sposarsi) zet je het wederkerend voornaamwoord vóór stare.

Persoon Vóór stare Voorbeeld
io mi Mi sto sposando.
tu ti Ti stai sposando.
lui/lei si Si sta sposando.
noi ci Ci stiamo sposando.
voi vi Vi state sposando.
loro si Si stanno sposando.
  • Correct: Ci stiamo sposando il mese prossimo.
  • Fout: Si stiamo sposando… (bij noi is het ci)

Kies je progressief of gewoon tegenwoordige tijd?

In het Italiaans wordt de gewone tegenwoordige tijd vaak gebruikt waar het Nederlands “aan het + infinitief” gebruikt.

Situatie Natuurlijk Italiaans Nuance
feit / routine Lavoro in banca. vaste situatie
actie in uitvoering Sto lavorando (adesso). nu bezig
tijdelijke periode Stiamo vivendo insieme da poco. tijdelijk/nieuw

Praktische check: kun je in het Nederlands zeggen “op dit moment” of “deze dagen”? Dan past stare + gerundio meestal goed.

Zelfcheck: heb je alles goed opgebouwd?

  1. Heb je stare correct vervoegd (sto/stai/sta/stiamo/state/stanno)?
  2. Staat er daarna een gerundio (niet het infinitief)?
  3. Is de uitgang correct: -ando (voor -are) of -endo (voor -ere/-ire)?
  4. Bij wederkerend: staat mi/ti/si/ci/vi/si vóór stare?
  1. De gerundio van werkwoorden op "-are" wordt gevormd met de stam + "-ando".
  2. De gerundio van werkwoorden op "-ere, -ire" wordt gevormd met de stam + "-endo".
  3. De gerundio wordt gebruikt om de tegenwoordige duurvorm (presente progressivo) te maken; die vorm je met het werkwoord "stare" + gerundio.
Verbo (Werkwoord)Forma in gerundio (Gerundiumvorm)Esempio (Voorbeeld)
Creare (Creëren)Creando (Creërend)Stanno creando una famiglia. (Ze zijn een gezin aan het stichten.)
Vivere (Wonen / leven)Vivendo (Wonend)Stiamo vivendo insieme da poco. (We wonen nog maar kort samen.)
Morire (Sterven)Morendo (Stervend)L'animale sta morendo. (Het dier is aan het sterven.)
Dire (Zeggen)Dicendo (Zeggend)Sto dicendo ai gemelli di andare a giocare. (Ik ben tegen de tweeling aan het zeggen dat ze moeten gaan spelen.)
Fare (Doen / maken)Facendo (Doend)Stanno facendo un lavoro importante. (Ze zijn belangrijk werk aan het doen.)
Bere (Drinken)Bevendo (Drinkend)Sta bevendo un bicchiere d'acqua. (Hij/zij is een glas water aan het drinken.)

Uitzonderingen!

  1. Wederkerende werkwoorden zetten "si" vóór "stare". Voorbeeld: "sposarsi" -> "si stanno sposando"

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. In questo periodo stiamo ______ insieme da poco e stiamo facendo dei piani per il matrimonio.

In deze periode ______ we nog maar kort samen en maken we plannen voor het huwelijk.

2. Quando sei arrivato, i gemelli ______ in Comune.

Toen je aankwam, ______ de tweeling op het gemeentehuis.

3. Scusa, non posso parlare: sto ______ a mio figlio di fare i compiti.

Sorry, ik kan niet praten: ik ben ______ tegen mijn zoon dat hij zijn huiswerk moet maken.

4. Il veterinario dice che l'animale domestico sta ______ e dobbiamo decidere subito cosa fare.

De dierenarts zegt dat het huisdier aan het ______ is en dat we meteen moeten beslissen wat we moeten doen.

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste zin met de gerundio (stare + gerundio).

1.
Bij het wederkerend voor 'noi' gebruik je 'ci', niet 'si': de juiste vorm is 'ci stiamo sposando'.
De gerundio van 'sposare' is 'sposando', niet 'sposandiamo' (de laatste is een foute vorm die gerundio en indicativo door elkaar haalt).
2.
Na 'sto' moet je de gerundio gebruiken ('facendo'), niet de infinitief ('fare').
Fout in de gerundio: het werkwoord 'fare' vormt de onregelmatige gerundio 'facendo', niet 'facando'.

Oefening 3: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen met de tegenwoordig duurvorm (stare + gerundio), zoals in het voorbeeld: "Io lavoro" → "Sto lavorando".

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. In questo momento noi facciamo un lavoro importante.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    In questo momento stiamo facendo un lavoro importante.
    (Op dit moment zijn we belangrijk werk aan het doen.)
  2. Adesso tu bevi un bicchiere d'acqua.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Adesso stai bevendo un bicchiere d'acqua.
    (Nu ben je een glas water aan het drinken.)
  3. Oggi loro creano una famiglia.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Oggi stanno creando una famiglia.
    (Vandaag zijn ze een gezin aan het stichten.)
  4. In questo periodo noi viviamo insieme da poco.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    In questo periodo stiamo vivendo insieme da poco.
    (In deze periode zijn we nog maar kort aan het samenwonen.)

Oefening 4: Grammatica in actie

Instructie: Spreek om de beurt en besluit samen de volgende stap voor het gezin.

Vertaling tonen/verbergen
Situatie
A pausa pranzo, due colleghi discutono dei loro piani di famiglia.
(Tijdens de lunchpauze bespreken twee collega’s hun gezinsplannen.)

Bespreek
  • Cosa state facendo ora come coppia o come famiglia? (Wat zijn jullie nu aan het doen als koppel of als gezin?)
  • State pensando di sposarvi o di avere un bambino? Perché o perché no? (spiegate) (Denken jullie eraan om te trouwen of een kind te krijgen? Waarom wel of waarom niet? (leg uit))

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • Stiamo creando una famiglia (We zijn een gezin aan het vormen)
  • Stiamo vivendo insieme da poco (We wonen nog maar kort samen)
  • Si stanno sposando il mese prossimo (o si stanno separando) (Ze gaan volgende maand trouwen (of ze gaan uit elkaar))

Gebruik in gesprek
  • stare + gerundio (azione in corso) (stare + gerundio (actie die bezig is))
  • gerundio -ando/-endo (creando, vivendo, dicendo, facendo) (gerundio -ando/-endo (creando, vivendo, dicendo, facendo))
  • si + stare + gerundio (riflessivi: si stanno sposando) (si + stare + gerundio (wederkerend: si stanno sposando))

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Fabio Pirioni

Bachelor in de geesteswetenschappen

University of Udine

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

woensdag, 15/04/2026 17:32