Das Partizip 1 wird als Adjektiv verwendet, um eine Handlung oder einen Zustand zu beschreiben, z. B. 'singend' oder 'lachend'.
(Het Partizip 1 wordt als bijvoeglijk naamwoord gebruikt om een handeling of een toestand te beschrijven, bijv. 'singend' of 'lachend'.)
- Gebruik van Partizip 1 met -end: schreiben → schreibend.
- Wordt vaak gebruikt bij het beschrijven van activiteiten die tegelijk plaatsvinden.
| Verwendung (gebruik) | Partizip 1 (Partizip 1) | Beispiel (voorbeeld) |
|---|---|---|
| Handlung (handeling) | schreibend (schrijvend) | der schreibende Manager (de schrijvende manager) |
| Handlung (handeling) | sprechend | die sprechende Gruppe (de sprekende groep) |
| Zustand (toestand) | lachend (lachend) | der lachende Mann (de lachende man) |
| Tätigkeit (activiteit) | lesend (lezend) | die lesende Frau (de lezende vrouw) |
| Tätigkeit (activiteit) | sich informierend | die sich informierende Person (de zich informerende persoon) |
Uitzonderingen!
- Het Partizip 1 als bijvoeglijk naamwoord staat vóór het zelfstandig naamwoord en wordt verbogen.
- Het Partizip 1 wordt ook aan de naamval aangepast.
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Ich suche den Bewerber, den ______ Bewerber bitte zu mir.
Ik zoek de sollicitant, de ______ sollicitant alstublieft naar mij toe.2. Die im Lebenslauf genannte Berufserfahrung passt gut zu der ______ Stelle.
De in het cv genoemde werkervaring past goed bij de ______ vacature.3. Bitte geben Sie mir die Unterlagen der ______ Person am Empfang.
Geef me alstublieft de documenten van de ______ persoon bij de balie.4. Wir laden die Bewerberinnen mit dem ______ Anschreiben zum Gespräch ein.
We nodigen de sollicitantes met de ______ sollicitatiebrief uit voor een gesprek.Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf elke woordgroep als naamwoordelijke woordgroep met een tegenwoordig deelwoord (-end) vóór het zelfstandig naamwoord; pas de uitgang aan op genus, numerus en casus (bijvoorbeeld: „ein Mann, der lacht“ → „ein lachender Mann“).
-
ein Manager, der gerade E-Mails schreibt⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeldein gerade E-Mails schreibender Manager(een net e-mails schrijvende manager)
-
die Gruppe, die laut im Besprechungsraum spricht⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeelddie laut im Besprechungsraum sprechende Gruppe(de luid in de vergaderruimte sprekende groep)
-
der Mann, der an der Bushaltestelle lacht⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeldder an der Bushaltestelle lachende Mann(de bij de bushalte lachende man)
-
eine Frau, die im Zug Zeitung liest⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeldeine im Zug Zeitung lesende Frau(een in de trein de krant lezende vrouw)
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies de correcte vorm met participium 1 als bijvoeglijk naamwoord.