Partizip I als bijvoeglijk naamwoord (der schreibende Mann)

Partizip 1 als Adjektiv (der schreibende Mann)


Das Partizip 1 wird als Adjektiv verwendet, um eine Handlung oder einen Zustand zu beschreiben, z. B. 'singend' oder 'lachend'.

(Het Partizip 1 wordt als bijvoeglijk naamwoord gebruikt om een handeling of een toestand te beschrijven, bijv. 'singend' of 'lachend'.)

Wat is Partizip I (-end) precies?

Partizip I is de tegenwoordige deelwoordvorm van een werkwoord: werkwoordstam + -end.

  • Het beschrijft meestal een handeling die op dat moment bezig is of parallel gebeurt.
  • Je gebruikt het vaak als een bijvoeglijk naamwoord vóór een zelfstandig naamwoord.
Betekenis Met bijzin (lang) Met Partizip I (kort)
nu bezig der Manager, der gerade E-Mails schreibt der gerade E-Mails schreibende Manager
tegelijk die Gruppe, die laut spricht die laut sprechende Gruppe

Vorming: zo maak je Partizip I stap voor stap

  1. Neem het infinitief: schreiben
  2. Haal -en eraf → stam: schreib-
  3. Zet -end erbij → schreibend
  • sprechen → sprechend
  • lachen → lachend
  • lesen → lesend
  • sich informieren → sich informierend (het reflexieve sich blijft erbij)

Belangrijk: als adjectief moet het verbogen worden

In jullie zinnen staat Partizip I vóór het zelfstandig naamwoord. Dan geldt:

  • Partizip I krijgt adjectiefuitgangen (net als neu, wichtig, interessant).
  • De uitgang hangt af van lidwoord + naamval + geslacht + getal.
Structuur Voorbeeld Waar let je op?
der/die/das + Partizip I + Nomen die recherchierende Kollegin hier: -e omdat het die (nom. v.) is
den + Partizip I + Nomen den beratenden Mitarbeiter hier: -en (akk. m.)

Typische fout: de uitgang vergeten.

  • die recherchierend Kollegindie recherchierende Kollegin
  • den beratende Mitarbeiterden beratenden Mitarbeiter

Waar zet je ‘gerade’, ‘noch’, ‘laut’ enz.?

Korte regel: zet zulke woorden meestal vóór het Partizip I, zodat de betekenis meteen duidelijk is.

  • der noch telefonierende Kollege (nog aan het bellen)
  • die laut sprechende Gruppe (luid sprekend)
  • ein gerade schreibender Manager (net aan het schrijven)

Let op: lange zinsdelen kunnen ook tussen Partizip I en het zelfstandig naamwoord staan, maar houd het op B1 liefst overzichtelijk.

  • der gerade E-Mails schreibende Manager

Wanneer kies je Partizip I (en wanneer liever niet)?

  • Gebruik het als je in één nominale groep kort wilt beschrijven wie/wat je bedoelt.
  • Het past goed bij situaties op het werk, observaties en beschrijvingen.
Doel Handig Vaak duidelijker
korte beschrijving die wartende Person die Person, die wartet
heel lang/complex die sich vor dem Gespräch über die Firma informierende Person die Person, die sich vor dem Gespräch über die Firma informiert

Tip: Als de nominale groep te lang wordt, kies dan liever de bijzin. Dat is vaak natuurlijker in gesprekken.

Snelle zelfcheck (3 punten)

  1. Is het echt een lopende/gelijktijdige handeling? (niet iets afgeronds)
  2. Staat het vóór het zelfstandig naamwoord? → dan moet er een adjectiefuitgang achter.
  3. Klopt de uitgang bij der/die/das/den/dem?
  1. Gebruik van Partizip 1 met -end: schreiben → schreibend.
  2. Wordt vaak gebruikt bij het beschrijven van activiteiten die tegelijk plaatsvinden.
Verwendung (gebruik)Partizip 1 (Partizip 1)Beispiel (voorbeeld)
Handlung (handeling)schreibend (schrijvend)der schreibende Manager (de schrijvende manager)
Handlung (handeling)sprechenddie sprechende Gruppe (de sprekende groep)
Zustand (toestand)lachend (lachend)der lachende Mann (de lachende man)
Tätigkeit (activiteit)lesend (lezend)die lesende Frau (de lezende vrouw)
Tätigkeit (activiteit)sich informierenddie sich informierende Person (de zich informerende persoon)

Uitzonderingen!

  1. Het Partizip 1 als bijvoeglijk naamwoord staat vóór het zelfstandig naamwoord en wordt verbogen.
  2. Het Partizip 1 wordt ook aan de naamval aangepast.

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. Ich suche den Bewerber, den ______ Bewerber bitte zu mir.

Ik zoek de sollicitant, de ______ sollicitant alstublieft naar mij toe.

2. Die im Lebenslauf genannte Berufserfahrung passt gut zu der ______ Stelle.

De in het cv genoemde werkervaring past goed bij de ______ vacature.

3. Bitte geben Sie mir die Unterlagen der ______ Person am Empfang.

Geef me alstublieft de documenten van de ______ persoon bij de balie.

4. Wir laden die Bewerberinnen mit dem ______ Anschreiben zum Gespräch ein.

We nodigen de sollicitantes met de ______ sollicitatiebrief uit voor een gesprek.

Oefening 2: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf elke woordgroep als naamwoordelijke woordgroep met een tegenwoordig deelwoord (-end) vóór het zelfstandig naamwoord; pas de uitgang aan op genus, numerus en casus (bijvoorbeeld: „ein Mann, der lacht“ → „ein lachender Mann“).

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. ein Manager, der gerade E-Mails schreibt
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    ein gerade E-Mails schreibender Manager
    (een net e-mails schrijvende manager)
  2. die Gruppe, die laut im Besprechungsraum spricht
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    die laut im Besprechungsraum sprechende Gruppe
    (de luid in de vergaderruimte sprekende groep)
  3. der Mann, der an der Bushaltestelle lacht
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    der an der Bushaltestelle lachende Mann
    (de bij de bushalte lachende man)
  4. eine Frau, die im Zug Zeitung liest
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    eine im Zug Zeitung lesende Frau
    (een in de trein de krant lezende vrouw)

Oefening 3: Meerkeuze

Instructie: Kies de correcte vorm met participium 1 als bijvoeglijk naamwoord.

1.
Fout: Het participium 1 moet verbogen worden; hier ontbreekt de uitgang -e (die recherchierende Kollegin).
2.
Fout: Bij accusatief mannelijk heeft het participium 1 de uitgang -en nodig (den beratenden Mitarbeiter).

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Flavio Redecker

Master in Franse taalwetenschap en geschiedenis

Osnabrück University


Laatst bijgewerkt:

vrijdag, 08/05/2026 15:04