Modale werkwoorden in de lijdende vorm – Verleden tijd (müssen, sollen, können)

Modalverben im Passiv – Vergangenheit (müssen, sollen, können)


Im Passiv der Vergangenheit mit Modalverben wird das Hauptverb mit einem Partizip II und einer Form von sein kombiniert. Beispiele: Das Auto musste repariert werden.

(In het passief in de verleden tijd met modale werkwoorden wordt het hoofdwerkwoord gecombineerd met een Partizip II en een vorm van sein. Voorbeelden: Das Auto musste repariert werden.)

Wanneer gebruik je passief + modaal werkwoord?

Je gebruikt deze vorm als het belangrijker is wat er moet/kan/mag gebeuren dan wie het doet.

  • noodzaak: musste (moest)
  • advies / plan / verwachting: sollte (zou moeten)
  • mogelijkheid / onmogelijk: konnte (kon)
  • hypothese (achteraf): hätte ... können (had ... kunnen)

Basisbouw: het “passief-blok” aan het einde

In het Duits komt het werkwoordelijke einde als een blok:

Modalverb (verleden) + … + Partizip II + werden

Betekenis Voorbeeld (correct) Let op
Noodzaak Der Fahrplan musste kurzfristig geändert werden. werden blijft infinitief
Advies/plan Die Durchsage sollte deutlich wiederholt werden. Niet: sollte wiederholt wurde
Mogelijkheid Die Busspur konnte nicht freigemacht werden. nicht staat vaak vóór Partizip II / aan het einde van het middenstuk

Stap-voor-stap: zo maak je de zin

  1. Maak het object uit de actieve zin het onderwerp (wat “ondergaat” de handeling?).
  2. Kies het modale werkwoord (moeten / zouden moeten / kunnen / mogen).
  3. Zet het modale werkwoord in de juiste tijd (hier: vaak Präteritum: musste, sollte, konnte).
  4. Zet aan het einde: Partizip II + werden.

Voorbeeld

  • Actief: Die Stadt änderte den Busplan.
  • Passief + modaal: Der Busplan musste geändert werden.

Woordvolgorde: waar zet je “nicht” en tijd/plaats?

  • Tijd/plaats staan meestal in het midden: gestern, am Montag, in der Werkstatt.
  • nicht staat meestal vóór het deel dat ontkend wordt.
  • Bij dit type zin staat niet vaak vlak vóór het “einde-blok” of erin:
Correct Waarom
Das Ticket konnte im Zug nicht bezahlt werden. nicht ontkent de betaling
Das Paket konnte am Montag nicht geliefert werden. tijd vóór het einde; ontkenning bij de handeling

Veelgemaakte fouten (snelle check)

  • Na het modale werkwoord komt niet “wurde/wurden”.
    Correct: sollte geändert werden
    Fout: sollte geändert wurden
  • Geen “sein” aan het einde bij deze constructie.
    Correct: musste repariert werden
    Fout: musste repariert sein
  • Het einde blijft een blok: Partizip II + werden (en evt. nog een infinitief).
    Dus niet: konnte werden freigemacht

De lastigste vorm: “hätte … werden können” (achteraf)

Dit gebruik je voor kritiek/reflectie achteraf: iets was mogelijk, maar is niet gebeurd.

Vaste volgorde aan het einde: Partizip II + werden + können

  • Die Verspätung hätte vermieden werden können. (De vertraging had voorkomen kunnen worden.)
  • Die E-Mail hätte früher beantwortet werden können.

Snelle controlevraag: kun je in het Nederlands zeggen “had … kunnen worden”? Dan past vaak deze vorm.

Mini-checklist: klopt jouw zin?

  1. Staat het belangrijkste object als onderwerp?
  2. Staat het modale werkwoord in de juiste tijd: musste / sollte / konnte?
  3. Staat er aan het eind Partizip II + werden (en bij “hätte”: werden können)?
  4. Staat nicht op een logische plek (meestal vlak vóór het einde-blok)?
  1. Modalverb + Partizip II + werden in het passief.
  2. Het passief laat een handeling zien die op een object wordt uitgevoerd.
Modalverb (Modaal werkwoord)Aktiv (Actief)Passiv
Musste (Moest)Das Auto wurde repariert. (De auto werd gerepareerd.)Das Auto musste repariert werden. (De auto moest gerepareerd worden.)
Sollte (Zou moeten)Der Busplan wurde geändert. (De busdienstregeling werd gewijzigd.)Der Busplan sollte geändert werden. (De busdienstregeling zou moeten gewijzigd worden.)
Konnte (Kon)Das Ticket wurde nicht bezahlt. (Het ticket werd niet betaald.)Das Ticket konnte nicht bezahlt werden. (Het ticket kon niet betaald worden.)
Hätte (Zou hebben)Die Verspätung wurde vermieden. (De vertraging werd vermeden.)Die Verspätung hätte vermieden werden können. (De vertraging had voorkomen kunnen worden.)

Uitzonderingen!

  1. Het passief wordt vaak met modale werkwoorden gebruikt om een noodzaak of een aanbeveling uit te drukken.

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. Wegen des Unfalls auf der Autobahn ___ der Fahrplan gestern kurzfristig geändert werden.

Vanwege het ongeluk op de snelweg ___ de dienstregeling gisteren op korte termijn worden gewijzigd.

2. Am Bahnsteig ___ die Durchsage gestern deutlich wiederholt werden, aber es war sehr laut.

Op het perron ___ de omroep gisteren duidelijk worden herhaald, maar het was erg luid.

3. Der Verkehrsstau war so schlimm, dass die Busspur nicht freigemacht ___ .

De verkeersopstopping was zo erg dat de busstrook niet vrijgemaakt ___ .

4. Ohne den defekten Sicherheitsgurt ___ das Fahrzeug nicht benutzt werden dürfen.

Zonder de defecte veiligheidsgordel ___ het voertuig niet gebruikt mogen worden.

Oefening 2: Herschrijf de zinnen

Instructie: Zet de actieve zinnen om in het passief met een modaalwerkwoord (modaalwerkwoord + voltooid deelwoord + worden). Voorbeeld: „Die Firma reparierte das Gerät.“ → „Das Gerät musste repariert werden.“

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. Hint Hint (musste) Der Techniker reparierte das Auto gestern.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Das Auto musste gestern repariert werden.
    (De auto moest gisteren gerepareerd worden.)
  2. Hint Hint (sollte) Die Stadt änderte den Busplan wegen der Baustelle.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Der Busplan sollte wegen der Baustelle geändert werden.
    (De busdienstregeling moest vanwege de wegwerkzaamheden gewijzigd worden.)
  3. Hint Hint (konnte) Niemand bezahlte das Ticket im Zug.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Das Ticket konnte im Zug nicht bezahlt werden.
    (Het ticket kon in de trein niet betaald worden.)
  4. Hint Hint (hätte) Die Firma beantwortete die E-Mail nicht rechtzeitig.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Die E-Mail hätte nicht rechtzeitig beantwortet werden können.
    (De e-mail had niet op tijd beantwoord kunnen worden.)

Oefening 3: Meerkeuze

Instructie: Kies per blok de correcte zin in het passief van de verleden tijd met een modaal werkwoord.

1.
Fout: in het passief met een modaal werkwoord staat aan het eind ‘worden’ (infinitief), niet ‘zijn’; ‘moest gerepareerd worden’ is correct.
2.
Fout: ‘werden’ is de preteritumvorm van ‘worden’ en kan hier niet na ‘moest’ staan; na het modale werkwoord volgt de infinitief ‘worden’.

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Flavio Redecker

Master in Franse taalwetenschap en geschiedenis

Osnabrück University


Laatst bijgewerkt:

vrijdag, 08/05/2026 06:55