Relatieve bijzinnen als attribuut - der, die, das, den
Relatieve bijzinnen leggen zelfstandige naamwoorden nauwkeuriger uit en staan altijd aan het einde van een bijzin, bijv. der Film, den du gesehen hast.
- Een relatieve bijzin verduidelijkt een zelfstandig naamwoord of voornaamwoord.
- Het werkwoord in de relatieve bijzin staat altijd aan het einde.
- Relatieve bijzinnen worden gevormd met 'der', 'die', 'das' of 'den'.
| Artikel (Lidwoord) | Beispiele (Voorbeelden) |
| der (der) | Er sprach mit dem Finanzberater, der ihn gestern beraten hat. (Hij sprak met de financieel adviseur, die hem gisteren heeft geadviseerd.) |
| die (die) | Das war eine Investition, die mir große Angst gemacht hat. (Dat was een investering die me erg bang heeft gemaakt.) |
| das (das) | Das ist das Sparfenster, das ich ausnutzen möchte. (Dat is het spaarmoment dat ik wil benutten.) |
| den (den) | Max hat einen Kredit bekommen, den du nicht bekommen hast. (Max heeft een lening gekregen die jij niet hebt gekregen.) |
Uitzonderingen!
- Het zelfstandig naamwoord wordt gevormd met de naamval die in de context relevant is.
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. Ich brauche die Quittung, ___ ich für meine Steuererklärung aufheben muss. Ich brauche die Quittung, die ich für meine Steuererklärung aufheben muss.
Ik heb het bonnetje nodig ___ ik moet bewaren voor mijn belastingaangifte.2. Das ist der Kredit, ___ die Bank nach der Prüfung genehmigt hat. Das ist der Kredit, den die Bank nach der Prüfung genehmigt hat.
Dat is de lening ___ de bank na de controle heeft goedgekeurd.3. In der Filiale arbeitet ein Berater, ___ sich gut mit Online-Banking auskennt. In der Filiale arbeitet ein Berater, der sich gut mit Online-Banking auskennt.
In het filiaal werkt een adviseur ___ veel van online bankieren afweet.4. Das Tagesgeldkonto, ___ ich letzte Woche eröffnet habe, hat bessere Zinsen. Das Tagesgeldkonto, das ich letzte Woche eröffnet habe, hat bessere Zinsen.
De spaarrekening ___ ik vorige week heb geopend, heeft betere rente.Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Verbind de twee zinnen tot één zin met een betrekkelijke bijzin (die/dat/den).
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Vertaling tonen/verbergen-
Ich habe einen Finanzberater. Er hat mir gestern geholfen.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIch habe einen Finanzberater, der mir gestern geholfen hat.(Ik heb een financieel adviseur, die me gisteren heeft geholpen.)
-
Das ist eine Investition. Sie macht mir große Angst.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldDas ist eine Investition, die mir große Angst macht.(Dat is een investering, die me erg bang maakt.)
-
Wir suchen ein Sparangebot. Ich möchte es heute ausnutzen.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldWir suchen ein Sparangebot, das ich heute ausnutzen möchte.(We zoeken een spaaractie, waar ik vandaag gebruik van wil maken.)
-
Max hat einen Kredit bekommen. Du hast ihn nicht bekommen.⇒ ____________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldMax hat einen Kredit bekommen, den du nicht bekommen hast.(Max heeft een krediet gekregen, dat jij niet hebt gekregen.)
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies de correcte zin met een betrekkelijke bijzin (der, die, das, den).
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.