Tijdens corona bleven veel Nederlanders in eigen land. Waddenlopen werd toen super populair. Je loopt dan in de Waddenzee, door wad en modder. Volwassenen en kinderen genoten van de mooie omgeving en het vrije gevoel.
Durante il coronavirus molti olandesi sono rimasti nel proprio paese. Il wadlopen è diventato allora super popolare. Cammini nella Waddenzee, attraversando il wad e il fango. Adulti e bambini hanno goduto del bellissimo ambiente e della sensazione di libertà.

Esercizio 1: Immersione linguistica

Istruzione: Guarda il video e rispondi alle domande correlate.

Parola Traduzione
De modderige bodem Il fondale fangoso
De Waddenzee Il Mare dei Wadden
Het wad Il wad
De mooie omgeving Il bel paesaggio
De modder Il fango
Met wadlopen maak je een wandeling over de bodem van de Waddenzee. (Con il wadlopen fai una passeggiata sul fondale del Mare dei Wadden.)
Dat kan best gevaarlijk zijn, daarom ga je met een gids. (Questo può essere abbastanza pericoloso, quindi vai accompagnato da una guida.)
De gids vertelt wat ze gaan doen en waar ze gaan lopen. (La guida spiega cosa faranno e dove cammineranno.)
Ze lopen over modder en zand, omdat het eb is en het water laag staat. (Camminano su fango e sabbia, perché è bassa marea e l'acqua è poca.)
Als het water weer stijgt, moeten ze op tijd terug zijn. (Quando l'acqua risale, devono tornare in tempo.)
Je moet goed opletten waar je loopt, want de grond is zacht. (Devi fare molta attenzione a dove metti i piedi, perché il terreno è morbido.)
Sommige mensen zakken weg in de modder. (Alcune persone affondano nel fango.)
Het is een beetje zwaar, maar ook leuk en een beetje vies. (È un po' faticoso, ma anche divertente e un po' sporco.)
De kinderen zijn op vakantie in Nederland, lekker dicht bij huis. (I bambini sono in vacanza nei Paesi Bassi, proprio vicino a casa.)
Door corona konden ze niet naar het buitenland en nu genieten ze van de natuur en de mooie omgeving. (A causa del coronavirus non potevano andare all'estero e ora si godono la natura e il bel paesaggio.)

1. Wat doe je bij wadlopen?

(Cosa fai durante il wadlopen?)

2. Waarom is wadlopen gevaarlijk?

(Perché il wadlopen è pericoloso?)

3. Waarom blijven de kinderen in Nederland op vakantie?

(Perché i bambini restano in vacanza nei Paesi Bassi?)

4. Hoe vinden de kinderen de natuur en de omgeving?

(Come trovano i bambini la natura e l'ambiente?)

Esercizio 2: Dialogo

Istruzione: Leggi il dialogo e rispondi alle domande.

Bezoek het wad

Visita al wad
1. Gids Daan: Wadlopen kan best gevaarlijk zijn. Het is belangrijk dat jullie mij goed volgen, oké? (Camminare sul fondo del mare può essere abbastanza pericoloso. È importante che mi seguiate con attenzione, ok?)
2. Julia: Kunt u nog even vertellen wat we precies gaan doen en waar we gaan lopen? (Può spiegare ancora una volta cosa faremo esattamente e dove cammineremo?)
3. Gids Daan: Met wadlopen maak je een wandeling over de bodem van de Waddenzee, over modder en zand. (Con il wadlopen si fa una passeggiata sul fondo del Mare dei Wadden, tra fango e sabbia.)
4. Julia: Kan dat alleen als het eb is en het water laag staat? (Si può fare solo quando c'è la bassa marea e l'acqua è bassa?)
5. Gids Daan: Dat heb je goed. Als het water weer stijgt, moeten we terug zijn. (Giusto. Quando l'acqua risale dobbiamo già essere tornati.)
6. Julia: Zakken er soms mensen weg in de modder? (A volte la gente sprofonda nel fango?)
7. Gids Daan: Ja, soms wel. Je moet dus goed opletten waar je loopt, want de grond is zacht. (Sì, a volte succede. Quindi dovete fare molta attenzione a dove mettete i piedi, perché il terreno è morbido.)
8. Julia: Overleven we dit wel? Ik dacht dat we gewoon gingen wandelen in een mooie omgeving. (Ce la faremo? Pensavo che avremmo solo fatto una passeggiata in un posto bello.)
9. Gids Daan: Dat doen we ook. Het komt goed. Het voelt extra vrij en rustig. En je wordt een beetje vies. (Ce la faremo. Andrà tutto bene. Si prova una sensazione di grande libertà e tranquillità. E ci si sporca un po'.)

1. Waar gaan Daan en Julia lopen?

(Dove camminano Daan e Julia?)

2. Wanneer kun je wadlopen, volgens Daan?

(Quando si può fare il wadlopen, secondo Daan?)