B1.4 - Sending and returning packages
B1.4 - Sending and returning packages

B1.4 - Sending and returning packages - Vocabulary

Pakketten verzenden en retourneren


Vocabulary (22)

De bezorger Show

The delivery person Show

De pakketdienst Show

The parcel service Show

De levertijd Show

The delivery time Show

Het volgnummer Show

The tracking number Show

Het pakket volgen met Show

To track the parcel with Show

De beschadiging Show

The damage Show

Het defect Show

The defect Show

De klantenservice Show

Customer service Show

Ontvangen Show

To receive Show

Bezorgen Show

To deliver Show

Verzenden naar Show

To send to Show

Terugsturen Show

To return (send back) Show

De terugbetaling aanvragen Show

To request a refund Show

Een klacht indienen bij Show

To file a complaint with Show

Klagen over Show

To complain about Show

(On)tevreden zijn met\/over Show

To be (dis)satisfied with\/about Show

Wachten op Show

To wait for Show

Plakken op Show

To stick onto Show

Afgeven aan Show

To hand over to Show

Aandacht besteden aan Show

To pay attention to Show

Verantwoordelijkheid nemen voor Show

To take responsibility for Show

Het volgnummer Show

The tracking number Show

Terugsturen (to return)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) stuur terug
(jij/je) stuurt terug
(hij/zij/ze/het) stuurt terug
(wij/we) sturen terug
(jullie) sturen terug
(zij/ze) sturen terug

Klagen over (to complain)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) klaag
(jij/je) klaagt
(hij/zij/ze/het) klaagt
(wij/we) klagen
(jullie) klagen
(zij/ze) klagen