With these tips you'll pass your exams!

Met deze tips slaag jij voor de examens!


De video geeft slimme examentips, zoals het handig gebruiken van een atlas of bronnenboek en het oefenen met tabellen. Ook helpt het om de tijd te nemen voor goed lezen en altijd de juiste vaktermen te gebruiken.
The video gives clever exam tips, such as how to make useful use of an atlas or source book and practising with tables. It also helps to take time for careful reading and always use the correct subject terminology.

Exercise 1: Language immersion

Instruction: Watch the video and answer the related questions.

Word Translation
Het examen The exam
De tijd nemen Taking your time
De vakterm The technical term
Het begrip The concept
Een antwoord geven Giving an answer
Bijvoorbeeld For example
De geschiedenis History
De bron lezen Reading the source
Oefenen Practicing
Je moet goed weten hoe je met een atlas moet werken, want dat scheelt veel tijd tijdens je examen. (You need to know well how to work with an atlas, because that saves a lot of time during your exam.)
Neem de tijd om goed te lezen, want in veel gevallen staan delen van het antwoord al in de tekst. (Take the time to read carefully, because in many cases parts of the answer are already in the text.)
Op internet kun je de examensyllabus opzoeken, een pdf waarin precies alle begrippen staan die je moet kennen. (On the internet you can look up the exam syllabus, a PDF that lists exactly all the concepts you need to know.)
Gebruik altijd officiële vaktermen in je antwoord, zoals "bruto binnenlands product" of "koopkracht". (Always use official technical terms in your answer, such as "gross domestic product" or "purchasing power".)
Als je een antwoord hebt gegeven, doe dat systematisch en controleer achteraf of het leesbaar en logisch is. (If you have given an answer, do it systematically and check afterward whether it is readable and logical.)
Bij geschiedenis werkt men vaak met een apart bronnenboekje, dus neem een markeerstift mee. (In history people often work with a separate source booklet, so bring a highlighter.)
Bedenk voordat je een bron leest: wie heeft het geschreven, wanneer en met welk doel? (Before you read a source, think: who wrote it, when, and for what purpose?)
Koppel de bron tijdens het lezen direct aan het juiste tijdvak en aan bekende personen of kenmerken. (While reading, link the source directly to the correct time period and to well-known people or characteristics.)
Besteed extra aandacht aan meerpuntsvragen, zoals goed-fout-beweringen of het zoeken naar redenen in de tekst. (Pay extra attention to multi-point questions, such as true-false statements or finding reasons in the text.)
Een belangrijke tip voor biologie is om vooraf goed te oefenen met het maken en lezen van tabellen en grafieken. (An important tip for biology is to practice in advance with making and reading tables and graphs.)

1. Waarom scheelt het veel tijd als je goed met een atlas kunt werken?

(Why does it save a lot of time if you can work well with an atlas?)

2. Wat moet je eerst bedenken voordat je een historische bron leest?

(What should you think about first before reading a historical source?)

3. Wat wordt aanbevolen bij meerpuntsvragen?

(What is recommended for multi-point questions?)

Exercise 2: Use the website or the reading text

Instruction: You have several tests next week and you are reading tips online to stay calmer during test week.

Task: Schrijf twee tips die jou helpen bij de voorbereiding en beschrijf in 3-4 zinnen hoe je positief blijft en stress voorkomt.

(Write two tips that help you with preparation and describe in 3–4 sentences how you stay positive and prevent stress.)

URL: StudyGo

Toetsen kunnen stress geven, maar met een goede voorbereiding wordt het makkelijker. Zorg eerst goed voor jezelf: slaap genoeg en eet ’s ochtends ontbijt, want dat helpt je om je beter te concentreren op de lesstof. Begin en eindig je dag met positiviteit: zeg tegen jezelf ‘Ik kan het!’ om vertrouwen te krijgen.

Maak een slimme studieplanning. Verdeel de stof in kleine delen en werk in blokken van 25 minuten leren en 5 minuten pauze. Plan ook tijd voor ontspanning, zoals een korte wandeling of ademhalingsoefeningen. Wissel bij een lastig onderwerp even met iets dat je beter kunt, zodat je met meer rust de toets ingaat en je positiviteit blijft.

Use in your answer: de toets / de voorbereiding / de studieplanning / positiviteit / rust / zich concentreren op