Vocabulary (17)
Aanmoedigen (to encourage)
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)
| (ik) moedig aan |
| (jij/je) moedigt aan |
| (hij/zij/ze/het) moedigt aan |
| (wij/we) moedigen aan |
| (jullie) moedigen aan |
| (zij/ze) moedigen aan |
Uitvoeren (to perform)
Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)
| (ik) voer uit |
| (jij/je) voert uit |
| (hij/zij/ze/het) voert uit |
| (wij/we) voeren uit |
| (jullie) voeren uit |
| (zij/ze) voeren uit |