Jeszcze nie ma nauczyciela
Chcę nauczyciela!

Ćwiczenie 1: Dopasować słowo

Instrukcja: Dopasuj każdy początek do właściwego zakończenia.

In de woonkamer staat een grote grijze bank. (W salonie stoi duża szara kanapa.)
Ik sluit elke avond de slaapkamerdeur. (Każdego wieczoru zamykam drzwi do sypialni.)
In mijn kleine kantoor staat een bureau met een lamp. (W moim małym biurze stoi biurko z lampą.)
De kast in de gang is vol met schoenen. (Szafa na korytarzu jest pełna butów.)

Ćwiczenie 2: Przygotowanie do egzaminu

Instrukcja: Read the text, fill in the gaps with the missing words, and answer the questions below Przeczytaj tekst, uzupełnij luki brakującymi wyrazami i odpowiedz na poniższe pytania.


Advertentie: Gemeubileerd appartement te huur

Wypełnij luki: stoelen, bed, bank, raam, sluiten, douche, bureau, toilet, openen, bad, lamp, kast

(Ogłoszenie: umeblowane mieszkanie do wynajęcia)

Gezellig appartement in Utrecht te huur voor één persoon of een koppel. Het appartement heeft een lichte woonkamer met een grote , een eettafel en vier . In de hoek staat een klein met een .

De slaapkamer heeft een groot en een voor kleding. De badkamer heeft een , een en een klein . In de ochtend komt veel licht door het in de woonkamer. U kunt het raam en de deur makkelijk en . Het appartement is rustig en geschikt voor een expat die in de stad werkt.
Przytulne mieszkanie w Utrechcie do wynajęcia dla jednej osoby lub pary. Mieszkanie ma jasny salon z dużą sofą, stołem jadalnym i czterema krzesłami. W rogu stoi małe biurko z lampką.

Sypialnia ma duże łóżko i szafę na ubrania. Łazienka ma prysznic, toaletę i małą wannę. Rano przez okno w salonie wpada dużo światła. Okno i drzwi można łatwo otwierać i zamykać. Mieszkanie jest ciche i odpowiednie dla ekspata pracującego w mieście.

Ćwiczenie 3: Posłuchaj i odpowiedz na pytania

Instrukcja: Posłuchaj fragmentów audio i wybierz poprawną odpowiedź na pytania.

1. Ik verhuis morgen naar een nieuw huis. In de woonkamer staat al een grote bank en een lage tafel. Ik mis alleen nog een lamp naast de bank.

Welk meubelstuk heeft de spreker nog niet in de woonkamer?

(Jakiego mebla brakuje mówiącej w salonie?)
2. In mijn kleine thuiskantoor staat een breed bureau bij het raam en een comfortabele stoel. De kast met boeken staat dicht bij de deur.

Waar staat het bureau in de kamer?

(Gdzie stoi biurko w pokoju?)

Ćwiczenie 4: Wielokrotny wybór

Instrukcja: Wybierz poprawne rozwiązanie

1. Ik ___ het raam als ik naar mijn werk ga.

(Ik ___ het raam als ik naar mijn werk ga.)

2. In de avond ___ jij de deur voor de pakketbezorger.

(In de avond ___ jij de deur voor de pakketbezorger.)

3. Wij ___ de kast om onze handdoeken te pakken.

(Wij ___ de kast om onze handdoeken te pakken.)

Ćwiczenie 5: Karty dialogowe

Instrukcja: Ćwicz rozmowę z nauczycielem lub kolegami z klasy.

Ćwiczenie 6: Zareaguj na sytuację

Instrukcja: Ćwiczenia w parach lub z nauczycielem.

1. Je gaat verhuizen naar een nieuw appartement. Een collega vraagt: “Wat is er in jouw slaapkamer?” Antwoord en zeg welke meubels er staan. (Gebruik: Het bed, De kast, De lamp)

(Przeprowadzasz się do nowego mieszkania. Kolega pyta: „Wat is er in jouw slaapkamer?” Odpowiedz i powiedz, jakie meble się tam znajdują. (Użyj: Het bed, De kast, De lamp))

In mijn slaapkamer    

(W mojej sypialni ...)

Przykład:

In mijn slaapkamer staat een bed, een kast en een lamp.

(W mojej sypialni stoi łóżko, szafa i lampa.)

2. Je woont met een huisgenoot. Hij zit vaak op jouw plek in de woonkamer. Spreek samen af waar de meubels staan en zeg waar jij graag zit. (Gebruik: De bank, De stoel, De tafel)

(Mieszkasz z współlokatorem. On często zajmuje twoje miejsce w salonie. Ustalcie razem, gdzie stoją meble i powiedz, gdzie lubisz siedzieć. (Użyj: De bank, De stoel, De tafel))

Ik zit graag    

(Lubię siedzieć ...)

Przykład:

Ik zit graag op de bank bij de tafel.

(Lubię siedzieć na kanapie przy stole.)

Ćwiczenie 7: Pisanie korespondencji

Instrukcja: Napisz odpowiedź na następującą wiadomość odpowiednią do sytuacji


Hoi [naam]!

Gefeliciteerd met je nieuwe huis! 😊
Ik ben nieuwsgierig. Hoe ziet je woonkamer eruit?

Heb je al een bank en een tafel? En hoe is je slaapkamer? Staat het bed al goed? 😉

Stuur even een bericht en vertel:
- welke meubels je al hebt
- welke spullen je nog wilt kopen

Groetjes,
Lisa


Hoi [naam]!

Gefeliciteerd met je nieuwe huis! 😊
Ik ben nieuwsgierig. Hoe ziet je woonkamer eruit?

Heb je al een bank en een tafel? En hoe is je slaapkamer? Staat het bed al goed? 😉

Stuur even een bericht en vertel:
- welke meubels je al hebt
- welke spullen je nog wilt kopen

Groetjes,
Lisa


Przydatne zwroty:

  1. In mijn woonkamer heb ik ...

    (W moim salonie mam ...)

  2. In mijn slaapkamer staat ...

    (W mojej sypialni stoi ...)

  3. Ik wil nog ... kopen.

    (Chcę jeszcze kupić ...)

Hoi Lisa,

Dank je! In mijn woonkamer heb ik een kleine bank, een tafel en twee stoelen. Er staat ook een lamp naast de bank.

In mijn slaapkamer staat het bed al goed. Er is een kast en een bureau bij het raam. Ik wil nog een nachtlampje en misschien een extra stoel kopen.

Groetjes,
[naam]

Cześć Lisa,

Dzięki! W moim salonie mam małą sofę, stół i dwa krzesła. Obok sofy stoi również lampa.

W mojej sypialni łóżko już stoi na miejscu. Jest też szafa i biurko przy oknie. Chcę jeszcze kupić lampkę nocną i może dodatkowe krzesło.

Pozdrawiam,
[naam]