Vocabulaire (20)

De calorie Montrer

La calorie Montrer

De honger Montrer

La faim Montrer

De koolhydraat Montrer

Le glucide Montrer

De proteïne Montrer

La protéine Montrer

De vitamine Montrer

La vitamine Montrer

Het zuivelproduct Montrer

Le produit laitier Montrer

De toename Montrer

L'augmentation Montrer

Afvallen (gewicht) Montrer

Maigrir (poids) Montrer

Bijkomen (gewicht) Montrer

Prendre du poids (poids) Montrer

In balans houden Montrer

Maintenir en équilibre Montrer

Op dieet gaan Montrer

Se mettre au régime Montrer

Snoepen Montrer

Grignoter Montrer

Variëren Montrer

Varier Montrer

Verhogen Montrer

Augmenter Montrer

Combineren met Montrer

Combiner avec Montrer

Kauwen op Montrer

Mâcher Montrer

Ophouden met Montrer

Cesser de Montrer

Stoppen met Montrer

Arrêter de Montrer

Zich beperken tot Montrer

Se limiter à Montrer

Zich houden aan Montrer

Respecter Montrer

Eten (manger)

Voltooid tegenwoordige tijd (VTT)


(ik) heb gegeten
(jij/je) hebt gegeten / hebt gegeten
(hij/zij/ze/het) heeft gegeten
(wij/we) hebben gegeten
(jullie) hebben gegeten
(zij/ze) hebben gegeten

Bijkomen (se reposer)

Voltooid tegenwoordige tijd (VTT)


(ik) ben bijgekomen
(jij/je) bent bijgekomen
(hij/zij/ze/het) is bijgekomen
(wij/we) zijn bijgekomen
(jullie) zijn bijgekomen
(zij/ze) zijn bijgekomen

Ophouden met (arrêter)

Voltooid tegenwoordige tijd (VTT)


(ik) ben opgehouden met
(jij/je) bent opgehouden met
(hij/zij/ze/het) is opgehouden met
(wij/we) zijn opgehouden met
(jullie) zijn opgehouden met
(zij/ze) zijn opgehouden met