B1.33 - Services de ménage
B1.33 - Services de ménage

B1.33 - Services de ménage - Vocabulaire

Schoonmaakdiensten


Vocabulaire (21)

De schoonmaakdienst Montrer

Le service de ménage Montrer

Het apparaat Montrer

L'appareil Montrer

Het uurtarief Montrer

Le tarif horaire Montrer

De dweil Montrer

La serpillière Montrer

De bezem Montrer

Le balai Montrer

De rubberen handschoen Montrer

Le gant en caoutchouc Montrer

De doek Montrer

Le chiffon Montrer

Het gat Montrer

Le trou Montrer

De rommel Montrer

Le désordre Montrer

Het vuilnis buitenzetten Montrer

Sortir les poubelles Montrer

De was ophangen Montrer

Étendre le linge Montrer

Het bed opmaken Montrer

Faire le lit Montrer

De allesreiniger Montrer

Le nettoyant universel Montrer

Netjes Montrer

Soigné Montrer

Kapot zijn Montrer

Être cassé Montrer

Defect zijn Montrer

Être en panne Montrer

Functioneren Montrer

Fonctionner Montrer

Ruiken Montrer

Sentir Montrer

Bukken Montrer

Se pencher Montrer

Afvoeren Montrer

Enlever Montrer

Stofzuigen Montrer

Passer l'aspirateur Montrer

Stofzuigen (passer l'aspirateur)

Conditionele Verleden Tijd (CVT)


(ik) zou gestofzuigd hebben
(jij/je) zou gestofzuigd hebben
(hij/zij/ze/het) zou gestofzuigd hebben
(wij/we) zouden gestofzuigd hebben
(jullie) zouden gestofzuigd hebben
(zij/ze) zouden gestofzuigd hebben

Opmaken (se préparer)

Conditionele Verleden Tijd (CVT)


(ik) zou opgemaakt hebben
(jij/je) zou opgemaakt hebben
(hij/zij/ze/het) zou opgemaakt hebben
(wij/we) zouden opgemaakt hebben
(jullie) zouden opgemaakt hebben
(zij/ze) zouden opgemaakt hebben