Vocabulaire (17)
Strijden tegen (se battre contre)
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
| (ik) streed tegen |
| (jij/je) streed tegen |
| (hij/zij/ze/het) streed tegen |
| (wij/we) streden tegen |
| (jullie) streden tegen |
| (zij/ze) streden tegen |
Bijdragen aan (contribuer à)
Onvoltooid verleden tijd (OVT)
| (ik) droeg bij aan |
| (jij/je) droeg bij aan |
| (hij/zij/ze/het) droeg bij aan |
| (wij/we) droegen bij aan |
| (jullie) droegen bij aan |
| (zij/ze) droegen bij aan |