B1.14 - Organiser un voyage longue distance
B1.14 - Organiser un voyage longue distance

B1.14 - Organiser un voyage longue distance - Vocabulaire

Het organiseren van een langeafstandsreis


Vocabulaire (20)

De tempel Montrer

Le temple Montrer

Het waddeneiland Montrer

L'île des Wadden Montrer

Het weiland Montrer

Le pré Montrer

Het gangpad Montrer

L'allée Montrer

De brommer Montrer

Le cyclomoteur Montrer

Opstappen Montrer

Monter (véhicule) Montrer

Afstappen Montrer

Descendre (véhicule) Montrer

Omleiden Montrer

Détourner Montrer

Schuilen voor Montrer

Se mettre à l'abri de Montrer

Trekken door Montrer

Traverser (en marchant) Montrer

Afzien van Montrer

Renoncer à Montrer

Reizen naar Montrer

Voyager vers Montrer

Vluchten voor Montrer

Fuir devant Montrer

Een herinnering hebben aan Montrer

Avoir un souvenir de Montrer

Heimwee hebben naar Montrer

Avoir le mal du pays pour Montrer

Terugkeren naar Montrer

Retourner à Montrer

Zich instellen op Montrer

Se préparer à Montrer

Op de hoogte zijn van Montrer

Être informé de Montrer

Zich oriënteren naar Montrer

S'orienter vers Montrer

De reis plannen naar Montrer

Planifier le voyage vers Montrer

Afstappen (descendre de (se))

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) stap af
(jij/je) stapt af
(hij/zij/ze/het) stapt af
(wij/we) stappen af
(jullie) stappen af
(zij/ze) stappen af

Terugkeren naar (revenir)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) keer terug naar
(jij/je) keert terug naar
(hij/zij/ze/het) keert terug naar
(wij/we) keren terug naar
(jullie) keren terug naar
(zij/ze) keren terug naar