A2.43 - Télétravail ou bureau ?
A2.43 - Télétravail ou bureau ?

A2.43 - Télétravail ou bureau ? - Vocabulaire

Thuiswerken of het kantoor?


Vocabulaire (12)

De computer

De computer Montrer

L'ordinateur Montrer

De laptop

De laptop Montrer

L'ordinateur portable Montrer

De uitrusting

De uitrusting Montrer

L'équipement Montrer

Het platform

Het platform Montrer

La plateforme Montrer

De verbinding

De verbinding Montrer

La connexion Montrer

Verbinden

Verbinden Montrer

Connecter Montrer

Het videogesprek

Het videogesprek Montrer

La visioconférence Montrer

Het telewerken

Het telewerken Montrer

Le télétravail Montrer

Digitaal

Digitaal Montrer

Numérique Montrer

Op afstand

Op afstand Montrer

À distance Montrer

Zich aanmelden

Zich aanmelden Montrer

S'inscrire Montrer

Zich afmelden

Zich afmelden Montrer

Se désinscrire Montrer

Zich afmelden (se désinscrire)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) meld me af
(jij/je) meld je af
(hij/zij/ze/het) meldt zich af
(wij/we) melden ons af
(jullie) melden je af
(zij/ze) melden zich af

Zich aanmelden (s'inscrire)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) meld me aan
(jij/je) meld je aan
(hij/zij/ze/het) meldt zich aan
(wij/we) melden ons aan
(jullie) melden je aan
(zij/ze) melden zich aan