Exercice 1: Associer un mot
Instruction: Associez les éléments qui ont un sens lié.
Exercice 2: Préparation à l'examen
Instruction: Lisez le texte, comblez les lacunes avec les mots manquants et répondez aux questions ci-dessous
Familiedag in de dierentuin
Remplissez les lacunes: dierensoort, apen, leeuwen, giraffen, niemand, Diergaarde, Blijdorp, landschap, Afrika, staat, tropische, Iedereen, savanne, bewonderen
(Journée en famille au zoo)
Dit weekend is er een familiedag in in Rotterdam. In de ochtend lopen de bezoekers langs de . Daar zien ze , zebra’s en . Het is droog en doet denken aan . Later gaan ze naar het deel. In deze hal is het warm en vochtig, met veel planten, vogels en . De kinderen vooral de olifanten.
Op de website van de dierentuin staat alle praktische informatie. kan online kaartjes kopen en een parkeerplaats reserveren. Er is ook een plattegrond: daarop zie je precies waar elk dier . Zo raakt elkaar kwijt. Aan het einde van de dag drinken ze samen iets op het terras en praten ze over hun favoriete .Ce week-end, il y a une journée en famille à Diergaarde Blijdorp à Rotterdam. Le matin, les visiteurs se promènent le long de la savane. Ils y voient des lions, des zèbres et des girafes. Le paysage est sec et rappelle l'Afrique. Plus tard, ils se rendent dans la partie tropicale. Dans cette serre, il fait chaud et humide, avec beaucoup de plantes, d'oiseaux et de singes. Les enfants admirent surtout les éléphants.
Sur le site web du zoo se trouvent toutes les informations pratiques. Tout le monde peut acheter des billets en ligne et réserver une place de parking. Il y a aussi un plan : on y voit exactement où se trouve chaque animal. Ainsi, personne ne se perd. À la fin de la journée, ils prennent quelque chose à boire ensemble sur la terrasse et parlent de leur espèce animale préférée.
-
Welke dieren ziet de familie op de savanne en hoe wordt het landschap beschreven?
(Quels animaux la famille voit-elle dans la savane et comment le paysage est-il décrit ?)
Exercice 3: Compréhension orale
Instruction: Écoutez le fragment audio et indiquez si les affirmations suivantes sont vraies ou fausses.
| Vrai | Faux | |
|---|---|---|
|
(Elle vérifie les heures de départ du train pour la sortie.) |
||
|
(Le tigre est l'animal qu'elle veut voir le plus.) |
||
|
(S'il pleut, ils regardent d'abord à l'intérieur.) |
Exercice 4: Choix multiple
Instruction: Choisissez la bonne solution
1. Gisteren ___ we in de dierentuin dat bijna iedereen de leeuwen met zijn telefoon filmde.
(Hier ___ we in de dierentuin dat bijna iedereen de leeuwen met zijn telefoon filmde.)2. Vorige zomer ___ ik met mijn familie een grote dierentuin in Rotterdam.
(Vorige zomer ___ ik met mijn familie een grote dierentuin in Rotterdam.)3. In Afrika ___ we op safari bijna geen apen, maar in deze dierentuin zagen we er overal.
(In Afrika ___ we op safari bijna geen apen, maar in deze dierentuin zagen we er overal.)Exercice 5: Cartes de dialogue
Instruction: Entraînez la conversation avec votre professeur ou vos camarades.
Exercice 6: Questions de discussion
Instruction: Répondez aux questions en utilisant le vocabulaire de ce chapitre.
Expressions utiles:
Ik wil graag naar … gaan, omdat … / Voor mij is het belangrijk dat … / In dat park zie je vaak verschillende dieren en landschappen, zoals …
-
Kunt u uw laatste bezoek aan een dierentuin kort beschrijven? Met wie ging u en wat vond u het leukst?
Pouvez-vous décrire brièvement votre dernière visite dans un zoo ? Avec qui y êtes-vous allé et qu'avez-vous le plus apprécié ?
__________________________________________________________________________________________________________
-
Hoe plant u een gezin(s)uitje naar een attractiepark in Nederland voor een zaterdag of zondag? Wat regelt u van tevoren?
Comment organisez-vous une sortie en famille dans un parc d'attractions aux Pays-Bas pour un samedi ou un dimanche ? Que préparez-vous à l'avance ?
__________________________________________________________________________________________________________
-
Stel, u gaat naar Beekse Bergen. Welke dieren wilt u zeker zien en waarom?
Supposons que vous alliez à Beekse Bergen. Quels animaux voulez-vous absolument voir et pourquoi ?
__________________________________________________________________________________________________________
-
Wat vindt u belangrijk in een dierentuin: veel verschillende dieren, een natuurlijk landschap, of iets anders? Leg dat kort uit.
Qu'est‑ce qui est important pour vous dans un zoo : la diversité des espèces, un environnement naturel, ou autre chose ? Expliquez-le brièvement.
__________________________________________________________________________________________________________
Exercice 7: Rédiger de la correspondance
Instruction: Rédigez une réponse au message suivant appropriée à la situation
Hoi [naam],
Wij willen zaterdag met de kinderen naar de dierentuin in Amersfoort. Willen jullie misschien mee? Het is leuk voor de kinderen om samen de dieren te zien, zoals de olifant en de leeuw.
We denken om rond 10.00 uur te gaan. Zullen we dan samen rijden? De tickets kosten ongeveer €27 per volwassene. In de dierentuin zijn verschillende landschappen, zoals jungle en woestijn. De kinderen vinden het altijd mooi om te bewonderen.
Laat je me vandaag nog iets weten?
Groetjes,
Anne
Hoi [naam],
Wij willen zaterdag met de kinderen naar de dierentuin in Amersfoort. Willen jullie misschien mee? Het is leuk voor de kinderen om samen de dieren te zien, zoals de olifant en de leeuw.
We denken om rond 10.00 uur te gaan. Zullen we dan samen rijden? De tickets kosten ongeveer €27 per volwassene. In de dierentuin zijn verschillende landschappen, zoals jungle en woestijn. De kinderen vinden het altijd mooi om te bewonderen.
Laat je me vandaag nog iets weten?
Groetjes,
Anne
Phrases utiles:
-
Bedankt voor je bericht,
(Merci pour ton message,)
-
Wij willen graag / helaas niet mee, omdat ...
(Nous aimerions venir / malheureusement pas possible, parce que ...)
-
Kun je zeggen of we zelf eten moeten meenemen?
(Peux-tu dire si nous devons apporter notre propre nourriture ?)
Bedankt voor je bericht. Wij willen graag mee naar de dierentuin op zaterdag. 10.00 uur is goed voor ons. Kunnen we met jullie meerijden? Wij hebben zelf geen auto.
De kinderen willen heel graag de olifant en de tijger zien. Ik vind vooral de jungle mooi, alles is daar zo groen.
Kun je ook zeggen of we eten moeten meenemen of dat er genoeg plek is om iets te kopen in de dierentuin?
Groetjes,
[naam]
Hoi Anne,
Merci pour ton message. Nous aimerions venir au zoo samedi. 10h00 nous convient. Pouvons-nous venir en voiture avec vous ? Nous n'avons pas de voiture.
Les enfants veulent vraiment voir l'éléphant et le tigre. J'aime surtout la zone jungle, tout y est si vert.
Peux-tu aussi dire si nous devons apporter à manger ou s'il y a suffisamment d'endroits pour acheter quelque chose dans le zoo ?
À bientôt,
[naam]