2. Vocabulaire (13)

De bachelor

De bachelor Montrer

Le bachelor Montrer

De master

De master Montrer

Le master Montrer

Het diploma

Het diploma Montrer

Le diplôme Montrer

Het college

Het college Montrer

Le cours magistral Montrer

De cursus

De cursus Montrer

Le cours Montrer

Het tentamen

Het tentamen Montrer

L'examen Montrer

De stage

De stage Montrer

Le stage Montrer

De stagiair

De stagiair Montrer

Le stagiaire Montrer

De vaardigheid

De vaardigheid Montrer

La compétence Montrer

Afstuderen

Afstuderen Montrer

Obtenir son diplôme / finir ses études Montrer

Ontwikkelen

Ontwikkelen Montrer

Développer Montrer

Slagen

Slagen Montrer

Réussir Montrer

Zakken

Zakken Montrer

Échouer Montrer

4. Exercices

Exercice 1: Rédiger de la correspondance

Instruction: Rédigez une réponse au message suivant appropriée à la situation

E-mail: Vous recevez un e-mail du conseiller pédagogique de l'université au sujet d'un cours et vous devez répondre en donnant des informations sur vos projets et en posant des questions.


Onderwerp: Jouw plannen voor volgend studiejaar

Beste student,

Volgend jaar kun je een nieuwe cursus kiezen in onze bacheloropleiding. We willen graag weten wat jouw plannen zijn.

Vorige week stuurden we informatie over de cursus "Academische vaardigheden". Met deze cursus kun je je beter ontwikkelen voor een master en voor een stage.

Wil je mij mailen:

  • Welke studie je nu doet
  • Of je volgend jaar deze cursus wilt volgen
  • Of je vragen hebt over het diploma of een stage

Met vriendelijke groet,
Marieke de Boer
Studieadviseur Faculteit Sociale Wetenschappen


Objet : Vos projets pour l'année prochaine

Cher/Chère étudiant(e),

L'année prochaine, vous pouvez choisir un nouveau cours dans notre bachelor. Nous aimerions connaître vos projets.

La semaine dernière, nous avons envoyé des informations sur le cours « Compétences académiques ». Avec ce cours, vous pouvez mieux vous préparer pour un master et pour un stage.

Pourriez-vous m'envoyer un e-mail en précisant :

  • Quel programme vous étudiez actuellement
  • Si vous souhaitez suivre ce cours l'année prochaine
  • Si vous avez des questions concernant le diplôme ou un stage

Cordialement,
Marieke de Boer
Conseillère d'études, Faculté des sciences sociales


Comprendre le texte:

  1. Waarom schrijft de studieadviseur deze e-mail aan de student?

    (Pourquoi la conseillère d'études envoie-t-elle cet e-mail à l'étudiant ?)

  2. Welke informatie wil de studieadviseur precies van de student weten?

    (Quelles informations la conseillère d'études souhaite-t-elle précisément recevoir de l'étudiant ?)

Phrases utiles:

  1. Op dit moment studeer ik ...

    (En ce moment j'étudie ...)

  2. Volgend jaar wil ik graag ...

    (L'année prochaine je voudrais ...)

  3. Ik heb een vraag over ...

    (J'ai une question à propos de ...)

Beste mevrouw De Boer,

Op dit moment studeer ik psychologie in het tweede jaar van de bachelor. Vorig jaar volgde ik al een cursus statistiek.

Volgend jaar wil ik graag de cursus Academische vaardigheden volgen. Ik wil later een master doen en ik denk dat deze cursus belangrijk is.

Ik heb nog één vraag over het diploma. Telt deze cursus mee als verplicht vak voor mijn studie, of is het een extra vak? En kunt u mij ook informatie sturen over mogelijkheden voor een stage in het derde jaar?

Met vriendelijke groet,

[Je naam]

Madame De Boer,

En ce moment j'étudie la psychologie en deuxième année du bachelor. L'année dernière, j'ai déjà suivi un cours de statistiques.

L'année prochaine, je souhaiterais suivre le cours Compétences académiques. Je souhaite ensuite faire un master et je pense que ce cours est important.

J'ai encore une question concernant le diplôme. Ce cours compte-t-il comme matière obligatoire pour mon programme ou est-ce un cours supplémentaire ? Pouvez-vous également m'envoyer des informations sur les possibilités de stage en troisième année ?

Cordialement,

[Votre nom]

Exercice 2: Choix multiple

Instruction: Choisissez la bonne solution

1. Vorige week ___ mijn vriendin voor haar eerste tentamen psychologie.

(La semaine dernière ___ ma copine a réussi son premier examen de psychologie.)

2. Gisteren ___ de stagiair voor het moeilijke tentamen statistiek.

(Hier ___ le stagiaire à l'examen difficile de statistique.)

3. Een jaar geleden ___ we allebei voor de bachelor en kregen we ons diploma.

(Il y a un an ___ nous avons tous les deux réussi notre licence et obtenu notre diplôme.)

4. Vroeger ___ veel studenten voor het tentamen omdat ze weinig tijd hadden om te studeren.

(Autrefois ___ beaucoup d'étudiants à l'examen parce qu'ils avaient peu de temps pour étudier.)

Exercice 3: Cartes de dialogue

Instruction: Choisissez une situation et entraînez-vous à la conversation avec votre professeur ou vos camarades.

Exercice 4: Répondez à la situation

Instruction: Exercez-vous par deux ou avec votre enseignant.

1. Je collega hoort dat jij in Nederland studeert naast je werk. Hij vraagt: "Wat doe je precies voor studie?" Leg kort uit wat voor universitaire opleiding je doet. (Gebruik: De bachelor, Het diploma, studeren)

(Ton collègue apprend que tu étudies aux Pays-Bas en plus de ton travail. Il demande : « Wat doe je precies voor studie? » Explique brièvement quel type de formation universitaire tu suis. (Utilise : De bachelor, Het diploma, studeren))

Ik doe nu  

(Ik doe nu ...)

Exemple:

Ik doe nu de bachelor economie aan de universiteit. Als ik klaar ben, krijg ik een diploma.

(Ik doe nu de bachelor economie aan de universiteit. Als ik klaar ben, krijg ik een diploma.)

2. Je bent op een open dag van een universiteit. Je praat met een studieadviseur over je plannen. Vertel welke opleiding je later wilt doen na je bachelor. (Gebruik: De master, later, plannen)

(Tu es à une journée portes ouvertes d'une université. Tu parles avec un conseiller d'études de tes projets. Dis quelle formation tu souhaites suivre après ta licence. (Utilise : De master, later, plannen))

Na mijn bachelor  

(Na mijn bachelor ...)

Exemple:

Na mijn bachelor wil ik een master bedrijfskunde doen, omdat ik manager wil worden.

(Na mijn bachelor wil ik een master bedrijfskunde doen, omdat ik manager wil worden.)

3. Je moet je leidinggevende uitleggen waarom je in juni een week vrij wilt nemen. Vertel dat je een belangrijk tentamen hebt en je daarvoor moet leren. (Gebruik: Het tentamen, leren, belangrijk)

(Tu dois expliquer à ton supérieur pourquoi tu veux prendre une semaine de congé en juin. Dis que tu as un examen important et que tu dois étudier pour cela. (Utilise : Het tentamen, leren, belangrijk))

In juni heb ik  

(In juni heb ik ...)

Exemple:

In juni heb ik een belangrijk tentamen aan de universiteit, daarom wil ik een week vrij om goed te leren.

(In juni heb ik een belangrijk tentamen aan de universiteit, daarom wil ik een week vrij om goed te leren.)

4. Je hebt een gesprek met je stagebegeleider op je werkplek. Hij vraagt wat je graag wilt leren tijdens deze periode. Vertel welke vaardigheden je wilt ontwikkelen. (Gebruik: De stage, De vaardigheid, ontwikkelen)

(Tu as un entretien avec ton maître de stage sur ton lieu de travail. Il te demande ce que tu aimerais apprendre pendant cette période. Indique quelles compétences tu veux développer. (Utilise : De stage, De vaardigheid, ontwikkelen))

Tijdens mijn stage wil ik  

(Tijdens mijn stage wil ik ...)

Exemple:

Tijdens mijn stage wil ik mijn communicatieve vaardigheden ontwikkelen en leren hoe ik goed in een team werk.

(Tijdens mijn stage wil ik mijn communicatieve vaardigheden ontwikkelen en leren hoe ik goed in een team werk.)

Exercice 5: Exercice d'écriture

Instruction: Écrivez 5 ou 6 phrases sur vos (futures) études universitaires : où vous voulez étudier, quelle formation vous choisissez et pourquoi.

Expressions utiles:

Ik wil graag aan de universiteit studeren, omdat… / Mijn ideale opleiding is…, want… / Later wil ik werken als… / Voor deze studie heb je … nodig.

Oefening 6: Exercice de conversation

Instructie:

  1. Denk aan je universiteit of studieachtergrond en koppel elke afbeelding aan jouw ervaring (type cursussen, diploma, stage, eerste baan). (Pensez à votre université ou à votre parcours d'études et associez chaque image à votre expérience (type de cours, diplôme, stage, premier emploi).)

Directives pédagogiques +/- 10 minutes

Exemples de phrases:

Ik ben in 2019 afgestudeerd van de middelbare school. Ik studeer momenteel nog aan de universiteit.

J'ai obtenu mon diplôme de lycée en 2019. Je suis encore étudiant à l'université maintenant.

Ik ben in 2012 geslaagd voor de middelbare school en heb in 2016 mijn universitaire opleiding afgerond.

J'ai obtenu mon baccalauréat en 2012 et ma licence en 2016.

Ik ben twee jaar geleden afgestudeerd aan de universiteit met een diploma in bedrijfsadministratie.

J'ai obtenu mon diplôme universitaire il y a deux ans en administration des affaires.

Ik studeerde voltijds terwijl ik parttime werkte

J'ai étudié à plein temps tout en travaillant à temps partiel

Ik heb mijn masterdiploma behaald terwijl ik 's avonds en in het weekend werkte.

J'ai obtenu mon master tout en travaillant les soirs et les week-ends.

Ik volgde online cursussen.

J'ai suivi des cours en ligne.

Ik volg enkele cursussen om meer verantwoordelijkheden op het werk te nemen.

Je suis des cours pour prendre plus de responsabilités au travail.

...