2. Vocabulaire (12)

De annulatie

De annulatie Montrer

L'annulation Montrer

De schade

De schade Montrer

Les dégâts Montrer

De verzekering

De verzekering Montrer

L'assurance Montrer

De waarborg

De waarborg Montrer

La caution Montrer

Het formulier

Het formulier Montrer

Le formulaire Montrer

Het rijbewijs

Het rijbewijs Montrer

Le permis de conduire Montrer

Stuk

Stuk Montrer

Cassé / en panne Montrer

Gehuurd

Gehuurd Montrer

Loué Montrer

Verhuren

Verhuren Montrer

Louer (donner en location) Montrer

Terugbrengen

Terugbrengen Montrer

Rendre / rapporter Montrer

Ophalen

Ophalen Montrer

Aller chercher Montrer

Annuleren

Annuleren Montrer

Annuler Montrer

4. Exercices

Exercice 1: Préparation à l'examen

Instruction: Lisez le texte, comblez les lacunes avec les mots manquants et répondez aux questions ci-dessous


Fiets huren bij StationBike

Mots à utiliser: waarborg, schade, Annuleren, formulier, verzekering, rijbewijs

(Location de vélo chez StationBike)

Veel forenzen in Utrecht huren een fiets bij StationBike. Op het station vul je eerst een kort in met je naam, adres en telefoonnummer. Je laat je of identiteitskaart zien. Daarna kies je een stadsfiets of een e‑bike.

Je betaalt een van 100 euro. De waarborg krijg je terug als je de fiets op tijd en zonder terugbrengt. De is inclusief, maar je hebt een eigen risico van 150 euro bij diefstal of schade. Wil je extra dekking? Dan betaal je een klein bedrag per dag. kan gratis tot 24 uur voor de start van de huurperiode.
De nombreux navetteurs à Utrecht louent un vélo chez StationBike. À la gare, vous remplissez d’abord un court formulaire avec votre nom, votre adresse et votre numéro de téléphone. Vous présentez votre permis de conduire ou votre carte d’identité. Ensuite, vous choisissez un vélo de ville ou un vélo électrique (e-bike).

Vous payez une caution de 100 euros. La caution vous est remboursée si vous ramenez le vélo à temps et sans dommages. L’assurance de base est incluse, mais vous avez une franchise de 150 euros en cas de vol ou de dégâts. Vous voulez une couverture supplémentaire ? Alors vous payez un petit montant par jour. L’annulation est gratuite jusqu’à 24 heures avant le début de la période de location.

  1. Waarom moet je een formulier invullen als je een fiets huurt bij StationBike?

    (Pourquoi devez-vous remplir un formulaire lorsque vous louez un vélo chez StationBike ?)

  2. In welke situatie krijg je de waarborg niet (of niet helemaal) terug?

    (Dans quelle situation ne recevez-vous pas (ou pas entièrement) la caution ?)

  3. Wat is het verschil tussen de basisverzekering en extra dekking bij StationBike?

    (Quelle est la différence entre l’assurance de base et la couverture supplémentaire chez StationBike ?)

  4. Hoe zou jij normaal naar je werk gaan in Nederland: met fiets, auto of openbaar vervoer? Leg uit waarom.

    (Comment iriez-vous normalement au travail aux Pays-Bas : à vélo, en voiture ou en transports en commun ? Expliquez pourquoi.)

Exercice 2: Choix multiple

Instruction: Choisissez la bonne solution

1. Ik heb gisteren online een auto gehuurd en het bedrijf ______ die al voor mij ______.

(J'ai loué une voiture en ligne hier et l'entreprise ______ l'a déjà ______ pour moi.)

2. Omdat ik het contract heel goed ______ gelezen, ______ ik de huur niet geannuleerd.

(Parce que j'ai très bien ______ lu le contrat, ______ je la location pas annulée.)

3. De klant ______ de reservering veel te laat geannuleerd en moet daarom de volledige waarborg betalen.

(Le client ______ la réservation beaucoup trop tard et doit donc payer la totalité de la caution.)

4. Wij ______ al heel veel fietsen verhuurd, daarom ______ we een goede verzekering voor schade.

(Nous ______ déjà loué beaucoup de vélos, c'est pourquoi ______ nous une bonne assurance contre les dommages.)

Exercice 3: Cartes de dialogue

Instruction: Choisissez une situation et entraînez-vous à la conversation avec votre professeur ou vos camarades.

Exercice 4: Répondez à la situation

Instruction: Exercez-vous par deux ou avec votre enseignant.

1. Je belt een autoverhuurbedrijf om een auto voor het weekend te huren. Je wilt weten hoeveel de waarborg is en of je met je debitcard mag betalen. Reageer als aan de telefoon. (Gebruik: de waarborg, betalen, per dag)

(Vous appelez une agence de location de voitures pour louer une voiture pour le week-end. Vous voulez savoir quel est le dépôt de garantie et si vous pouvez payer avec votre carte de débit. Répondez comme si vous étiez au téléphone. (Utilisez : de waarborg, betalen, per dag))

Ik wil graag  

(Ik wil graag ...)

Exemple:

Ik wil graag weten hoe hoog de waarborg is, en of ik de waarborg per dag kan betalen of in één keer.

(Ik wil graag weten hoe hoog de waarborg is, en of ik de waarborg per dag kan betalen of in één keer.)

2. Je brengt een gehuurde elektrische fiets terug. Er is onderweg schade gekomen na een kleine botsing. Leg bij de balie uit wat er is gebeurd. (Gebruik: de schade, ongelukje, formulieren invullen)

(Vous rendez un vélo électrique loué. Il y a eu des dégâts suite à une petite collision en chemin. Expliquez au comptoir ce qui s’est passé. (Utilisez : de schade, ongelukje, formulieren invullen))

Ik wil graag  

(Ik wil graag ...)

Exemple:

Ik wil graag de schade melden. Er was een klein ongelukje, dus ik kan meteen het formulier invullen.

(Ik wil graag de schade melden. Er was een klein ongelukje, dus ik kan meteen het formulier invullen.)

3. Je komt bij het verhuurbedrijf om een scooter op te halen. De medewerker vraagt om je identiteitskaart. Je legt uit dat je ook je rijbewijs bij je hebt en vraagt wat hij nodig heeft. (Gebruik: het rijbewijs, identiteitskaart, nodig hebben)

(Vous arrivez à l’agence pour récupérer un scooter. L’employé demande votre carte d’identité. Vous expliquez que vous avez aussi votre permis de conduire et demandez ce dont il a besoin. (Utilisez : het rijbewijs, identiteitskaart, nodig hebben))

Ik heb  

(Ik heb ...)

Exemple:

Ik heb mijn rijbewijs en mijn identiteitskaart bij me. Wat heeft u precies nodig voor de scooter?

(Ik heb mijn rijbewijs en mijn identiteitskaart bij me. Wat heeft u precies nodig voor de scooter?)

4. Je hebt online een auto gehuurd voor een zakenreis, maar de vergadering is geannuleerd. Je belt het bedrijf en vraagt of je de reservering nog kunt annuleren zonder kosten. (Gebruik: annuleren, de reservering, kosten)

(Vous avez loué une voiture en ligne pour un voyage d’affaires, mais la réunion est annulée. Vous appelez l’agence et demandez si vous pouvez encore annuler la réservation sans frais. (Utilisez : annuleren, de reservering, kosten))

Ik bel om  

(Ik bel om ...)

Exemple:

Ik bel om mijn reservering te annuleren, omdat mijn vergadering niet doorgaat. Kunt u zeggen of ik nog kosten moet betalen als ik vandaag annuleer?

(Ik bel om mijn reservering te annuleren, omdat mijn vergadering niet doorgaat. Kunt u zeggen of ik nog kosten moet betalen als ik vandaag annuleer?)

Exercice 5: Exercice d'écriture

Instruction: Écrivez 4 ou 5 phrases sur la manière dont vous loueriez un vélo, une voiture ou un scooter aux Pays-Bas et sur ce à quoi vous faites particulièrement attention concernant l’assurance et la caution.

Expressions utiles:

Ik let vooral op… / De waarborg is belangrijk voor mij omdat… / Ik kies deze verzekering, want… / Ik zou annuleren als…

Oefening 6: Exercice de conversation

Instructie:

  1. Beschrijf de situatie in elke afbeelding. (Décrivez la situation dans chaque image.)
  2. Simuleer een gesprek tussen het autoverhuurbedrijf en de klant. (Simuler une conversation entre la société de location de voitures et le client.)

Directives pédagogiques +/- 10 minutes

Exemples de phrases:

Kun je de auto online reserveren?

Pouvez-vous réserver la voiture en ligne ?

Kunt u mij uw rijbewijs geven?

Pouvez-vous me donner votre permis de conduire ?

De auto is kapot.

La voiture est en panne.

Ik wil graag een auto huren.

Je voudrais louer une voiture.

Wanneer moet de auto worden teruggebracht?

Quand doit-on rendre la voiture ?

Is er pechhulp?

Y a-t-il une assistance routière ?

Hoeveel is de borg?

Quel est le montant du dépôt ?

...