Beschrijf je beroep
Vraag naar iemands beroep
Praat over studies
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Wat doet u voor werk?
Nadat Maurice en Clara elkaar in de bus hebben leren kennen, praten ze over wat ze doen qua werk.
Grammatica: Vraagwoorden: Wie, Wat en Welke/Welke/Welke
Gebruik „wer“, „was“ en „welcher/welche/welches“ in je vragen.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!