Kinderen en huisdieren
Kinderen en huisdieren

Kinderen en huisdieren

Kinder und Haustiere


Claudia Ludwig ist eine deutsche Pädagogin und Tierschützerin - Sie erklärt im Video, wieso es gut für Kinder ist, wenn sie mit Haustieren aufwachsen und welche Haustiere sich am besten mit Kindern kombinieren lassen
Claudia Ludwig is een Duitse pedagoog en dierenbeschermster - Ze legt in de video uit waarom het goed is voor kinderen om op te groeien met huisdieren en welke huisdieren het beste te combineren zijn met kinderen.

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Bekijk de video en beantwoord de bijbehorende vragen.

Woord Vertaling
Die Haustiere De huisdieren
Die Hunde De honden
Die Katzen De katten
Die Käfigtiere De kooihuisdieren
Gassi gehen De hond uitlaten
Die Leine De riem
Kinder und Haustiere – vor allem Kinder mit Hund und Katze – sind eines meiner Lieblingsthemen. (Kinderen en huisdieren – vooral kinderen met hond en kat – zijn een van mijn lievelingsthema’s.)
Hunde und Katzen sind die besten Haustiere für Kinder, weil sie keine Käfigtiere sind und souverän sowie eigenständig wirken. (Honden en katten zijn de beste huisdieren voor kinderen, omdat ze geen kooihuisdieren zijn en zelfverzekerd en zelfstandig overkomen.)
Mein jüngster Sohn Darius, der gerade mit dem Hund kommt, hatte Glück, mit Tieren aufzuwachsen. (Mijn jongste zoon Darius, die net met de hond aankomt, had geluk dat hij met dieren kon opgroeien.)
Als meine Kinder auf die Welt kamen, waren bei uns immer Tiere. (Toen mijn kinderen ter wereld kwamen, hadden we altijd dieren.)
Laila, ein ängstlicher Hund, hat schnell gelernt, meinem Sohn zu vertrauen. (Laila, een angstige hond, heeft snel geleerd mijn zoon te vertrouwen.)
Beide Hunde werden von den Kindern regelmäßig abgeholt, um Gassi zu gehen. (Beide honden worden regelmatig door de kinderen opgehaald om de hond uit te laten.)
Dieser Hund war erst ganz kurz bei uns und kannte noch keine Leine, ist aber trotzdem brav Gassi gegangen. (Deze hond was nog maar heel kort bij ons en kende nog geen riem, maar is toch braaf mee gaan wandelen.)

1. Welche Haustiere nennt der Text als besonders geeignet für Kinder?

(Welke huisdieren noemt de tekst als bijzonder geschikt voor kinderen?)

2. Warum sind Hunde und Katzen laut Text gut für Kinder?

(Waarom zijn honden en katten volgens de tekst goed voor kinderen?)

3. Was machen die Kinder regelmäßig mit den Hunden?

(Wat doen de kinderen regelmatig met de honden?)

4. Was war für den neuen Hund ungewohnt, als er zu der Familie kam?

(Wat was voor de nieuwe hond ongewoon toen hij bij de familie kwam?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

Carsten und Susanne überlegen, ein Haustier für die Familie zu kaufen

Carsten en Susanne overwegen een huisdier voor het gezin te kopen
1. Carsten: Welches Haustier passt am besten zu den Kindern? (Welk huisdier past het best bij de kinderen?)
2. Susanne: Ich glaube, ein Hund wäre gut. (Ik denk dat een hond goed zou zijn.)
3. Carsten: Ein Hund bedeutet aber viel Verantwortung: Gassi gehen, füttern und spielen. (Maar een hond betekent veel verantwoordelijkheid: uitlaten, voeren en spelen.)
4. Susanne: Du hast recht. (Je hebt gelijk.)
5. Carsten: Was ist mit einem Hasen? (Wat dacht je van een konijn?)
6. Susanne: Ich finde, die Kinder lernen mit einem Hasen nicht so viel. (Ik vind dat de kinderen met een konijn niet zo veel leren.)
7. Carsten: Vielleicht hast du Recht. Was denkst du über eine Katze? (Misschien heb je gelijk. Wat vind je van een kat?)
8. Susanne: Eine Katze ist auch Verantwortung, aber sie ist selbständiger. (Een kat is ook verantwoordelijkheid, maar ze is zelfstandiger.)
9. Carsten: Das ist nicht so viel Arbeit wie bei einem Hund, aber man lernt trotzdem viel. (Dat is niet zo veel werk als bij een hond, maar je leert toch veel.)
10. Susanne: Ja. Die Kinder lernen, sich um die Katze zu kümmern. (Ja. De kinderen leren voor de kat te zorgen.)

1. Warum ist ein Hund für Carsten viel Verantwortung?

(Waarom is een hond voor Carsten veel verantwoordelijkheid?)

2. Welches Haustier finden Carsten und Susanne am Ende am besten für die Kinder?

(Welk huisdier vinden Carsten en Susanne aan het einde het best voor de kinderen?)