Persoonlijke voornaamwoorden (ich, du, er, sie, etc.)

Personalpronomen (ich, du, er, sie, etc.)


Personalpronomen im Deutschen sind ich, du, er/sie/es, wir, ihr und sie

(Persoonlijke voornaamwoorden in het Duits zijn ich, du, er/sie/es, wir, ihr en sie)

Wanneer gebruik je du en wanneer Sie?

  • du = informeel (collega’s die je kent, vrienden, familie, mensen van jouw leeftijd in informele context).
  • Sie = formeel en beleefd (klanten, onbekenden, leidinggevenden, eerste contact in een zakelijke context).
  • Tip: in Duitsland begin je bij twijfel vaak met Sie. De ander zegt dan eventueel: „Du kannst du zu mir sagen.“

Let op: Sie schrijf je altijd met een hoofdletter

  • Sie (beleefd) is altijd met hoofdletter, ook midden in de zin.
  • sie (kleine letter) betekent iets anders:
Vorm Betekenis Korte voorbeeldzin
Sie u (beleefd, 1 of meer personen) Wie geht es Ihnen?
sie zij (meervoud) / zij (vrouwelijk enkelvoud) Sie (Maria) ist neu. / Sie (die Kolleg:innen) sind neu.

Zelfcheck: gaat het om “u”? Dan schrijf je Sie met hoofdletter en gebruik je vaak ook Ihnen.

Overzicht: wie is wie? (onderwerp in de zin)

Persoon Voornaamwoord Praktisch in gesprek
ik ich Ich bin Maria.
jij du Du siehst gut aus.
hij / zij / het er / sie / es Er ist neu. / Sie ist neu.
wij wir Wir sehen uns morgen.
jullie ihr Ihr seid nett.
zij (meervoud) sie Sie sind im Meeting.
u (beleefd) Sie Sie sind neu hier.

Veelgemaakte verwarring: Sie (u) klinkt als sie (zij)

  • In uitspraak klinkt Sie (u) hetzelfde als sie (zij).
  • Je ziet het verschil vooral in context en in de vormen in de zin (bijv. Ihnen bij “u”).
Betekenis Voorbeeld Signaalwoord
u (beleefd) Guten Tag, Frau Schneider. Wie geht es Ihnen? Ihnen (beleefd)
zij (meervoud) Die Kolleg:innen sind neu. Sie sind nett. meervoud in de context

Snelle stap-voor-stap: kies het juiste voornaamwoord

  1. Wie spreek je aan? ik / jij / u / hij / zij / wij / jullie / zij.
  2. Formeel of informeel?
    • informeel → du
    • formeel → Sie
  3. Check je zin: staat het voornaamwoord als onderwerp?
    • Goed: Ich bin … / Du bist … / Sie sind …
    • Niet als onderwerp: dan krijg je andere vormen (bijv. Ihnen in “Wie geht es Ihnen?”).

Mini-checklist (voordat je spreekt)

  • Twijfel je tussen du en Sie? Kies Sie (veilig en professioneel).
  • Schrijf je “u”? Dan: Sie altijd met hoofdletter.
  • Bij “Hoe gaat het?” onthoud:
    • informeel: Wie geht’s dir?
    • formeel: Wie geht es Ihnen?
  1. De aanspreekvorm "du" wordt in informele situaties gebruikt.
Singular (enkelvoud)Plural (meervoud)
ich (ik)wir (wij)
du (jij)ihr (jullie)
er / sie / es (hij / zij / het)sie (zij)

Uitzonderingen!

  1. „Sie“ wordt als beleefde aanspreekvorm voor één of meerdere personen in formele situaties gebruikt en wordt in de zin altijd met een hoofdletter geschreven.

Oefening 1: Grammatica in actie

Instructie: Voer een kort gesprek met begroeting, smalltalk en afscheid.

Vertaling tonen/verbergen
Situatie
Du triffst neue Kolleg:innen im Büro und verabschiedest dich am Feierabend.
(Je ontmoet nieuwe collega’s op kantoor en neemt afscheid aan het einde van de werkdag.)

Bespreek
  • Wie begrüßt du eine Kollegin am Morgen und wie am Abend? (Hoe begroet je een collega ’s ochtends en hoe ’s avonds?)
  • Wie fragst du: „Wie geht's dir?“ und wie antwortest du kurz? (ich/du) (Hoe vraag je: „Hoe gaat het met je?“ en hoe antwoord je kort? (ik/jij))

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • Guten Morgen! Ich bin … Wie geht's dir? (Goedemorgen! Ik ben … Hoe gaat het met je?)
  • Danke, mir geht's gut. Und dir? (Dank je, het gaat goed met me. En met jou?)
  • Das ist Herr/Frau … Er/Sie spricht Deutsch. Verstehst du? (informell) (Dit is meneer/mevrouw … Hij/Zij spreekt Duits. Begrijp je het? (informeel))

Gebruik in gesprek
  • ich (ik)
  • du (jij)
  • er/sie (hij/zij)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Sophie Schmidt

Internationaal administratief management

Würzburger Dolmetscherschule

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

vrijdag, 17/04/2026 12:59