Modaladverbien zeigen eine Wahrscheinlichkeit, Meinung oder Haltung im Satz an.
(Modale bijwoorden geven in de zin een waarschijnlijkheid, mening of houding aan.)
- Ze staan meestal direct vóór of na het vervoegde werkwoord.
- Modale bijwoorden kunnen ook met andere bijwoorden of modale werkwoorden gecombineerd worden. Beispiel: „Er kann kommen."
| Modaladverb (modaal bijwoord) | Beispiel (voorbeeld) |
|---|---|
| schnell (snel) | Er rennt schnell zur Arbeit. (Hij rent snel naar het werk.) |
| vorsichtig (voorzichtig) | Sie fährt vorsichtig. (Zij rijdt voorzichtig.) |
| gern (graag) | Ich esse gern Pizza. (Ik eet graag pizza.) |
| vielleicht (misschien) | Vielleicht kommt er morgen. (Misschien komt hij morgen.) |
| bestimmt (zeker) | Du hast bestimmt recht. (Je hebt zeker gelijk.) |
| wahrscheinlich (waarschijnlijk) | Wahrscheinlich regnet es. (Waarschijnlijk regent het.) |
| leider (helaas) | Leider habe ich keine Zeit. (Helaas heb ik geen tijd.) |
| sehr (heel) | Ich bin sehr müde. (Ik ben heel moe.) |
Oefening 1: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Ich bin heute ____ krank und bleibe im Bett.
Ik ben vandaag ____ ziek en blijf in bed.2. ____ habe ich die Grippe, ich habe Fieber.
____ heb ik de griep, ik heb koorts.3. Ich rufe den Doktor ____ an, weil ich starke Kopfschmerzen habe.
Ik bel de dokter ____ , omdat ik erge hoofdpijn heb.4. Ich nehme das Medikament ____ heute Abend.
Ik neem het medicijn ____ vanavond.Oefening 2: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zinnen en zet het modaladverb tussen haakjes direct voor of direct na het vervoegde werkwoord (zoals in het voorbeeld).
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIch gehe vielleicht morgen ins Büro.(Ik ga misschien morgen naar kantoor.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldEr kommt heute leider nicht zur Besprechung.(Hij komt vandaag helaas niet naar de vergadering.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldDu bist sehr müde.(Jij bent erg moe.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldSie fährt vorsichtig mit dem Auto zur Arbeit.(Zij rijdt voorzichtig met de auto naar het werk.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldWir treffen uns um 8 Uhr am Bahnhof, wahrscheinlich.(Wij ontmoeten elkaar om 8 uur op het station, waarschijnlijk.)
-
⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ VoorbeeldIch habe bestimmt Zeit.(Ik heb zeker tijd.)
Oefening 3: Grammatica in actie
Instructie: Speelt een telefoongesprek: Beschrijf kort de symptomen en beslis over werk.
- Welche Symptome hast du und wie stark sind die Schmerzen? (Welke symptomen heb je en hoe erg is de pijn?)
- Was sagt der Doktor wahrscheinlich — Grippe oder nur Schnupfen? Warum? (Wat zegt de dokter waarschijnlijk — griep of gewoon verkoudheid? Waarom?)
- Ich habe wahrscheinlich Fieber und sehr starke Kopfschmerzen. (Ik heb waarschijnlijk koorts en heel erge hoofdpijn.)
- Leider kann ich heute nicht arbeiten, ich bin krank. (Helaas kan ik vandaag niet werken, ik ben ziek.)
- Ich brauche vielleicht ein Medikament gegen Husten und Schnupfen. (Misschien heb ik een medicijn nodig tegen hoesten en een verkoudheid.)
- vielleicht / wahrscheinlich / bestimmt (misschien / waarschijnlijk / zeker)
- leider (helaas)
- sehr (heel erg)