Ćwiczenie: Gespreksoefening

Instrukcja:

  1. Co zrobiła dziś Eva? Gdzie przeszła? (Wat heeft Eva vandaag gedaan? Waar is ze langsgekomen?)
  2. Gdzie dzisiaj byłeś? (Waar ben je vandaag geweest?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten