A1.9 - Dagen van de week en delen van de dag
A1.9 - Dagen van de week en delen van de dag

A1.9 - Dagen van de week en delen van de dag - Spreken

Dni tygodnia i części dnia


Ćwiczenie: Gespreksoefening

  1. Nazwij dzień i godzinę. (Noem de dag en het tijdstip.)
  2. Opisz aktywność każdej osoby. (Beschrijf de activiteit van elke persoon.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten