A1.9 - Dagen van de week en delen van de dag - Spreken
Haal je boekĆwiczenie: Klaslokaaloefening
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
- Nazwij dzień i godzinę. (Noem de dag en het tijdstip.)
- Opisz aktywność każdej osoby. (Beschrijf de activiteit van elke persoon.)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Oefening:
Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf kort (5 of 6 zinnen) hoe jouw week eruitziet: op welke dagen werk je en wat doe je meestal ’s ochtends, ’s middags en ’s avonds.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Nuttige uitdrukkingen:
W poniedziałek… / Rano zwykle… / Po południu… / W weekend…