Ćwiczenie: Gespreksoefening

Instrukcja:

  1. Nazwij części ciała i powiedz, gdzie boli. (Noem de lichaamsdelen en vertel waar het pijn doet.)
  2. Jakie rodzaje ćwiczeń wykonujesz, aby się rozciągnąć? (Welke soorten oefeningen doe je om te stretchen?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten