A2.20 - Gezinsuitje naar de dierentuin
A2.20 - Gezinsuitje naar de dierentuin

A2.20 - Gezinsuitje naar de dierentuin - Spreken

Viaje familiar al zoológico


Ejercicio: Gespreksoefening

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

  1. Describe los paisajes y los animales que ves en el mapa y alrededor de la familia. (Beschrijf de landschappen en dieren die je op de kaart en rondom het gezin ziet.)
  2. Explica cómo organizarías una actividad familiar para pasar un día en el zoo. (Vertel hoe je een gezinsactiviteit zou organiseren voor een dag in de dierentuin.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten

Oefening: Schrijfopdracht (AI+)

Instructie: Schrijf een kort bericht (60 tot 80 woorden) aan een vriend of familielid waarin je voorstelt om dit weekend naar de dierentuin te gaan: zeg wat jullie willen zien, hoe laat jullie willen gaan en welk praktisch advies jullie gaan opvolgen. (AI+)

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Nuttige uitdrukkingen:

¿Te apetece ir este sábado? / Podemos quedar a las ___ en ___ . / Quiero ver sobre todo a las ___ . / Es mejor comprar la entrada online porque ___ .