Onregelmatige werkwoorden in de pretérito perfecto

Verbos irregulares en el pretérito perfecto


Algunos verbos que no cumplen con la regla general se llaman irregulares y su participio se forma de manera diferente.

(Sommige werkwoorden die niet aan de algemene regel voldoen, heten onregelmatig en hun voltooid deelwoord wordt op een andere manier gevormd.)

Pretérito perfecto: wanneer gebruik je het?

Gebruik de pretérito perfecto voor acties in een periode die nog loopt of die je als “nu relevant” ziet.

  • Vandaag, deze week, deze maand, tot nu toe
  • Ervaring of resultaat dat nu telt: Ik heb de documenten al ingeleverd (dus: ze liggen daar nu).
Signaalwoorden Typisch in het Spaans Voorbeeld
vandaag / deze week hoy, esta mañana, esta semana Esta semana he hecho los trámites.
al / nog niet ya, todavía no Todavía no he vuelto.

Vorm: haber + participio

De basis is altijd hetzelfde:

  • he / has / ha / hemos / habéis / han + participio
Persoon Vorm Mini-voorbeeld
yo he Yo he visto la lista.
has ¿Tú has hecho el trámite?
él/ella/usted ha El funcionario ha dicho
nosotros/as hemos Hemos puesto los documentos.
vosotros/as habéis Habéis escrito la solicitud.
ellos/ellas/ustedes han Han vuelto tarde.

Let op: na haber komt altijd het voltooid deelwoord, niet de infinitief en niet de verleden tijd.

  • He verHe visto
  • He viHe visto

Onregelmatige participio’s in dit hoofdstuk

Deze participio’s moet je als vaste vormen onthouden (zoals in het Nederlands: zien → gezien).

Infinitief Participio Handige associatie
decir dicho “gezegd”
escribir escrito “geschreven”
hacer hecho “gedaan/gemaakt”
poner puesto “gelegd/gezet”
ver visto “gezien”
volver vuelto “teruggekeerd”

Woordvolgorde: ya en todavía no

Deze twee geven vaak twijfel. Denk aan een vaste plek in de zin.

  • ya staat vaak tussen haber en het participio of ervoor:
    • Ya he puesto la solicitud.
    • He ya puesto la solicitud.
  • todavía no staat meestal voor het werkwoordblok:
    • Todavía no he vuelto de la cita.

Veelgemaakte fouten (en hoe je ze voorkomt)

  • Fout 1: participio “regulariseren”
    • hacidohecho
    • ponidopuesto
    • dicidodicho
  • Fout 2: de persoonsvorm vergeten
    • Ya visto la oficinaYa he visto la oficina.
  • Fout 3: verwarring met indefinido
    • Hoy vi (kan in Latijns-Amerika soms, maar in veel contexten) → vaak: Hoy he visto

Zelfcheck in 10 seconden

  1. Gaat het over vandaag/deze week/tot nu toe of is het nu relevant?
  2. Kies de juiste vorm van haber (he/has/ha/hemos…).
  3. Pak het juiste participio (check of het onregelmatig is: dicho, escrito, hecho, puesto, visto, vuelto).
  4. Klopt de plaats van ya / todavía no?

Als dit klopt, is je zin grammaticaal “af”.

Verbo (Werkwoord)Participio irregular (Onregelmatig voltooid deelwoord)Ejemplo (Voorbeeld)
DecirDicho (Gezegd)El funcionario me ha dicho que entregue todos los documentos. (De ambtenaar heeft mij gezegd dat ik alle documenten moet inleveren.)
EscribirEscrito (Geschreven)He escrito la solicitud para el permiso de trabajo. (Ik heb de aanvraag voor de werkvergunning geschreven.)
HacerHecho (Gedaan)¿Has hecho los trámites para la visa? (Heb je de procedures/papierwerk voor het visum gedaan?)
PonerPuesto (Neergelegd)He puesto la solicitud en el mostrador. (Ik heb de aanvraag op de balie neergelegd.)
VerVisto (Gezien)¿Has visto la oficina de seguridad social? (Heb je het kantoor van de sociale zekerheid gezien?)
VolverVuelto (Teruggekeerd)Todavía no he vuelto de la cita para la visa de trabajo. (Ik ben nog niet teruggekomen van de afspraak voor het werkvisum.)

 

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. ¿Has ____ ya el empadronamiento en el ayuntamiento?

Heb je je al ____ ingeschreven bij het gemeentehuis?

2. He ____ la solicitud del NIE en el mostrador de información.

Ik heb de aanvraag voor de NIE bij de informatiebalie ____.

3. El gestor me ha ____ que necesito el número de seguridad social para el permiso de trabajo.

De administrateur heeft me ____ dat ik het burgerservicenummer nodig heb voor de werkvergunning.

4. Hoy he ____ la lista de documentos para la visa de trabajo en la web de la región.

Vandaag heb ik de lijst met documenten voor het werkvisum op de website van de regio ____.

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste zin.

1.
Fout: "vi" is pretérito indefinido; in pretérito perfecto gebruik je "he" + voltooid deelwoord.
Fout: het voltooid deelwoord ontbreekt; na "he" moet het voltooid deelwoord "visto" komen.
2.
Fout: na "has" moet het voltooid deelwoord komen, niet de tegenwoordige tijd van het werkwoord.
Fout: onjuist voltooid deelwoord; het voltooid deelwoord van "hacer" is "hecho", niet "hacido".

Oefening 3: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen met de pretérito perfecto met het juiste onregelmatige voltooid deelwoord (bijv.: Vandaag vul ik het formulier in. → Vandaag heb ik het formulier ingevuld).

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. Esta mañana yo escribo la solicitud para el permiso de trabajo.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Esta mañana he escrito la solicitud para el permiso de trabajo.
    (Vanochtend heb ik de aanvraag voor de werkvergunning geschreven.)
  2. Hoy el funcionario me dice que traiga el pasaporte.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Hoy el funcionario me ha dicho que traiga el pasaporte.
    (Vandaag heeft de ambtenaar tegen mij gezegd dat ik het paspoort moet meenemen.)
  3. Esta semana nosotros hacemos los trámites para la tarjeta sanitaria.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Esta semana hemos hecho los trámites para la tarjeta sanitaria.
    (Deze week hebben wij de formaliteiten voor de zorgpas geregeld.)
  4. Ya yo pongo los documentos en el mostrador.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Ya he puesto los documentos en el mostrador.
    (Ik heb de documenten al op de balie gelegd.)

Oefening 4: Grammatica in actie

Instructie: Vertel in tweetallen wat jullie hebben gedaan en besluit de volgende stappen.

Vertaling tonen/verbergen
Situatie
Has ido al ayuntamiento para el NIE y te falta un documento.
(Je bent naar het gemeentehuis gegaan voor het NIE en je mist een document.)

Bespreek
  • ¿Qué trámites habéis hecho hoy y qué os han dicho en la ventanilla? (Welke procedures hebben jullie vandaag gedaan en wat hebben ze jullie bij het loket gezegd?)
  • ¿Qué documentos habéis entregado y cuáles faltan en la solicitud? (Welke documenten hebben jullie ingeleverd en welke ontbreken er in de aanvraag?)

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • He entregado la solicitud del NIE en el ayuntamiento. (Ik heb de aanvraag voor het NIE bij het gemeentehuis ingeleverd.)
  • Me han dicho que solicite una cita para el número de seguridad social. (Ze hebben me gezegd dat ik een afspraak moet maken voor het burgerservicenummer.)
  • He puesto mis datos del empadronamiento en la solicitud. (Ik heb mijn gegevens van de inschrijving in het bevolkingsregister in de aanvraag ingevuld.)

Gebruik in gesprek
  • he/has + participio irregular (dicho, hecho, puesto, visto, escrito, vuelto) (he/has + onregelmatig voltooid deelwoord (dicho, hecho, puesto, visto, escrito, vuelto))
  • ¿Qué te han dicho? / Me han dicho que… (Wat hebben ze je gezegd? / Ze hebben me gezegd dat…)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage