Leerás expresiones clave para expresar acciones puntuales y habituales en el pasado, como "ayer" (indefinido), "muchas veces" (imperfecto) y "de repente" (indefinido), para mejorar tu precisión temporal.
  1. We gebruiken ayer, de repente, el mes pasado met de onvoltooid verleden tijd.
  2. We gebruiken vaak, tijdens, eerder met de imperfectum.
  3. Al principio en al final markeren het begin of het einde.
Expresión (Uitdrukking)Tipo de pasado (Soort verleden tijd)Ejemplo (Voorbeeld)
Ayer (Gisteren)IndefinidoAyer visité la academia por primera vez.
Muchas veces (Vaak)ImperfectoMuchas veces leía en la biblioteca por la tarde.
De repente (Plotseling)IndefinidoDe repente cerró la puerta del aula.
Durante (Tijdens)ImperfectoEstudiaba durante toda la mañana para el examen.
El mes pasado (De vorige maand)IndefinidoEl mes pasado empecé un nuevo curso de máster.
Anteriormente (Eerder)ImperfectoAnteriormente, trabajaba como practicante en la academia.
Al principio (In het begin)IndefinidoAl principio entró sin decir nada.
Al final (Uiteindelijk)IndefinidoAl final presentó su proyecto al grupo.

 

Oefening 1: Expresiones con los tiempos del pasado: "Ayer", "De repente" , "El mes pasado" , etc...

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

Completé, tuvimos, Empezamos, soñaba, parecían, entró, prestaba, escribí

1. Entrar:
: De repente ... un profesor desconocido.
(Plotseling kwam er een onbekende leraar binnen.)
2. Empezar (nosotros):
: ... las prácticas hace tres semanas.
(We zijn drie weken geleden met de stage begonnen.)
3. Soñar (ella):
: Muchas veces ... con estudiar en el extranjero.
(Ik droomde vaak ervan om in het buitenland te studeren.)
4. Tener (nosotros):
: Ayer ... clase de literatura española.
(Gisteren hadden we Spaanse literatuurles.)
5. Prestar:
: Durante años, él ... libros en la biblioteca del colegio.
(Jarenlang leende hij boeken uit in de schoolbibliotheek.)
6. Parecer:
: Al principio del curso, todos ... nerviosos.
(Aan het begin van de cursus leken iedereen zenuwachtig.)
7. Completar (yo):
: ... el curso el mes pasado.
(Ik heb de cursus afgelopen maand afgerond.)
8. Escribir (yo):
: Ayer ... una carta para pedir la matrícula
(Gisteren schreef ik een brief om inschrijving aan te vragen)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de correcte zin die de temporele uitdrukkingen met verleden tijden juist gebruikt.

1.
Met 'gisteren' wordt de imperfecto noch uitdrukkingen van habitualiteit gebruikt.
Met 'gisteren' moet de pretérito indefinido gebruikt worden, niet de imperfecto.
2.
'Plotseling' duidt een punctuele handeling aan, niet een gewone gewoonte, daarom wordt imperfecto niet vaak gebruikt.
'Plotseling' vereist de pretérito indefinido, niet de imperfecto.
3.
'Eerder' duidt habitualiteit aan en wordt met imperfecto gebruikt, niet met pretérito indefinido.
De uitdrukking 'één keer' duidt een punctuele handeling aan en mag niet met imperfecto gebruikt worden.
4.
'Vorige maand' wordt niet gecombineerd met imperfecto noch met uitdrukkingen van habitualiteit.
Met 'vorige maand' wordt de pretérito indefinido gebruikt, niet de imperfecto.

Introductie tot de Uitdrukkingen met Verleden Tijden in het Spaans

Deze les behandelt belangrijke uitdrukkingen die vaak voorkomen bij het gebruik van de verleden tijd in het Spaans. Je leert hoe je woorden als "Ayer" (gisteren), "De repente" (plotseling) en "El mes pasado" (vorige maand) correct kunt gebruiken in combinatie met verschillende verleden tijden zoals het pretérito indefinido en het pretérito imperfecto.

Belangrijkste Uitdrukkingen en Hun Gebruiken

Type Verleden Tijd: Pretérito Indefinido

Deze tijd gebruik je voor specifieke en afgeronde handelingen in het verleden. Typische uitdrukkingen die je hierbij gebruikt zijn:

  • Ayer: Ayer visité la academia por primera vez.
  • De repente: De repente cerró la puerta del aula.
  • El mes pasado: El mes pasado empecé un nuevo curso de máster.
  • Al principio: Al principio entró sin decir nada.
  • Al final: Al final presentó su proyecto al grupo.

Type Verleden Tijd: Pretérito Imperfecto

Deze tijd gebruik je om gewoontes, herhaalde of onafgemaakte handelingen in het verleden te beschrijven. Veelvoorkomende uitdrukkingen die daarbij horen zijn:

  • Muchas veces: Muchas veces leía en la biblioteca por la tarde.
  • Durante: Estudiaba durante toda la mañana para el examen.
  • Anteriormente: Anteriormente, trabajaba como practicante en la academia.

Samenvatting van de Les

Met deze les leer je de juiste combinatie van tijdsaanduidingen en verleden tijden, wat essentieel is om duidelijk en natuurlijk Spaans te spreken en schrijven. De keuze tussen het indefinido en het imperfecto hangt af van of de handeling puntueel en afgerond was, of juist herhaald en onafgemaakt.

Verschillen tussen Nederlands en Spaans bij Verleden Tijden

In het Nederlands gebruiken we over het algemeen één verleden tijd voor het verleden, terwijl het Spaans onderscheid maakt tussen pretérito indefinido en pretérito imperfecto. Dit betekent dat je in het Spaans nauwkeuriger kunt aangeven of een actie afgerond is of juist een gewoonte was. Bijvoorbeeld:

  • Ayer correspondeert met "gisteren" en wordt altijd gecombineerd met het indefinido.
  • Durante betekent "tijdens" of "gedurende" en gaat meestal samen met een herhaalde of doorlopende actie, dus het imperfecto.
  • De repente betekent "plotseling" en impliceert een snelle, afgeronde actie, dus indefinido.

Een handige frase om te onthouden is: "Acciones puntuales usan indefinido, acciones habituales o en progreso usan imperfecto."

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage