Leerás a distinguir entre los intensificadores "mucho" y "muy" en español, usando ejemplos como "muy importante" para adjetivos y "gustar mucho" para verbos, y cómo "mucho" acompaña a sustantivos con variaciones de género y número.
  1. "Muy" gaat alleen samen met bijvoeglijke naamwoorden of bijwoorden.
  2. "Mucho" gaat alleen samen met werkwoorden of zelfstandige naamwoorden.
  3. "Mucho" antwoordt op de vraag "¿Cuánto/a/os/as?"; "muy" antwoordt op "¿Cómo?".
IntensificadorVa conEjemplo
MuyAdjetivos/adverbios (Adjectieven/bijwoorden)Es muy importante tener el carné de conducir. (Het is erg belangrijk om het rijbewijs te hebben.)
MuchoVerbos (Werkwoorden)Nos gusta mucho alquilar el coche cuando estamos en vacaciones.  (We huren erg graag een auto als we op vakantie zijn.)

Mucho/a/

Muchos/as

Sustantivos (zelfstandige naamwoorden)El coche nos da mucha flexibilidad. (De auto geeft ons veel flexibiliteit.)
Para el viaje necesitamos mucho equipamiento. (Voor de reis hebben we veel uitrusting nodig.)
Hay muchas devoluciones de los coches en esta tienda.  (Er zijn veel autoretouren in deze winkel.)
Ahora las empresas piden muchas cosas para alquilar el coche.  (Nu vragen de bedrijven veel dingen om de auto te huren.)

Uitzonderingen!

  1. "Mucho" staat altijd achter het werkwoord, maar altijd voor het zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: La empresa renta muchos coches.
  2. "Muy" gaat altijd voor het bijvoeglijk naamwoord of bijwoord. Voorbeeld: El coche está muy roto.

Oefening 1: La diferencia entre "Mucho" y "Muy"

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

muy, mucho, muchos, muchas

1.
Necesitas ... tiempo para rentar un coche.
(Je hebt veel tijd nodig om een auto te huren.)
2.
El coche alquilado está ... roto.
(De gehuurde auto is erg kapot.)
3.
Las rutas en bicicleta son ... fáciles de seguir.
(De fietsroutes zijn heel gemakkelijk te volgen.)
4.
Este coche es ...rápido.
(Deze auto is erg snel.)
5.
Ella ha conducido ... hoy.
(Ze heeft vandaag veel gereden.)
6.
Tengo ... dudas sobre el carné de conducir internacional.
(Ik heb veel twijfels over het internationale rijbewijs.)
7.
Ese depósito es ... alto para una bicicleta.
(Die aanbetaling is erg hoog voor een fiets.)
8.
Rento ... coches durante las vacaciones de verano.
(Ik huur veel auto's tijdens de zomervakantie.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste zin volgens het gebruik van "mucho" en "muy". Denk eraan dat "muy" wordt gebruikt met bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden, en "mucho" met werkwoorden en zelfstandige naamwoorden.

1.
Onjuist: "mucho" kan geen bijvoeglijk naamwoord wijzigen; "muy" moet worden gebruikt.
Verkeerde volgorde en verkeerd gebruik van "muy" na het bijvoeglijk naamwoord.
2.
"Muy" kan niet worden gebruikt om een werkwoord te versterken; "mucho" moet worden gebruikt.
"Mucho" moet na het werkwoord staan, niet voor het zelfstandig naamwoord "coches" hier.
3.
"Muchas" moet voor het zelfstandig naamwoord staan, niet erachter.
"Muy" wordt niet gebruikt met zelfstandige naamwoorden; "muchas" moet worden gebruikt.
4.
Onjuist: "mucho" mag niet gebruikt worden met bijvoeglijke naamwoorden; "muy" moet worden gebruikt.
Het bijwoord "mucho" staat op de verkeerde plaats; "muy" moet voor het bijvoeglijk naamwoord staan.

De verschillen tussen "Mucho" en "Muy"

In deze les leer je het correcte gebruik van de Spaanse intensivers "mucho" en "muy". Hoewel ze beide uitdrukkingen van hoeveelheid of intensiteit zijn, worden ze in verschillende contexten en met verschillende woordsoorten gebruikt.

Gebruik en voorbeelden

  • Muy wordt gebruikt voor bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden. Het versterkt de betekenis van deze woorden. Voorbeeld: Es muy importante tener el carné de conducir.
  • Mucho wordt gebruikt bij werkwoorden en zelfstandige naamwoorden.

Bij werkwoorden:

“Mucho” staat meestal achter het werkwoord om aan te geven hoeveel van de actie wordt uitgevoerd. Bijvoorbeeld: Nos gusta mucho alquilar el coche cuando estamos en vacaciones.

Bij zelfstandige naamwoorden:

“Mucho” past zich aan in geslacht en aantal aan en staat voor het zelfstandig naamwoord om hoeveelheid uit te drukken. Bijvoorbeeld:
El coche nos da mucha flexibilidad.
Hay muchas devoluciones de los coches en esta tienda.

Verschillen in vraagwoorden

  • Mucho beantwoordt de vraag ¿Cuánto/a/os/as? (Hoeveel?).
  • Muy beantwoordt de vraag ¿Cómo? (Hoe?).

Positie van "muy" en "mucho"

Muy staat altijd vóór het bijvoeglijk naamwoord of bijwoord:
El coche está muy roto.

Mucho staat achter het werkwoord:
Me gusta mucho viajar.
en voor het zelfstandig naamwoord:
La empresa renta muchos coches.

Praktische tips voor Nederlandse sprekers

In het Nederlands gebruiken we vaak het woord "erg" of "heel" om intensiteit aan te geven, vergelijkbaar met "muy" in het Spaans. Bijvoorbeeld: Het is erg belangrijk komt overeen met Es muy importante.

De term "mucho" vertaal je vaak met "veel" en die hoort bij werkwoorden en zelfstandige naamwoorden, net als in het Spaans. Bijvoorbeeld: Ik houd veel van reizen = Me gusta mucho viajar. Let erop dat de woordvolgorde in het Spaans iets anders is dan in het Nederlands.

Belangrijke uitdrukkingen om te onthouden:

  • Muy + adjectief / bijwoord: muy bueno (erg goed), muy rápido (erg snel)
  • Mucho + zelfstandig naamwoord: muchas casas (veel huizen), mucho trabajo (veel werk)
  • Mucho + werkwoord (achter het werkwoord): trabajo mucho (ik werk veel), viajamos mucho (we reizen veel)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage