Leerás a usar las preposiciones "por" (causa, medio, duración) y "para" (finalidad, destinatario, dirección) con ejemplos útiles como "por Internet" y "para el aeropuerto".
  1. "Por" kan oorzaak, motief, reden en duur van een actie uitdrukken.
  2. "Para" kan de bedoeling, het doel of de strekking van een handeling uitdrukken; het geeft de ontvanger en de richting naar een bestemming aan.
Preposición (Voorzetsel)Uso (Gebruik)Ejemplo (Voorbeeld)
PorCausa (Oorzaak)Hemos cancelado la excursión por el mal tiempo. (We hebben de excursie geannuleerd vanwege het slechte weer.)
Medio (Middel)Hemos reservado el vuelo por Internet. (We hebben de vlucht via internet geboekt.)
Duración (Duur)Hemos viajado por dos semanas a España. (We hebben voor twee weken naar Spanje gereisd.)
ParaFinalidad (Doel)He llamado a la agencia para comprar un billete. (Ik heb het bureau gebeld om een kaartje te kopen.)
Destinatario (Ontvanger)Este mapa ha sido para los turistas. (Deze kaart is voor de toeristen gemaakt.)
Dirección (adres)El autobús ha salido para el aeropuerto a las 8 AM. (De bus is naar het vliegveld vertrokken om 8 uur 's ochtends.)

Oefening 1: Las preposiciones "Por" y "Para"

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

por, para

1.
Este mapa es ... el guía turístico.
(Deze kaart is voor de reisleider.)
2.
Han cancelado la reserva ... problemas técnicos.
(Ze hebben de reservering geannuleerd vanwege technische problemen.)
3.
He comprado un billete ... viajar mañana.
(Ik heb een ticket gekocht om morgen te reizen.)
4.
Han cancelado la excursión ... la lluvia.
(Ze hebben de excursie geannuleerd vanwege de regen.)
5.
Vamos a Madrid ... el trabajo.
(We gaan naar Madrid voor het werk.)
6.
Tengo planes ... viajar a París el próximo mes.
(Ik heb plannen om volgende maand naar Parijs te reizen.)
7.
El servicio está cancelado ... todos los turistas mañana.
(De service is geannuleerd voor alle toeristen morgen.)
8.
Vamos ... la oficina de turismo a preguntar sobre las excursiones.
(Laten we naar het VVV-kantoor gaan om te informeren naar de excursies.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste zin die correct het voorzetsel "por" of "para" gebruikt in elk geval.

1.
"Para" is hier niet correct, omdat het de bedoeling of ontvanger aangeeft, niet het middel.
Het lidwoord "el" wordt niet gebruikt met "Internet" in deze context; de correcte vorm is zonder lidwoord.
2.
"Para" moet niet gevolgd worden door "en" om een bestemming uit te drukken.
"Por" geeft een route of reden aan, geen bestemming, daarom is het onjuist in deze zin.
3.
Je moet "para" niet gebruiken gevolgd door "a" wanneer het de ontvanger aangeeft.
"Por" drukt oorzaak of reden uit, niet de ontvanger, daarom is het onjuist hier.
4.
De uitdrukking "a por" is niet correct in standaard Spaans en heeft hier geen betekenis.
"Para" geeft geen duur of route aan; het is onjuist in deze context.

Les: De voorzetsels "Por" en "Para" in het Spaans

In deze les leer je het verschil tussen de Spaanse voorzetsels "por" en "para". Beide voorzetsels geven relaties aan tussen delen van een zin, maar worden in verschillende contexten gebruikt. Ze zijn essentieel voor het correct uitdrukken van oorzaken, doeleinden, tijdsduur, bestemmingen en meer.

Gebruik van "Por"

  • Reden of oorzaak: Bijvoorbeeld in "Hemos cancelado la excursión por el mal tiempo." Dit drukt uit waarom iets gebeurt.
  • Medium of manier: Zoals in "Hemos reservado el vuelo por Internet." Dit betekent via of door middel van iets.
  • Duur van een actie: Zoals in "Hemos viajado por dos semanas a España." Dit geeft aan hoe lang iets duurt.

Gebruik van "Para"

  • Doel of bedoeling: Bijvoorbeeld "He llamado a la agencia para comprar un billete." Dit geeft het doel van een actie aan.
  • Ontvanger: Bijvoorbeeld "Este mapa ha sido para los turistas." Dit benoemt voor wie iets bestemd is.
  • Bestemming of richting: Zoals in "El autobús ha salido para el aeropuerto a las 8 AM." Dit wijst naar een eindbestemming.

Belangrijke opmerkingen over verschillen tussen Nederlands en Spaans

In het Spaans zijn "por" en "para" kleine woorden met een grote betekenis, terwijl het Nederlands vaak met verschillende voorzetsels werkt afhankelijk van de situatie (zoals "om", "voor", "door"). Let vooral op dat "por" gebruikt wordt voor oorzaken en duur, waar in het Nederlands vaak "om" kan staan, en "para" vooral als richting of doel, wat in het Nederlands vaak met "voor" of "naar" wordt vertaald.

Handige Spaanse uitdrukkingen met hun Nederlandse equivalenten

  • Por la mañana – 's ochtends (duurtijd/dagdeel)
  • Para ti – Voor jou (ontvanger)
  • Salir para casa – Naar huis vertrekken (bestemming)
  • Gracias por todo – Bedankt voor alles (oorzaak/redenen)
  • Lo hice para ayudarte – Ik heb het gedaan om je te helpen (doel)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage